Afrika en voetbalneokolonialisme

Er kan geen twijfel over bestaan dat het continent Europa de grote winnaar is van het WK 2018, de vroege uitschakeling van favorieten als Duitsland, Spanje en Portugal ten spijt. Brazilië was het enige land van buiten Europa dat het tot de kwartfinale wist te schoppen, maar bij de halve finale was het mondiale toernooi gereduceerd tot een Pan-Europese aangelegenheid. Hiermee kan geconcludeerd worden dat ‘de revolutie’ gestrand is.

In de jaren ’90 dachten verschillende voetbalexperts dat met name Afrikaanse landen aansluiting zouden vinden bij de wereldtop. Met name nadat Kameroen in 1990 de wereld verraste door de kwartfinale te bereiken van de mondial. Men begon te beseffen dat er meer Afrikaanse landen waren die loerden, zoals Ghana en Nigeria welken (potentiële) wereldsterren op de been konden brengen. Zeker op jeugdwk’s en de Olympische Spelen kwam Afrika goed uit de verf. Bovendien kwamen steeds meer Afrikaanse voetballers op de loonlijst te staan van Europese topclubs. George Weah werd zelfs tot beste speler ter wereld verkozen. De revolutie leek slechts een kwestie van tijd. Pelé schijnt eens zelfs gezegd te hebben dat voor het jaar 2000 een Afrikaans land wk-goud zou veroveren. Doch inmiddels lijkt deze maal de revolutie uit te gaan als een nachtkaars…

De eerste sportieve revolutie in het mondiale voetbal vond in de jaren ’20 plaats, toen Uruguay het podium bestormde. Voetbal was indertijd nog een behoorlijk elitaire sport. De selecties werden gedomineerd door mensen uit de (hogere) middenklasse. Uruguay keek echter minder naar de sociaal-economische en etnische achtergrond van spelers en meer naar talent. Hierdoor kreeg talent aldaar een kans dat in andere landen straal genegeerd zou zijn geweest. Zodoende kon de Zwarte voetballer José Andrade tot de eerste wereldster uitgroeien (Andrade is nu vergeten door het grote publiek, maar heeft volgens sporthistorici meer dan wie ook van voetbal een wereldsport gemaakt). Daarnaast, Uruguay benaderde het voetbal professioneel (gespecialiseerde trainers, arts bij de ploeg voor blessures, trainingskampen, etc.). Deze benadering legde Uruguay absoluut geen windeieren, want het land greep niet alleen van het ene op het andere moment de macht in het mondiale voetbal maar heerste ook nog eens jarenlang.

Na de Tweede Wereldoorlog zorgde een ander Zuid-Amerikaans land voor een nieuwe revolutie in het voetbal. In een tijd dat veel landen zich los aan het worstelen waren van het kolonialisme domineerde ex-kolonie Brazilië het wereldvoetbal. Brazilië bracht sterren van kleur in de wei die buitenaards goed waren en sportief afrekenden met de teams uit het continent van de koloniale mogendheden. Brazilië won aldus een surrogaatoorlog tegen het kolonialisme. Mede hierdoor werd Brazilië de grote kampioen van de dekoloniserende landen. Los daarvan werd Brazilië de favoriet van voetballiefhebbers over de ganse wereld vanwege de grote schoonheid van het spel dat het op de mat legde.

Maar de voetbalwereld lijkt zich de laatste jaren dusdanig ontwikkeld te hebben dat Afrikaanse landen de definitieve aansluiting schijnbaar niet kunnen maken. Ironisch genoeg draagt Afrika daar zelf fanatiek aan bij. De matige prestaties van Afrikaanse ploegen in de intercontinentale spotlights ten spijt is en blijft voetbal ongekend populair in Afrika. Wellicht is het wel populairder dan ooit. Probleem alleen is dat Afrikanen steeds minder voor lokale teams kraken en steeds meer voor Europese teams, in het bijzonder ploegen uit de Engelse Premier League. Dankzij de vele miljoenen fans over de gehele wereld genereert de Premier League miljarden aan revenuen. Niet slechts voor de Premier League clubs, maar voor Groot-Brittannië in het algemeen. De PM betaalde in 2015 £2,4 miljard aan belasting en bezorgde 103.354 mensen in het VK banen. Allemaal dankzij ‘ontwikkelingshulp’ uit onder meer Afrika.

Omdat de voetbalfans in Afrika, Azië en Zuid-Amerika hun hart verknocht hebben aan de Premier League en hun centjes daaraan spenderen ten koste van de lokale competities kan het plaatselijke voetbal zich blijkbaar moeilijk ontwikkelen. Tevens wordt het een kip en het ei verhaal. Want de fans zullen op hun beurt weer tegenwerpen dat ze het voetbal om de hoek links laten liggen omdat het niveau om te huilen is. Omdat topvoetbal steeds meer op één plek geconcentreerd wordt, gaan er ook talloze beloftes verloren. Een bekend Nederlands voetbalicoon trok een aantal jaren geleden aan de bel dat scouts vliegtuigladingen talentjes uit Afrika in Europa droppen, maar dat de meesten van die jongens het nooit zullen redden, o.a. door aanpassingsproblemen. Als die voetballertjes vervolgens mislukken wordt er vaak niet meer naar ze omgekeken. Verschillende van ze zijn daardoor op straat beland. Oftewel hoe Afrika prooi werd van het voetbalneokolonialisme.

In een welvarend land als Nederland wordt al steen en been geklaagd dat men economisch onmogelijk kan opboksen tegen de Premier League en dat veel talent verloren gaat omdat ze op te jeugdige leeftijd vertrekken. Dus men kan zich voorstellen wat voor verschrikkelijk effect het voetbalneokolonialisme op Afrika zal hebben. Een belangrijk verschil met de geslaagde sportieve revoluties in het mondiale voetbal is dat de beste spelers op hun eigen continent konden blijven spelen. Want er waren ter plekke structuren die het talent konden opsporen, opvangen en ontwikkelen tot op het hoogste niveau. Andrade en Pelé hebben nimmer voor Europese clubs gespeeld. Het lijkt er dus echt op dat hoe rijker de Premier League wordt, hoe meer het Afrikaans voetbal verschaalt en hoe moeilijker het gaat worden om aansluiting te vinden bij de wereldtop. So much fort he world cup football.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

De mythe van de 4e juli

4 juli wordt als vanouds groots gevierd in de VS. Want het is de bevrijdingsdag der bevrijdingsdagen. Op die dag wordt gevierd dat de witte Noord-Amerikaanse kolonisten zichzelf onafhankelijk verklaarden van het Britse imperium. De witte Amerikanen zien hun afscheiding van het Britse imperium niet slechts als een zege voor zichzelf maar zeer onbescheiden als een grote zege voor de vrijheid van de mensheid in het algemeen. Omdat het de geboorte betekend zou hebben van het grootste land dat ooit bestaan heeft, de ultieme kampioen van de democratie en mensenrechten en dus het te volgen model voor de rest van de wereld. Maar is dit feitelijkheid of fictie?

We kunnen nl. een vergelijkend warenonderzoek doen. Er is nl. ook een deel van Noord-Amerika dat gewoon onderdeel bleef van het Britse imperium. Uitgerekend dat deel is voor de gemiddelde burger een veel beter land om te vertoeven dan het zichzelf op de borst kloppende VS. Want Canada heeft een beter onderhouden infrastructuur, gratis gezondheidszorg, gemiddeld beter onderwijs en kent relatief minder armoede. Dit soort feiten plaatsen de feestelijkheden op de 4e juli toch in een ander perspectief.

Historici als Gerald Horne hebben erop gewezen dat de vrijheidsstrijd waar de Yankees zo apetrots op zijn de nodige morele haken en ogen kent. Het begint al met het gegeven dat het motief voor de strijd discutabel was. De economie van de 13 koloniën draaide namelijk op de slavernij. Grof gezegd exploiteerden de kolonisten in de zuidelijke koloniën de arbeid van slaafgemaakten uit Afrika en verdienden de noordelingen hun brood middels de slavenhandel. Linksom of rechtsom, de transatlantische slavernij was uitermate belangrijk voor de 13 aan de oostkust van Noord-Amerika.

Wat de Noord-Amerikaanse slavenhandelaars een boost gaf was de Glorieuze revolutie van 1688, toen het ondergrondse Venetiaanse imperium de Engelse koning Charles II afzette en verving door de Nederlandse heerser Willem van Oranje III. Voor de slavenhandelaren van het Britse imperium was dit fantastisch, want zij kregen waar zij jarenlang voor gelobbyd hadden: vrije handel in slaafgemaakte Afrikanen. De Royal African Company en de koning raakten hun monopolie op de handel in slaafgemaakte Afrikanen kwijt. De Britse koloniën in het Caribisch gebied werden voor een belangrijk deel voorzien van slaafgemakten door Noord-Amerikaanse kolonisten. Daarnaast verkasten vele slavenhouders van het Caribisch gebied naar Noord-Amerika om aldaar hun activiteiten voort te zetten. Waarom? Menig slavenhouder begon voor zijn leven te vrezen door de talrijke slavenopstanden in het Caribisch gebied en meende dat Noord-Amerika een veiliger oord was voor de uitoefening van zijn metier.

Aangezien de slavernij de kurk was waarop de economie van de 13 draaide was de verbijstering aldaar groot toen de rechter op 22 juni 1772 middels het Somerset arrest bepaalde dat de slavernij illegaal was in Engeland. Let wel, de rechter had geen woord gerept over de slavernij in de koloniën. Maar betreffende vonk bleek uiteindelijk voldoende om de 13 te doen ontploffen en zich op 4 juli 1776 onafhankelijk te verklaren van Groot-Brittannië. Dit is een belangrijke reden voor de onafhankelijkheidsstrijd van de VS die nationalistische Amerikaanse historici doelbewust over het hoofd zien om een nationale mythe te preserveren. Natuurlijk waren er meer redenen, maar in feite waren al die andere redenen direct en indirect allemaal gerelateerd aan de slavernij, al was het maar omdat de slavernij de kurk was waarop de economie van de 13 draaide. De historici van het Amerikaanse establishment zullen ter verdediging het grijsgedraaide cliché uit de kast halen dat men er toen anders over dacht. Maar het feit dat je er banale gedachtes op nahield kan maken dat je aan de verkeerde kant van de geschiedenis staat.

Zwart Amerika begreep ook wat er speelde en koos daarom partij. Er vochten zeker ook Zwarte Amerikanen mee aan de zijde van de kolonisten, maar de meesten verleenden hun diensten aan de Britten. Ze zagen het als hun weg naar bevrijding van en wraak op hun gehate onderdrukkers. Nadat de 13 toch onafhankelijk werden in 1783 vergaten de kolonisten echter niet hoe Zwart Amerika de Britten had gesteund, en begon Zwart Amerika te zien als een vijfde kolonne binnen de landsgrenzen.

Onafhankelijkheid was uitstekend voor de Noord-Amerikaanse slavenhouders en slavenhandelaren omdat ze geen belasting meer hoefden af te dragen aan de Britten en bevrijd leken van vrees voor Somerset arresten. Wat voor baat heeft Zwart Amerika gehad bij 4 juli 1776? De grote abolutionist Frederick Douglass wees er in een memorabele lezing gehouden op 5 juli 1852 reeds op dat er voor het geknechte Zwart Amerika helemaal niets te vieren valt op de 4e dag van juli. Stel voor dat de VS onderdeel was gebleven van het Britse imperium, dan was de slavernij voor Zwart Amerika niet pas afgeschaft in 1865 doch reeds in 1834. Desalniettemin zet menig Zwarte Amerikaan op 4 juli traditioneel de bloemetjes uitgebreid buiten. Maar wat vieren ze dan precies? Dat hun voorouders ruim dertig jaar langer dan noodzakelijk onder het juk van de slavernij geleden hebben? Jim Crow segregatie? De lynchpartijen van de KKK? Het is net zoiets dat België het Ardenneroffensief gaat vieren of Nederland de slag bij Arnhem. Eigenlijk betekende de onafhankelijkheid van de VS in 1783 de ultieme catastrofe voor Zwart Amerika en zou om die reden niet gevierd maar herdacht moeten worden eensgelijk 4 mei in het teken staat van herdenking in Nederland.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

De erfenis van Joe Louis

Onlangs was het tachtig jaar geleden dat Joe Louis voor de tweede maal bokste tegen de door de nazi’s tot held verheven prijsvechter Max Schmeling. De politiek meest beladen bokswedstrijd uit de geschiedenis. Omdat de Tweede Wereldoorlog op uitbreken stond en met name de nazi’s het gevecht aangrepen voor propaganda doeleinden.

Joe Louis werd volgens de burgerlijke stand op 13 mei 1914 geboren als Joseph Louis Barrow in Lafayette, Alabama, maar verhuisde later naar Detroit. Op school ging het echter moeizaam. Hij bezocht een technische middelbare school om meubelmaker te worden, maar dat werd geen succes. Om zijn familie financieel bij te staan ging hij ijsblokken bezorgen. Vaak moest hij verschillende verdiepingen de trap op met zware ijsblokken. Naar eigen zeggen had hij daaraan zijn gespierde lichaam te danken.

Ondertussen begon Joe tot ongenoegen van zijn moeder te hangen met een jeugdbende. Om hem van de straat te houden en te kijken of er voor hem wellicht een carrière als muzikant in zat gaf zijn moeder hem geld voor vioolles. Joe ging inderdaad op les, maar op aandringen van een vriend besteedde hij het geld van zijn moeder niet aan vioolles maar aan boksles.

Alhoewel zijn familienaam Barrow was vocht Joe onder de naam Joe Louis, zodat zijn moeder er niet achter kwam dat hij zijn vioollesgeld ‘verkwanselde’ aan boksles. Na een moeizame start groeide Joe Louis toch uit tot een uitermate succesvolle amateurbokser, waardoor de bokspromoters voor hem in de rij stonden. Maar hij koos voor de Zwarte promoter John Roxborough.

Dat hield tevens in dat Joe Louis tegen het nadrukkelijke advies van zijn vrienden zekerheid (een baan in de autofabriek van Ford) verruilde voor het onzekere bestaan van een Zwarte profbokser. Daar viel wat voor te zeggen, want door racisme konden de carrières van verschillende Zwarte topboksers niet tot volle wasdom komen. Een triest voorbeeld was Harry Willis, een absolute topbokser die nooit de kans kreeg op een titelgevecht tegen wereldkampioen Jack Dempsey.

Desalniettemin spoedde profbokser Joe Louis als een komeet naar de top, als geen bokser voor hem. Doch goed boksen alleen was voor een Zwarte bokser niet voldoende om wereldkampioen te worden. Hij moest eveneens onkreukbaar zijn in de ogen van het witte publiek. Om die reden verbood zijn management hem zich in te laten met witte vrouwen, publiekelijk de show te stelen met zaken als mooie kleren en dure auto’s, nimmer zijn (witte) opponenten verbaal te vernederen en immer bescheiden te blijven.

Joe Louis werd de held van Zwart Amerika toen hij op 25 juni 1935, ten tijde van de Italiaanse invasie van Ethiopië, de reuzachtige Italiaanse ex-wereldkampioen Primo Carnera versloeg. Zo bleef Louis’ carrière doordenderen als een dieseltrein. Door zijn ongekende successen werd Joe Louis als onverslaanbaar beschouwd. De schok was dan ook groot toen hij op 19 juni 1936 in de twaalfde ronde knockout werd geslagen door de voormalige Duitse wereldkampioen Max Schmeling. Dit werd als een ramp beschouwd door Louis en zijn fans. In principe had Schmeling nu de kans moeten krijgen op een titelgevecht. Mocht Schmeling dat titelgevecht vervolgens gewonnen hebben dan waren de kansen op een wereldtitel voor Louis verkeken, want de nazi’s zouden een Zwarte man sowieso nooit een titelgevecht hebben gegund, of sterker nog, waarschijnlijk geen enkele niet-Duitser.

Echter, onmiddellijk na het verlies tegen Schmeling pakte Louis de draad weer op en won in korte tijd zes gevechten tegen gerenomeerde tegenstanders. Zodoende kon Louis tot grote vreugde van Zwarte Amerika op 22 juni 1937 de eerste Zwarte zwaargewicht wereldkampioen worden in twintig jaar ten koste van James Braddock. Het psychologische effect dat die overwinning op het zwaar onder racisme en de crisis lijdende Zwart Amerika had, kan moeilijk overschat worden: een Zwarte man had het onmogelijke gepresteerd door de meest prestigieuze sporttitel die er bestond op te eisen!

Precies een jaar na het veroveren van de wereldtitel vond de re-match tegen Schmeling plaats op. Schmeling was zelf geen nazi, maar hij werd wel door de nazi’s gebruikt als propaganda-instrument. Als sport ooit een surrogaat wereldoorlog is geweest, dan was dat wel op 22 juni 1938. Louis had zich deze maal wel goed voorbereid op Schmeling, en schopte het als eerste Zwarte Amerikaan tot nationale held nadat hij Schmeling in de eerste ronde krijzend van de pijn knockout tegen het canvas sloeg in een uitverkocht Yankee stadium. Daarmee deelde hij namens de VS de eerste psychologische dreun uit in de op handen zijnde Tweede wereldoorlog tegen de übermensch.

Joe Louis is volgens menigeen nog altijd de beste vuistvechter ooit. Hij bleef twaalf jaar wereldkampioen (tot op de dag van vandaag een record) en verdedigde zijn titel 25 maal. Ondanks het vele geld dat hij verdiende raakte hij financieel aan de grond waardoor hij op latere leeftijd een comeback moest maken en vernederd kon worden door het nieuwe boksfenomeen Rocky Marciano. Joe Louis zou nooit meer genoeg verdienen om zijn schulden te kunnen aflossen en leefde van de liefdadigheid van familie en vrienden. Eén van die vrienden was voormalig rivaal Max Schmeling. Toen Joe Louis in 1981 overleed heeft Schmeling zelfs de buidel getrokken om voor diens uitvaart te betalen. Waar zijn illusture voorganger Jack Johnson met zijn uitdagende gedrag kansen voor zichzelf schepte maar de deur dicht sloeg voor andere Zwarte topsporters, kan gesteld worden dat Joe Louis echt deuren heeft geopend.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Was Cleopatra Zwart? (3)

Eerder hebben wij de etniciteit van Cleopatra bediscussieerd. Wat is het geval? Er is een reactie gekomen uit de hoek van het eurocentrische establishment. Want Historisch Nieuwsblad is inmiddels eveneens met een artikel gekomen met de opvallend gelijkende kop “Waren Cleopatra en Nefertiti zwart?”. Uit betreffend artikel valt af te leiden dat Historisch Nieuwsblad zichzelf vooral ziet als poortwachter van het eurocentrisme. De redacteuren van HN hadden geluiden opgevangen dat na het historische optreden van Beyoncé te Coachella het idee populairder was geworden dat beroemde Egyptische koninginnen als Cleopatra en Nefertiti Zwart waren, of meer in het algemeen, dat de Egyptische beschaving een Zwarte Afrikaanse beschaving was. Zo is de Zwarte Vlaamse schrijfster Melat G. Nigussie op npo radio 1 te horen geweest waarin ze wereldster Beyoncé prees voor het publiekelijk refereren aan de geschiedenis van de Zwarte mens, zoals de HBCU’s (Historically Black Colleges and Universities), die heel belangrijk zijn geweest voor de ontwikkeling van Zwart Amerika, doch evenzo beroemde Egyptische koninginnen als Cleopatra en Nefertiti. Waarbij ze tevens het whitewashen van de Egyptische geschiedenis door Hollywood laakte. Het kon niet anders dan dat de statements van Nigussie het eurocentrische establishment woedend zou maken.

Historisch Nieuwsblad haalde ene Anton van Hooff van stal om te backfiren. Geen hoor en wederhoor om op zijn minst de schijn hoog te houden dat de objectiviteit bewaakt wordt, neen. Slechts het woord van Van Hooff. Want blijkbaar is iets waar omdat van Hooff het beweert. Op grond van welke merites de goden vertoevend bij de berg Olympus het woord van Van Hooff dusdanig gezegend hebben dat het geopenbaarde evangelie is is echter niet helemaal helder. Wij identificeerden in ieder geval helemaal niets goddelijks aan het betoog van Van Hooff. Van Hooff is gewoon een Nederlandse oudhistoricus die deelt in de malaise van het heersende eurocentrische paradigma. Oftewel, hij reproduceert schaamteloos de standaard eurocentrische schijnargumenten van mevrouw Lefkowitz en consorten die al decennia geleden gerazeerd zijn.

Van Hooff: “Waarschijnlijk gaan Beyoncés verwijzingen terug op de “theorie” van Black Athena, die in de jaren negentig in de VS opgang maakte. Die wordt nu beschouwd als een moderne mythe om het gekleurde volksdeel aan historisch zelfbewustzijn te helpen: de klassieke cultuur zou haar wortels in Afrika hebben.” Ten eerste heeft Martin Bernal (de witte auteur van de boekenreeks Black Athena), nimmer gepropageerd dat Cleopatra en Nefertiti Zwart waren, ten tweede hadden Zwarte geleerden decennia voor Bernal reeds aangetoond dat de Griekse cultuur haar wortels had in Afrika (is het niet uitermate eurocentrisch om een verworvenheid van Zwarte geleerden toe te kennen aan een witte man?). Ten derde, Bernal was voornamelijk geïnteresseerd in een semitische oorsprong van de Griekse beschaving. Van Hooff heeft evident de klok horen luiden, maar hij weet niet waar de klepel hangt.

Verder debiteert van Hooff het volgende: “Bovendien werd Egypte zeker niet beheerst door negroïde mensen. Die werden als verslagen vijanden en slaven afgebeeld.” Dat is exact hetzelfde lefkocentristische schijnargument waar eerder Boter en Flinterman zich op beroept hebben. Maar daaruit blijkt tevens dat onze zelfgenoegzame classici compleet onwetend zijn van de Egyptische kunstuitingen die te bewonderen zijn in musea over de hele wereld. Ze hadden anders wel in overweging genomen dat er genoeg Egyptische afbeeldingen te bewonderen zijn van Zwarte goden en hoogwaardigheidsbekleders. Dus wie denken ze voor de mal te houden? En wat te denken van al die Indo-Europeanen en West-Aziaten die de Egyptenaren als verslagen vijanden en slaafgemaakten afbeeldden?

Over Nefertiti zegt van Hooff: “Het bekende borstbeeld van Nefertiti in Berlijn toont zeker geen vertegenwoordigster van de zwarte Afrikaanse bevolking.” Wat van Hooff verzwijgt is dat Nefertiti op de tempelmuren afgebeeld is met typische Afrikaanse gelaatstrekken, en dat er hele goede redenen zijn om te twijfelen aan de authenticiteit van de Berlijn buste. Kunstexperts hebben sterke argumenten naar voren gebracht waaruit op te maken valt dat de Berlijn buste niet authentiek is: het beeld is niet in de antieke Egyptische stijl gemaakt, maar in 19e eeuwse Europese stijl.

Van Cleoptra durft van Hooff nog steeds met droge ogen te beweren dat ze een ‘raszuivere’ Macedonische was. Daarmee compleet voorbijgaand aan het gegeven dat onbekend is wie haar grootmoeder aan vaderskant was en haar moeder. Zelfs Lefkowitz herself heeft moeten toegeven dat de grootmoeder van Cleopatra niet bekend is. Eurocentristen proberen hun publiek altijd wijs te maken dat hun antagonisten zich niet aan de feiten houden, en dat zij de vakliteratuur niet bijhouden en daarom onmogelijk serieus te nemen zijn. Dus hoe dan? Denkt van Hooff soms dat al zijn lezers zich net zo slecht ingelezen hebben als hijzelf, en dat iedereen alles wat hij beweert voor zoete koek slikt als hij er maar bij vermeld wordt dat hij oudhistoricus is? Bovenal, van Hooff refereert ook naar de Habsburgers, hetgeen sterk suggereert dat hij ons eerdere essay over Cleopatra wel degelijk gelezen heeft. Waardoor het des te treuriger is dat hij al de argumenten die daarin naar voren zijn gebracht straal negeert.

Historisch Nieuwsblad had in deze net zo goed professor Boter of dr. Flinterman kunnen citeren. Over het boterzachte en flinterdunne lefkocentrisme van beide sofisten hebben we inmiddels letterlijk een boekje opengedaan, maar blijkbaar zijn de Nederlandse classici verwisselbaar: ze hebben ogenschijnlijk allemaal dezelfde rijtjes uit het hoofd geleerd die ze oplepelen als een schoolkind dat zojuist de tafel van 7 heeft geleerd.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Doorbraak in Singapore?


De Donald had onlangs een amicale ontmoeting met zijn eens gezworen aartsvijand Kim Jong Un. Dat leek een aantal maanden geleden volstrekt ondenkbaar. Mondiaal gezichtsbepalende politici als Trump en Un verlaagden zich beiden en public tot ordinaire schoolpleinscheldpartijen. Aangezien beide ‘schooljongens’ de beschikking hadden over kernwapens hield de wereld de adem in. Een kernoorlog leek nog nooit zo dichtbij geweest sinds de koude oorlog.

Inmiddels lijkt de relatie tussen de VS en Noord-Korea warmer te zijn dan ooit. Dit wordt door bepaalde fans van Trump gezien als bewijs dat hun man dan toch echt het paard van Troje in het Witte Huis is dat de gevreesde new world order van binnenuit bestrijdt. Zeker gezien het gegeven dat hij vlak voor zijn ontmoeting met Un nog de globalisten van de G-7 schoffeerde. Dit alles zou ten overvloede bewijzen dat Trump in tegenstelling tot de andere G-7 leiders geen lid is van de illuminati (duistere organisatie dat streeft naar één tiranieke wereldregering) en zijn eigen plan trekt.

Te meer ook omdat Trump’s toenadering bepaald niet goed schijnt te zijn gevallen bij bepaalde neocons om hem heen. Zo heeft Trump toegegeven aan de harde eis van Un om te stoppen met de jaarlijkse grootschalige militaire oefening samen met het Zuid-Koreaanse leger waarbij een invasie van Noord-Korea wordt gesimuleerd. Dat belangrijke diplomatieke succes van Un deed inderdaad de wenkbrauwen fronzen in bepaalde bellicose kringen gelieerd aan Washington en Seoul.

Anderzijds, over het algemeen wordt getwijfeld aan de waarde van het document dat Trump en Un ondertekend hebben. Volgens Trump was het een alomvattend verdrag. Pundits spraken dat onmiddellijk tegen en hernoemden het een gezamenlijke verklaring. Er is nl. nog helemaal niets concreets. Daarnaast, wie heeft wie gefopt? Heeft Un een bepaalde concessie afgedwongen van Trump om vervolgens gewoon door te gaan met het ontwikkelen van kernwapens, of zweert Un daadwerkelijk zijn kernwapens af om vervolgens te eindigen als Saddam Hoessein en Khadafi? Te meer omdat Un niets wezenlijks heeft afgedwongen, want de sancties blijven onverminderd van kracht.

Want het is zeer de vraag of Noord-Korea zich wel kan verdedigen tegen een Anglo-Amerikaanse invasie zonder kernwapens. Het zou niet de eerste keer zijn dat de VS een verdrag verscheurde. Dat zit in het DNA van het land, daar kunnen de oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika over meepraten. Zij kwamen tot de conclusie dat de witte man sprak met een gespleten tong: verdragen die zij met de inheemsen sloten werden immers nooit nageleefd. Sterker nog, recentelijk nog heeft de Amerikaanse regering tot ontsteltenis van de wereld een eerder met heel veel moeite gesloten verdrag met Iran verscheurd. Dat doet het ergste vrezen voor het regime te Pyongyang. Waarom zou een verdrag met Teheran niet gerespecteerd worden en een ‘verdrag’ met Pyongyang wel?

Hoe dan ook, Kim Jong Un is van het ene moment op het andere moment gemetamorfoseerd van de paria der internationale politiek tot het populairste jongetje van de klas, want ineens staan de staatsmannen in de rij om Kim Jong Un te ontmoeten. Zoals president Poetin van Rusland en president Assad van Syrië. In die zin was de meeting ook een succes voor Un, omdat nu “de leider van de vrije wereld” hem ontmoet heeft niemand meer op de vingers getikt kan worden die met hem van gedachte wil wisselen.

Als daadwerkelijk Un’s kernwapens worden ontmanteld lijkt hij eensgelijk Saddam Hoessein en Khadafi zijn eigen graf te hebben gegraven. Anderzijds, volgens sommige stemmen in het Anglo-Amerikaanse kamp is Trump even naïef als de Britse premier Chamberlain, die in 1939 een vredesverdrag sloot met Hitler. Dat mocht echter niet baten, want niet lang daarna brak de Tweede Wereldoorlog in volle hevigheid uit. Gaat de geschiedenis zich herhalen en is dit verdrag in werkelijkheid de kalmte voor de storm?

Een storm lijkt er inderdaad te komen, maar de plek van de gevreesde storm lijkt in deze eerder Iran te zijn dan Noord-Korea. Met Noord-Korea (zonder kernwapens?) zal men ook wel willen gaan afrekenen, maar Iran is momenteel meer in het vizier. Niet voor niets heeft de Trump administration het relevante verdrag met Iran onlangs verscheurd. In Washington zal men bedacht hebben dat het niet handig is om met twee (potentiële) kernmachten tegelijk te gaan rollebollen, vandaar dat Noord-Korea momenteel wellicht voor het moment gekalmeerd wordt zodat de handen vrij zijn om Iran de nek om te draaien.

Maar de belangrijkste reden dat Washington momenteel fleurt met Pyongyang is waarschijnlijk om China een loer te draaien. Juist op het moment dat de handelsoorlog met China op het punt staat tot uitbreken wordt er aangepapt met een land dat China in principe beschouwt als een satelietstaat (al tracht Noord-Korea zich juist steeds onafhankelijker op te stellen van China). Juist daarom zijn goede betrekkingen met Noord-Korea erg interessant voor het Anglo-Amerikaanse imperium. Voor hen zou het mooiste scenario zijn om Noord-Korea af te pakken van China en om te vormen tot een Amerikaanse satelietstaat en te gebruiken om China te verzwakken. Net zoals momenteel het Russische buurland Oekraïne gebruikt wordt om te trachten de Russische federatie te verzwakken. Vooralsnog hebben dus zowel Noord-Korea als de VS hun voordeel gedaan met de historische ontmoeting te Singapore. Noord-Korea is verschoond van een jaarlijks bedreigende militaire oefening, Un is geen diplomatie paria meer en de VS heeft China een mooie hak gezet bij het uitbreken van een handelsoorlog.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Ontwikkelingshulp en sponsoring


Na de Tweede Wereldoorlog zat Nederland aan de grond. Maar gelukkig was de VS bereid Nederland en een aantal andere Europese landen er weer bovenop te helpen middels de Marshallhulp. Vervolgens gebeurde er iets merkwaardigs. Ondanks dat het Koninkrijk der Nederlanden militair compleet weggevaagd was en de bevolking vijf jaar lang aan den lijve had ondervonden hoe het is om gekoloniseerd te worden, viel het geplaagde koninkrijk in dezelfde imperialistische valkuil als de nazistische oosterburen. Het straatarme, door de nazi’s leeggeroofde Nederland moest nederig het handje ophouden bij de Yankees. Desondanks achtte het armlastige moeraslandje aan de Noordzee het nodig de gordel van smaragd op bommen en granaten te trakteren. Hoe dan? Nederland moest toch iedere cent omdraaien ter bevordering van de wederopbouw? Het hulpbehoevende Nederland misbruikte toch geen Amerikaanse ontwikkelingsgelden om een imperialistische oorlog te financieren?

Echter, als een Afrikaans land Nederlands ontwikkelingsgeld op vermeende oneigenlijke gronden aanwendt dan staat de hedendaagse polderlandse politiek op de achterste poten. Zo blijkt het arme Afrikaanse land Rwanda de rijke Engelse voetbalclub Arsenal te gaan sponsoren. Waar de Neerlandse politiek dit interpreteert als verkwisting van ontwikkelingsgeld ziet de Rwandese regering dit zelf als een goede investering: door betreffende sponsoring worden er meer toeristen naar Rwanda gelokt, hetgeen goed zou zijn voor de Rwandese economie. De Nederlandse bemoeienis werd door Olivier Nduhungirehe, de Rwandese minister van buitenlandse zaken, dan ook weggewuifd als zijnde een uiting van neokolonialisime. Daar valt wat voor te zeggen, zeker gezien het feit dat Nederland geen haar beter is. Nederland investeerde nota bene de Marshalhulp in een imperialistische oorlog gevoerd aan de andere kant van de wereld. We waren in deze dus getuigen van een klassiek geval waarbij de pot de ketel verwijt!

Maar in werkelijkheid is er iets heel anders aan de hand. Ondanks dat kritiek geuit richting Rwanda populair is in het hedendaagse Nederlandse politieke klimaat, is niet alles wat het lijkt. In werkelijkheid werd Rwanda helemaal niet aangevallen, maar schurkenstaat Rwanda werd juist op een subtiele manier beschermd. Er was hier sprake van een zogenaamde limited hangout. De beste manier om een schurk te verdedigen is nl. niet door te trachten zijn misdaden te vergoeilijken. Efficiënter is het om net te doen alsof je hem aanvalt. Je pakt meneer X bijvoorbeeld keihard aan op het feit dat hij de kat van de buurvrouw slaat. Dat is wellicht niet sympathiek, maar veel mensen zullen iets hebben van, who cares? Er zijn ergere misdaden te bedenken. Doch in werkelijkheid werd doelbewust naar buiten gebracht dat meneer X de kat van de buren mishandelt om te verhullen dat hij een moordenaar is.

In analogie, de huidige regering van Rwanda kan letterlijk van alles wat god verboden heeft beschuldigd worden. Want zoals we wel eerder hebben verkondigd, Paul Kagame, de huidige president van Rwanda, is de grootste massamoordenaar vertoevend op het aardoppervlak. Hij is de hoofdschuldige van de genocide die in 1994 Rwanda teisterde, en samen met collega Yoweri Museveni van Oeganda hoofdrolspeler in de genocide te Congo, welke de grootste genocide is sinds de Tweede Wereldoorlog. Om maar te zwijgen over de enorme hoeveelheid grondstoffen en mineralen die Rwanda weggedragen heeft uit Congo om te verkopen aan Westerse multinationals. Dus als de Nederlandse politiek daadwerkelijk serieuze kritiek had willen leveren op de regering van Rwanda, dan waren er 1001 legitieme redenen geweest om aan te geven waarom de Nederlandse ontwikkelingshulp niet op zijn plaats is ter plaatse. In plaats daarvan gaan ze klagen over sponsoring van een voetbalclub. Who cares? Dit is net zoiets als Adolf Hitler pakken voor het misbruiken van de Olympische Spelen in 1936 als propaganda-instrument, maar hem weg laten komen met ongekende oorlogsmisdaden en genocide.

Als we een stapje dieper zetten in de geschiedenis dan ontdekken we dat Nederland en Rwanda nog meer gemeen hebben: beiden hebben welvaart vergaard middels een imperialistische oorlog. Rwanda plundert dus de grondstoffen en mineralen van Congo. Recentelijk hebben activisten en wetenschappers ons er weer aan herinnerd dat Nederland tijdens de Ronde Tafel Conferentie in 1949 heeft bedwongen dat Indonesië fl 4,5 miljard schadevergoeding moest betalen aan haar voormalige kolonisator (waarvan er uiteindelijk zo’n fl 4,- miljard is betaald: door het koloniale gedrag van Nederland weigerde Indonesië het restant nog af te tikken).

Het was dus niet de Marshallhulp, maar Indonesië dat Nederland er na de oorlog weer bovenop heeft geholpen. Ten eerste omdat de Marshallhulp ‘slechts’ fl 1,5 miljard bedroeg, maar ook omdat de Nederlandse economie in de jaren ’50 een geweldige push kreeg van de kapitaalopbrengsten, pensioenen en spaargelden die vanuit Indonesië naar Nederland werden overgemaakt, en dan hadden we nog niets gezegd over alle inkomsten die het Nederlandse bedrijfsleven in Indonesië genereerde. Indonesische steun heeft dus de spoedige herindustrialisatie van Nederland mogelijk gemaakt, hetgeen een heel ander licht op le miracle hollandais werpt.

Dus los van het gegeven dat het erop lijkt dat de kritiek op de Rwandese sponsoring van Arsenal een limited hangout is, is het sowieso de vraag of Nederland wel het morele recht heeft om te oordelen over Rwandese wandaden die er daadwerkelijk toe doen, aangezien Nederland zelf(s) in het relatief recente verleden welvarend is geworden als kleptocratie, dankzij het voeren van imperialistische oorlogen. Bovenal blijft het de vraag hoeveel plunderwaar Nederlandse multinationals van Rwanda afnemen. Het feit dat Rwanda op subtiele wijze beschermd wordt doet het ergste vrezen…

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

De erfenis van Paul Robeson


We hadden het bijna over het hoofd gezien, maar deze lente is het 120 jaar geleden dat Paul Robeson het levenslicht zag. Paul Robeson was de Michael Jackson, Bob Marley, Deion Sanders en Colin Kaepernick van zijn tijd, en wellicht nog veel meer. Robeson was een meervoudig genie. Maar hij verwierf vooral bekendheid als zanger en acteur. Op het toppunt van zijn roem had hij een status bereikt vergelijkbaar met Muhammad Ali in de jaren ’70: hij was de beroemdste man ter wereld.

Robeson kreeg een beurs van Rutgers University, waarmee hij pas de derde Afrikaanse Amerikaan was die aldaar mocht studeren. Op die universiteit excelleerde hij zowel academisch als in alle grote sporten (American football, honkbal, atletiek en basketbal).

Toen Robeson als 17-jarige geselecteerd wilde worden voor het footballteam werd hij doelbewust zwaar geblesseerd tijdens een testwedstrijd door spelers die het team spierwit wilden houden. Maar de coach raakte juist onder de indruk van de manier hoe Robeson zich desondanks bleef verweren. Reden voor de coach om Robeson onmiddellijk te selecteren voor het team. Na toetreding zou Robeson uitgroeien tot publiekslieveling en absolute sterspeler van Rutgers.

Na te zijn afgestudeerd aan Rutgers verkastte Robeson naar het prestigieuze Columbia University om rechten te studeren. Om zijn studie aan Columbia te bekostigen speelde hij professioneel football, basketbal en ging zingen en acteren. Volgens toenmalige kenners was Robeson de beste footballer die ooit was geboren. Sommige bronnen suggereren dat hij zelfs nog beter was in basketbal: hij leidde zijn club St. Christopher’s in de gesegregeerde VS naar drie wereldkampioenschappen voor mensen van kleur. Echter, met zingen en acteren zou Robeson uiteindelijk de meeste aandacht trekken.

Football en basketbal waren indertijd nog lang niet zo lucratief als heden ten dage. Daarom ging Robeson na zijn studie aan Columbia als advocaat aan de slag bij een vooraanstaand kantoor, maar vertrok daar weer nadat een secretaresse weigerde zijn brieven te typen omdat hij Zwart was. Doch Robeson had ondertussen reeds een naam gemaakt als entertainer, en zou in die branche wereldfaam verwerven als zanger en acteur.

Met name in Groot-Brittannië werd Robeson heel goed ontvangen door zowel de hoge als de lagere sociale klassen. Triest genoeg liet hij zich aldaar gebruiken om het Britse imperialisme te verheerlijken. Hoewel hij ook Othello heeft gespeeld en in een film over de Haïtiaanse revolutie, heeft Robeson met name in Groot-Brittannië in kolonialistische films gespeeld. De Zwarte bewustwordingsbeweging sprak daar grote schande van. Robeson dacht naïef dat hij al doende van binnenuit op termijn respectvollere rollen zou kunnen afdwingen van de mainstream Westerse filmindustrie.

Robeson woonde jarenlang in Londen alwaar hij bevriend raakte met de anti-kolonialistische Afrikaanse studentengemeenschap, waarvan verschillenden vooraanstaande politici zouden worden. Maar Robeson was net zo goed een grote held van de Britse arbeidersklasse. Vanwege zijn communistische sympathieën en grote kennis van de Russische taal was hij evenzo een graag geziene gast in de Sovjet-Unie.

Met name Robeson’s bijdrage als zanger was van belang. Medio jaren ’20 deed Robeson iets compleet nieuws. Hij bracht de muziek van de slaafgemaakten, waar zij moed uitputten, ongepolijst (in dialect gezongen) naar het podium, welke actie betreffende muzieksoort populariseerde. Daar bleef het niet bij. Robeson ging zich verdiepen in de muziek en taal van allerlei volkeren. Robeson beschikte over een ongekende talenknobbel en sprak wel 20 (!) talen. Waaronder Chinees, Russisch, Gaelisch en verscheidene Afrikaanse talen. Hij zong ook in verschillende talen, hetgeen deels zijn wereldwijde faam verklaart. Zo werd Robeson in 1940 zelfs wereldberoemd in China toen hij tijdens een concert te New York “Mars der vrijwilligers” zong in het Chinees om China, dat op dat moment trachtte een Japanse invasie af te weren, een hart onder de riem te steken. Sindsdien werd Robeson door China omarmd als een trouwe kameraad. In 1949 werd “Mars der vrijwilligers” tot Chinees volkslied gebombardeerd.

Begin jaren ’40 was de Sovjet-Unie een bondgenoot van de VS in de strijd tegen de nazi’s. Om die reden werden de communistische sympathieën van Robeson gedoogd door de Amerikaanse autoriteiten. Maar nadat Robeson in het Witte Huis bij president Truman boos aan de bel had getrokken over het lynchen van Zwarte Amerikaanse soldaten in uniform, stelden de powers that be alles in het werk om zijn carrière te vernietigen. Robeson werd tot staatsvijand verklaard en zijn paspoort afgepakt. Bovendien werd hij slachtoffer van een ongekende smeercampagne en werd hij geweerd uit alle mainstream concertzalen in de VS. Hiermee was de carrière van wat eens de beroemdste man op aard was zwaar gemarginaliseerd. Prominente Afrikaans-Amerikaanse instituties zoals Ebony magazine en de door witte kapitalisten gedomineerde NAACP deden vrolijk mee aan het demoniseren van Robeson. Maar ook individuen als honkballer Jackie Robinson deden een duit in het zakje.

Dat weerhield Robeson er beslist niet van zich sterk te blijven maken voor de onderdrukten. Lang voor Malcolm X trachtte Robeson reeds de VS te laten veroordelen door de VN middels een petitie genaamd We charge genocide: The Crime of Government Against the Negro People in december 1951.

Paul Robeson maakte de keuze zijn carrière en inkomen op te offeren voor zijn principes, en las daarbij zelfs de president de les. Net zoals moderne artiesten als Kanye West de keuze maken een racistische president te omarmen, junkie te worden en zich te laten gebruiken als windowdressers en apologeten van het Anglo-Amerikaanse imperium.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Was Cleopatra Zwart? (2)


Eurocentristen beweren standaard dat Cleopatra van puur Macedonisch/Griekse afkomst was, ook al was ze in Egypte geboren. Haar voorouder generaal Soter kwam eensgelijk wereldveroveraar Alexander uit Macedonië en was de stichter van de Ptolemaeeëndynastie. Dit koningshuis hield haar bloed gedurende 300 jaar puur middels koninklijke incest. Dus zou de moderne diva Beyoncé zich bezondigd hebben aan culturele toe-eigening toen ze zich onlangs en public vereenzelvigde men de klassiekste aller diva’s. Wij geloven daar niets van. Wij denken juist dat Hollywood zich heel brutaal schuldig maakte aan culturele toe-eigening toen zij actrices als Elisabeth Taylor van stal haalden om in de huid van Cleopatra te kruipen. Want ten eerste, het is zeer de vraag of de Ptolemaeën daadwerkelijk 300 jaar lang in staat zijn gebleken om hun familie puur Grieks te houden te midden van een melaninerijke natie.

Officieel vermelden de geschiedenisboekjes inderdaad koninklijke incest, maar als dat waar was dan had die familie na 300 jaar van incest onmogelijk genieën kunnen voortbrengen als Cleopatra VII (maar er zijn ook aanwijzingen dat zusje Arsinoë IV een wonderkind was). Waarschijnlijk was betreffende incestueuze familie allang ten onder gegaan aan de Volendamse ziekte: na een aantal generaties zouden er letterlijk kreupele randdebielen op de troon hebben gezeten, eensgelijk de almachtige Spaanse koninklijke familie Habsburg overkomen is rond 1700.

De Ptolemaeën maakten veelvuldig gebruik van concubines en maîtresses. Hoeveel Ptolemaeën zouden in werkelijkheid van hen afstammen? In ieder geval, in die context weten we niet wie Cleopatra’s grootmoeder aan vaderskant en wie Cleopatra’s moeder was. Zelfs Lefkowitz (de peetmoeder van de anti-Afrikaansgecentreerdheid) heeft toe moeten geven dat Cleopatra’s grootmoeder onbekend is. Desalniettemin, la Lefkowitz heeft alles uit de kast gehaald om proberen aan te tonen dat Cleopatra niet Zwart was. Haar grote mikpunt in deze is J.A. Rogers en haar argument is dat Rogers geen bewijs geleverd heeft dat Cleopatra’s grootmoeder Zwart was in World’s Great Men of Color. Dus zouden we moeten aannemen dat Cleopatra puur Grieks was.

Echter, Lefkowitz is een luie historica die niet de moeite heeft genomen om Rogers goed te bestuderen. Lefkowitz heeft slechts één werk van Rogers gelezen. Cleopatra betekent vrij vertaald vader’s glorie, en op blz. 47 van Sex and Race I toont Rogers wel degelijk een afbeelding van de vader van Cleopatra met onmiskenbare Afrikaanse gelaatstrekken, zoals volle lippen. Rogers vermeldt: “De eerste Ptolemaeïsche heersers zagen er wit uit; maar naarmate de tijd vorderde werden de uiterlijkheden steeds ‘Afrikaanser’. De Afrikaanse trekken in Alexander II zijn duidelijk en nog duidelijker in Ptlolemaeus XIII [Ptolemaeus XII], de fluitspelende vader van de beroemdste van de Cleopatra’s. Ptolemaeus’ moeder was een slaaf. Cleopatra zelf was volgens de traditie taankleurig, en wordt zo ook beschreven door Shakespeare.”

Dr. Hilke Thür van the Austrian Acadamy of Sciences heeft de botten van Cleopatra’s zuster Arsinoë IV bestudeerd, en kwam in 2009 tot de conclusie dat Arsinoë een Afrikaanse moeder had. Veel geleerden denken dat Cleopatra en Arsinoë dezelfde moeder hadden. Dat zou dus inhouden dat beide ouders van Cleopatra Zwart waren.

Het volgende punt is dat Cleopatra in de eerste plaats een Egyptische patriot was, en alles wijst erop dat ze zeer geliefd was bij het Egyptische volk. Ze sprak Egyptisch, kleedde zich Egyptisch, at Egyptisch, vereenzelvigde zich met de Zwarte Egyptische godin Isis en haar beleid kwam het Egyptische volk ten goede, in tegenstelling tot haar directe voorgangers die Egypte slechts als een stuk met het zwaard verkregen onroerend zaak zagen dat zij naar believen ten voordele van zichzelf mochten exploiteren. De grote affiniteit die Cleopatra met Egypte had suggereert sterk dat ze zowel cultureel als somatisch meer Egyptisch was dan Grieks.

Bovenal, de Romeinen noemden Cleopatra een Egyptische vrouw. Dit is belangrijk, omdat de Egyptenaren van die dagen nog altijd in de regel een donkere huidkleur hadden. Het woord Egyptenaar refereerde dus in principe tevens aan haar huidkleur: Zwarte Egyptenaar was in die dagen een pleonasme, zoals tegenwoordig Zwarte Ghanees, of Zwarte Nigeriaan. De Romeinen maakten indertijd duidelijk onderscheid tussen Egyptenaren en de in Egypte heersende Grieken. Als Cleopatra somatisch Grieks was geweest dan hadden de Romeinen haar Alexandrijns genoemd, of wellicht Grieks, maar niet Egyptisch.

Wat eveneens sterk bijdraagt aan de suggestie dat Cleopatra Zwart was is dat de cultus van de Zwarte godin Isis (prototype van de Zwarte madonna) opleefde in 48 v.j., toen Cleopatra en Julius Caesar Rome bezochten, ondanks dat de Romeinse senaat de cultus in 58 v.j. had verboden. Cleopatra werd ook in Rome vereenzelvigd met de Zwarte Godin Isis, maar nadat Octavianus Cleopatra en Marcus Antonius definitief had verslagen werd de Isiscultus opnieuw verboden, om te trachten alle invloed van die Egyptische vrouw die Rome zo ernstig bedreigd had te razeren.

Kortom, het bewijs dat de eurocentristen naar voren hebben gebracht voor een witte Cleopatra à la Elisabeth Taylor is flinterdun. Het argument is dat Cleopatra puur Grieks was, maar tegelijkertijd moeten ze toegeven dat Cleopatra’s grootmoeder (en moeder) niet bekend zijn. Anderzijds, mede omdat Cleopatra’s grootmoeder en moeder niet bekend zijn kunnen wij ook niet voor de volle 100% zeker zeggen dat Cleopatra van Afrikaanse komaf was. Wel is het zo dat al het omringende bewijs in die richting schreeuwt. We menen daarom dat Beyoncé een realistische Cleopatra is. Waarschijnlijk heeft de moderne diva een vergelijkbare huidkleur, schoonheid en gevoel voor stijl als de klassieke diva.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Was Cleopatra Zwart? (1)

I


Cleopatra is ongetwijfeld de beroemdste vrouw uit de ganse wereldgeschiedenis. Ondanks dat ze 2.000 jaar geleden overleed is ze tot op de dag van vandaag springlevend. De meeste mensen die heden beroemd zijn zullen over honderd jaar allang en breed vergeten zijn. Sterker nog, sommigen zullen volgend jaar al in de vergetelheid zijn geraakt. Maar de roem van Cleopatra kan met recht klassiek genoemd worden want het weerstaat de tand des tijds feilloos. In de loop der eeuwen heeft zij als inspiratie gediend voor talloze toneelstukken, romans, opera’s, balletvoorstellingen, films, tekeningen, schilderijen, beelden, gedichten, etc. We zouden niet snel een vrouwelijk karakter kunnen noemen dat zo onafgebroken zo erg tot de verbeelding heeft gesproken. In ieder geval wat betreft de Westerse wereld.

Recentelijk brak de controverse over de huidkleur van de onsterfelijke koningin wederom uit. Dat gebeurde nadat Beyoncé tijdens het Coachella Festival als Cleopatra ten tonele verscheen. Dit wekte naar verluidt de woede op van vele Noord-Afrikaanse Arabieren. Want hoe kon ‘hun’ Cleopatra nu behoord hebben tot die volkeren die zij als zwaar minderwaardig beschouwen? Als Cleopatra daadwerkelijk Zwart was dan is dat dus niet slechts een fikse deuk voor de aanhangers van de ideologie van de witte suprematie, maar voor allen die lekker in hun vel zitten bij de gratie van het neer kunnen kijken op Afrikanen. Maar waarom spreekt Cleopatra zo tot de verbeelding? Wat maakt haar zo bijzonder? En spreekt ze eigenlijk wel tot de verbeelding om de juiste redenen?

Cleopatra’s faam is des te opmerkelijker als we beseffen dat de wereld haar voornamelijk heeft leren kennen door de ogen van haar vijanden, de Romeinen. In door hen overgeleverde bronnen wordt ze veelal afgeschilderd als een wellustige hoer. Toegegeven, Cleopatra was ongetwijfeld een zeer geraffineerd verleidster, aangezien ze erin slaagde de machtigste mannen ter wereld om haar duim te winden. Maar dat was slechts één van haar vele talenten.

Cleopatra was in de allereerste plaats een Egyptische patriot. Ze was verliefd op Egypte en zeer geliefd bij het Egyptische volk. Opmerkelijk, aangezien de met het zwaard heersende Macedonische dynastie waartoe ze wordt gerekend zeer gehaat was bij de inheemse Egyptenaren. Maar Cleopatra had niets met Griekenland/Macedonië. Cleopatra beschouwde zichzelf als op en top Egyptisch, ze kleedde zichzelf Egyptisch, omarmde de Egyptische religie (ze vereenzelfvigde zich met Isis) en sprak in tegenstelling tot haar voorgangers in de Ptolemaeïsche dynastie Egyptisch. Sterker nog, Cleopatra sprak zoveel als 9 talen vloeiend.

Julius Caesar had het Egyptische leger reeds in de pan gehakt. Alles wees erop dat hij van Egypte een Romeinse kolonie zou maken, en dat was een waar schrikbeeld. Doch met haar charmes wist Cleopatra de schier onverslaanbare veldheer dusdanig voor zich te winnen dat hij haar als koningin van Egypte aanstelde. Nadat Julius Caesar was vermoord herhaalde zij dat kunstje met een andere oppermachtige Romeinse generaal, nl. Marcus Antonius.

Hoe dan ook, met haar aparte manier van politiek bedrijven zorgde ze er wel voor dat Egypte voor nog zo’n 20 jaar soeverein bleef. In die 20 jaar toonde zij zich een zeer kundig staatsvrouw. Ze erfde een zwak, hongerlijdend koninkrijk met een lege schatkist. Maar door handelsrelaties aan te gaan met landen in het oosten zover als India en de belasting voor de boeren te verlagen wist ze de economie weer op de rails te krijgen.

Waar de Romeinen Cleopatra omschrijven als een gewiekste hoer die zich van hekserij bediende wordt ze in Arabische bronnen omschreven als een begaafd natuurkundige, wijsgeer en scheikundige. In ieder geval, ze stond aan het hoofd van indrukwekkende bouwprojecten die Egypte honderden jaren niet meer had mogen aanschouwen. Tevens bouwde ze een indrukwekkend marine en op het toppunt van haar macht regeerde ze praktisch over het ganse oostelijke Middellandse Zeegebied.

Kortom, Cleopatra had van Egypte weer een wereldmacht gemaakt (ook al was het officieel een Romeinse vazalstaat). Een nieuwe oorlog met Rome was onvermijdelijk. De Romeinse senaat verklaarde in 32 v.j. Cleopatra de oorlog, waarmee de laatste burgeroorlog van de Romeinse Republiek aanving. Haar minnaar Marcus Antonius en zijn leger deserteerden de Romeinen en verkozen de kant van Cleopatra. Uiteindelijk werd de Egyptische marine definitief verslagen in de slag bij Actium. Naar verluidt omdat bepaalde patriarchisch ingestelde Romeinen in haar leger haar verraadden omdat zij simpelweg niet konden verkroppen dat een vrouw heerser van de wereld zou worden. Cleopatra deed nog een poging om consul Octavianus te verleiden, maar nadat dat mislukte pleegde ze zelfmoord om haarzelf en haar volk de vernedering van een zegetocht door Rome te besparen.

Alhoewel Cleopatra uiteindelijk verloor is ze er in korte tijd in geslaagd van een verzwakt Egypte weer een wereldmacht te maken. Het Egypte van Cleopatra was de laatste serieuze militaire bedreiging voor Rome. Mocht ze in de slag bij Actium hebben gezegevierd dan was wellicht niet Rome, maar Egypte de laatste 2.000 jaar het model geweest van de Westerse beschaving. Hieruit volgt dat Cleopatra vaak om de verkeerde redenen tot de verbeelding spreekt. Zelfs verschillende prominente Afrikaansgecentreerde geleerden geloofden de propaganda van haar vijanden dat ze slechts een zich van hekserij bedienende, gewiekste verleidster was, en zagen daarom haar historische waarde niet in: het zou daarom niet van belang zijn of ze wit was of Zwart. Maar zelfs al was Cleopatra een hoer, welke andere hoer is er ooit in geslaagd zichzelf te verkopen voor een wereldrijk?

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Keuzes


Kanye West heeft dus openlijk de door velen als racistisch beschouwde republikeinse president Donald J. Trump omarmd. In navolging van de conservatieve Zwarte journaliste Candace Owens. Enerzijds opmerkelijk, aangezien rappers doorgaans anti-establishment zijn. Zo heeft het witte rapfenomeen Eminem president Trump meermalen gedist, tot tevredenheid van velen. Maar Kanye West is een apart geval. Zijn liefdesverklaring aan Trump kwam nl. niet zo maar uit de lucht vallen. In september 2015 verkondigde Trump reeds publiekelijk dat Kanye West van hem houdt. In december 2016 kwam er een aanwijzing dat Trump niet loog toen hij beweerde dat Kanye een fan van hem is. De rap-ster zocht toenmalig president elect Donald Trump nl. op met een grote entourage in de welbekende naar hemzelf vernoemde toren. Alhoewel Kanye geen commentaar verschafte over het hoe en waarom van zijn bezoek, sprak die daad boekdelen, omdat veel grote popsterren op geen enkele manier met Trump geassocieerd wensten te worden. Zo stonden ze niet toe dat hun muziek gedraaid werd tijdens Trump´s campagnebijeenkomsten, en weigerden ze op te treden tijdens zijn inauguratie. Vandaar dat het erg opviel dat Kanye West—nota bene een Zwarte popster—zich wel met de door velen als racistisch beschouwde Donald J. Trump associeerde.

Kanye West is overigens niet de eerste rapper die op bezoek is geweest bij een tot president gekozen conservatieve politicus. Die eer komt wijlen Eazy E toe. Rechtstreeks uit de goot naar het Witte Huis. Hoe een voormalig drugdealer uit het getto van Compton zichzelf middels een list uitgenodigd wist te krijgen door president Bush senior. En wel voor een high society bijeenkomst op het Witte Huis. Volgens sommigen had Eazy E zijn ziel verkocht aan de duivel. Maar Eazy E zelf was zich van geen kwaad bewust. Hij was compleet apolitiek en zag zijn ontmoeting met Bush en sympathisanten als een goede, voordelige publiciteitsstunt.

Het grote verschil tussen Eazy E en Kanye is dus dat het bij Kanye om veel meer ging dan een publiciteitsstunt. Eazy E stond onverschillig tegenover Bush, terwijl Donald J. Trump het idool is van idool Kanye West. Het idool van een idool dus. We hebben wel vaker aangegeven dat de invloed van Hip-Hop op de wereld van vandaag de dag moeilijk onderschat kan worden. Dat is nu wederom gebleken. De coming out van Kanye uitte zich onmiddellijk in de populariteitscijfers van Trump onder Zwarte Amerikanen. Wat blijkt? het % Zwarte Amerikanen die achter Trump staan verdubbelde in een week tijd van 11% naar 22%. Wellicht zit er bij Kanye West een draadje los, maar hij heeft evident wel de macht om het politieke bewustzijn van een linkse bevolkingsgroep naar rechts te duwen.

Het steunen van een door menigeen als racistisch beschouwde president bleek nog maar het begin. Tijdens een interview met celebrity news website TMZ werd verwacht dat Kanye opheldering zou geven voor zijn liefdesverklaring aan Trump. In plaats daarvan gooide hij nog meer olie op het vuur door Piet Emmer te overtreffen. Kanye beweerde met droge ogen dat “400 jaar slavernij klinkt als een keuze”. Betreffende opmerking was een mokerslag in het gezicht voor alle activisten en historici die al jarenlang tegen de verdrukking in vechten voor erkenning van het slavernijverleden van de Zwarte mens op het westelijk halfrond. Hordes aan eurocentrische historici, journalisten en conservatieve politici vinden het nl. grote onzin en trachten de activisten koest te houden door ze ervan te beschuldigen in een slachtofferrol te kruipen.

Eensgelijk zijn liefdesverklaring aan Trump kreeg Kanye een stortvloed aan kritiek over zich heen na gesuggereerd te hebben dat de slavernij een keuze was. Maar let op, wederom manifesteerde de invloed van Kanye zich, want op de sociale media was eveneens menig persoon van kleur het roerend met zijn of haar idool eens dat de slavernij een keuze was. Waar Piet Emmer al ruim veertig jaar pseudowetenschappelijk over emmert in woord en geschrift realiseert Kanye West door één simpele zinsnede uit te spreken.

De fans van Kanye West verdedigen zich met het argument dat de slaafgemaakten de keuze hadden om in opstand te komen: als ze dat gedaan hadden, dan had de transatlantische slavernij nooit 400 jaar lang geduurd. Probleem is dat dan automatisch iedere vorm van onderdrukking een keuze was, en dus geen erkenning verdient. Want waarom was de holocaust van de Joden dan geen keuze? Zou Kanye West ook publiekelijk tegen de Joden durven zeggen dat de holocaust een keuze was? Ondanks dat er evident een draadje los zit bij Kanye is hij toch nog immer genoeg bij zinnen om te begrijpen dat dat een brug te ver zou zijn voor de levensduur van zijn carrière.

Kanye West maakt het in deze haast net zo bont als Rhona Byrne, auteur van de bestseller The Secret. Volgens la Byrne zijn slachtoffers altijd zelf schuldig aan hun lijden omdat ze negatieve gedachtes cultiveren. Omgekeerd zouden positieve gedachtes succes garanderen. Ogenschijnlijk geeft dat idee iedereen hoop, maar in werkelijkheid wordt zo op een goedkope manier de status quo gerechtvaardigd en verdienen slachtoffers nooit erkenning omdat ze de ellende zelf op zich afgeroepen hebben…Alhoewel, als men het hele interview van Kanye West bekijkt dan ziet men dat hij letterlijk de longen uit zijn lijf schreeuwt richting het aanwezige journaille dat hij met een drugsprobleem kampt. Oftewel, wat eveneens een keuze is is een junky die wartaal uitkraampt serieus nemen. Dus dat.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment