Premier Pinokkio (2)


De afschaffing van de dividendbelasting blijkt een ware obsessie van Mark Rutte (en zijn opdrachtgevers) te zijn en te blijven. Het deert hem totaal niet dat hij in zijn strijd ter afschaffing van de dividendbelasting meermalen op leugens is betrapt, want daar wordt vrolijk overheen gestapt en vervolgens uit hetzelfde vaatje getapt, en neen dit is geen grap. Dat praktisch het ganse Nederlandse volk de dividendbelasting een doorn in het oog is heeft niet mogen baten. Pinokkio Rutte trekt gewoon een lange neus naar de burger (en door het vele jokken is die zo langzamerhand zo lang als het torentje). De man blijkt voor geen enkel argument vatbaar om zijn dubieuze levensdoel nog eens te overdenken. De afschaffing van de dividendbelasting is inmiddels ten aanschouwe van het volk door Zijne Majesteit voorgelezen op de Derde Dinsdag van September. Of hoe Mark Rutte de democratie misbruikt om op dictatoriale wijze ondemocratische, neoliberale idealen door de strot van het volk te duwen. Drie maal raden wie die afschaffing van de dividendbelasting gaat betalen…Inderdaad, ondertussen wordt het lage BTW-tarief per 1 januari 2019 verhoogd van 6% naar 9%. Waarom verhoogt een partij die zogenaamd fel gekant is tegen het betalen van veel belasting ineens de BTW met 3%? Ogenschijnlijk ziet men de burger als een gewillig slachtoffer.

De doordrukking van de dividendbelasting toont eens te meer dat democratie een relatief begrip is. Het toont eens te meer hoe machtig het grote kapitaal is en hoe ze opereren middels hun zetbazen. Niet alleen in zgn. bananenrepublieken, doch zelfs in een model Westerse democratische rechtstaat gelegen aan de Noordzee. Door multinationals te verschonen van de betaling van belasting en daarmee hun plicht aan de samenleving vergroot tevens hun macht binnen de samenleving. Al was het maar omdat de samenleving ze minder kan aanspreken op hun plicht bij te dragen aan de bouw van scholen, wegen en ziekenhuizen, etc. Als de dividendbelasting daadwerkelijk van doorslaggevend belang zou zijn geweest dan zouden multinationals slechts gevestigd zijn in zgn. bananenrepublieken. Aangezien Nederland tegen die bierkaai toch niet kan concurreren is het verspilde moeite om de dividendbelasting af te schaffen. Nederland moet het hebben van andere gunstige voorwaarden zoals een goede infrastructuur, een hoog opgeleide bevolking, een goede talenkennis, etc.

Fans van het neoliberalisme zullen dat toejuichen: des te meer macht bij de handelaren des te beter. Volgens hen wordt dankzij een onzichtbare hand iedereen beter van een vermeende vrije markt. Maar de geschiedenis wijst helaas keihard uit dat het geen goede zaak is als multinationals de macht overnemen in landen. Denk bijvoorbeeld hoe de VOC huisgehouden heeft in Indonesië, of the East India Company in India, of anders wel wat het Amerikaanse United Fruit Company heeft aangericht in een reeks Latijns-Amerikaanse landen. Of dichterbij en meer recentelijk, hoe men in Nederland heeft ondervonden wat voor onfortuinlijke puinhopen verscheidene neoliberale paarse en anderskleurige kabinetten van de dienstverlening hebben gemaakt. Privatisering mond meer dan eens uit in privilegering.

Ondertussen deed de VVD een volgende zet op het nationale Nederlandse politieke schaakbord. Fractievoorzitter Klaas Dijkhoff deed nl. heel toevallig op het tijdstip dat er opnieuw gedebatteerd zou gaan worden in de Tweede Kamer over de afschaffing van de dividendbelasting een wetsvoorstel. Hij deed net alsof hij niet bekend is met artikel 1 van de grondwet en diende een onvervalst voorstel ter invoering van een apartheidswet in. Dijkhoff wil misdrijven in veronderstelde probleemwijken, waar meer dan 50% van de bevolking van niet-Westerse komaf is twee maal zo hard gaan straffen. Wat moeten we hiermee? Waarom profileert Rutte’s kroonprins zich als de nieuwe Hendrik Verwoerd? Waarom wil Dijkhoff een kwaad dat in de praktijk reeds geschiedt in de wet verankeren? Zogenaamd weet Dijkhoff niet dat mensen uit ‘probleemwijken’ al meer in het oog lopen door etnisch profileren, vaker afgescheept worden met pro deo advocaten en hogere straffen krijgen door bevooroordeelde rechters. Maar dit is voor Dijkhoff evident niet genoeg en vindt hij het nodig om Nederland officieel te doen veranderen in wijlen apartheid Zuid-Afrika.

Een reden waarom Dijkhoff’s wetsvoorstel interessant is is omdat het de suggestie versterkt dat er binnen de incrowd van de VVD een nogal xenofobe en racistische atmosfeer heerst: kennelijk stond de afwijzing van de multiculturele samenleving door Minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok niet op zichzelf. Bij de VVD barst het schijnbaar van de alt right liefhebbers die de ideeën van racistische ideologen als Richard Spencer, Jared Tayler en Stefan Molyneux slikken voor zoete koek en zich er niet voor schamen de ideeën van dergelijke hardcore racisten te trachten te formaliseren in het Nederlandse wetboek. Ook al dienen ze als afleidingsmanouvres voor de belangen van het grote kapitaal.

Omgedraaid, waar haalt Dijkhoff eigenlijk het morele lef vandaan om te oordelen over de bewoners van hetgeen hij probleemwijken noemt? Wanneer komt er eigenlijk een keer een speciale wet die de leden van probleempartijen aanpakt en dubbel zo hard straft? Gezien het feit dat de ene na de andere prominente VVD’er op heterdaad met zijn handen in ‘de koektrommel’ wordt gegrepen, of anders wel met een ledemaat onder een rok, lijkt het de hoogste tijd om het probleem VVD eens grondig aan te pakken. Om bij deze aan de woorden van Dijkhoff te refereren, dat is niet omdat we iets tegen de VVD hebben, maar dat is slechts om de leden van de VVD te helpen…

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Satellietstaat Nederland

Dat het Anglo-Amerikaanse imperium streeft naar absolute werelddominantie kan niet als een geheim worden beschouwd. Al zullen er mensen blijven bestaan die glashard ontkennen dat de VS een imperium is zoals bijvoorbeeld het Britse Rijk dat was. Het is inderdaad zo dat de VS zichzelf geen imperium noemt, maar daar kunnen we niets mee: als iets loopt als een eend, kwekt als een eend en lijkt op een eend, dan is het een eend! Oftewel, de ontkenning van het bestaan van het Anglo-Amerikaanse imperium is een doorzichtig pr-praatje. Sinds de ondergang van het Derde Rijk en de daarop volgende ontmanteling van de koloniale imperia van verschillende Europese landen wekt de term imperium nl. veel weerzin op. De strategen van het naoorlogse Anglo-Amerikaanse imperium bedachten dat die weerzin geneutraliseerd kon worden als de VS zichzelf in tegenstellig tot zijn voorgangers niet zou profileren als een imperium vanwege de negatieve connotatie die betreffend woord heden ten dage opwekt.

In werkelijkheid voerde de VS nog voor het officieel bestond reeds imperialistische oorlogen, daar kunnen met name de oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika en Mexico over meepraten. Los daarvan heeft de VS reeds sinds de 19e eeuw landen gereduceerd tot satellietstaten. Staten die officieel onafhankelijk zijn, maar in de praktijk naar de pijpen van de VS dansen. Het geheel van landen dat de facto overheerst wordt door de Anglo-Amerikaanse speculantenoligarchie vormt dus het Anglo-Amerikaanse imperium. Landen die niet tot dat imperium behoren en landen behorend tot dat imperium maar die zichzelf te onafhankelijk opstellen lopen gevaar. Zie hier de ware reden waarom allerlei landen onder vuur komen te liggen. Niettegenstaande dat de door Wall Street gecontroleerde media menigmaal bewezen heeft dat ze gesmeerde lastercampagnes kunnen opzetten tegen ‘subversieve elementen’ in het mondiale statensysteem.

Anglo-Amerikaanse satellietstaten zijn er echter wel in gradaties, net zoals je Britse koloniën had in gradaties. Vanwege bepaalde economische privileges ziet de bevolking van sommige satellietstaten het grotere plaatje moeizaam. Tot die categorie zou Nederland gerekend kunnen worden. In de praktijk blijkt het officieel onafhankelijke Nederland als een braaf schoothondje op te zitten en pootjes te geven voor de imperialistische ambities van Washington (en in extentie Jeruzalem). Zo was Nederland militair bondgenoot in de bloedige Koreaanse oorlog, steunde Nederland lange tijd de Vietnamoorlog, was Nederland militair bondgenoot tijdens de Golfoorlog, steunde Nederland de VS onvoorwaardelijk tijdens de Irakoorlog (ondanks dat de Amerikaanse casus belli zeer dubieus was, en achteraf compleet gefabriceerd bleek te zijn), steunde het de proxy-oorlog tegen Khadafi (waardoor het paradijslijke Libië veranderde in hel op aarde). Maar meest recentelijk is natuurlijk de steun aan de Amerikaanse proxy-oorlog tegen Assad.

Eerder hadden wij er reeds op gewezen dat er niet zoiets bestaan heeft als een gematigde oppositie in Syrië. Dat is een mythe die de mainstream media heeft gecreëerd om de Anglo-Amerikaanse proxy-oorlog aldaar te legitimeren. Er is dus naar buiten gekomen dat Nederland steun verleend heeft aan terroristische groeperingen ter plaatse. Hoe rijmt dat met het veroordelen van de Nederlandse staat van uit Syrië teruggekeerde jihadisten? Is lastig, maar dit soort paradoxen zijn onvermijdelijk als je je gaarne als satellietstaat afficheert van een imperium waarvan het doel (werelddominantie) de middelen heiligt. We benne benieuwd hoe Pinokkio Rutte zich deze maal uit deze valkuil die hijzelf gegraven heeft gaat jokken.

Dat de VS Nederland als een satellietstaat ziet bleek overigens heel duidelijk na de oprichting van het Internationaal Strafhof te Den Haag. Het Internationaal Strafhof is een permanent hof voor het vervolgen van personen die verdacht worden van genocide, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden zoals deze zijn omschreven in het statuut. Het Internationaal Strafhof werd opgericht op 1 juli 2002, maar president Bush van de VS weigerde simpelweg betreffend verdrag te ondertekenen. Sterker nog, Bush ondertekende op 3 augustus 2002 heel arrogant the American Servicemembers Protection Act of 2002. Deze wet bedreigt rechtstreeks de soevereiniteit van Nederland, want er staat in dat de VS zich het recht voorbehoudt om Nederland binnen te vallen om zowel verdachte Amerikaanse staatsburgers, als verdachte burgers van bevriende naties te bevrijden. Dus met andere woorden, mocht een Israëli ooit vast komen te zitten in Den Haag om voor het Internationaal Strafhof te verschijnen, dan eigent de VS zich het recht toe om Nederland te behandelen zoals het Irak eerder behandeld heeft.

Over Irak gesproken, dat Nederland berust in de rol van Amerikaanse satellietstaat bleek evident uit de manier hoe Nederlandse omging met de geopolitieke ontwikkelingen van de daarop volgende maanden. Ondanks het feit dat de VS Nederland in feite tot op het bot geschoffeerd had door middels de Servicemembers Protection Act te tonen maling te hebben aan Neerlands’ soevereiniteit, ging de regering Balkenende pal achter de snode plannen van de speculantenoligarchie achter George Bush en Tony Blair staan om Irak binnen te vallen. Dit ondanks het gegeven dat Balkenende en Saddam Hoessein in zekere zin in hetzelfde schuitje zaten: hun beider landen werden immers heel brutaal bedreigd door het Anglo-Amerikaanse imperialisme. We moeten ons daarom serieus afvragen of Nederland wel voor 100% bevrijd werd op 5 mei 1945. Het lijkt er meer op dat een Duitse kolonisator vervangen werd door een Anglo-Amerikaanse imperialistische coördinator. De vermeende vrijheid verschaft door de Amerikanen had voordelen maar er waren duidelijk voorwaarden aan verbonden geschreven in lettertjes te klein voor de kiezer. Door Nederland stroomt wel de Rijn, maar in hoeverre is Nederland soeverein?

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Calamiteiten in Brazilië

Op 2 september jongstleden werd Rio de Janeiro getroffen door een ware cultuur-historische calamiteit. Het Nationale Museum van Brazilië, het grootste museum van Zuid-Amerika, ging in vlammen op en praktisch de ganse collectie is tot as gereduceerd. Of in andere woorden, 20 miljoen verzamelde objecten en 200 jaar tijd van werk en onderzoek naar de Filistijnen. Helaas staat deze cultuur-historische calamiteit symbool voor een calamiteit die momenteel gaande is in de Braziliaanse politiek. De racistische witte bovenlaag is er reeds in geslaagd om een relatief progressieve politieke wind te doen keren. Dat is tot daar aantoe, maar alles wijst erop dat het na 7 oktober verder gaat escaleren. Nota bene in een democratie waar de meerderheid van de bevolking niet-wit is dreigt een fascist op democratische wijze de macht te gaan grijpen.

Twee dagen voor het tragische incident met het Nationale Museum plaatsvond besloot de hoogste Braziliaanse verkiezingsrechtbank dat de momenteel voor corruptie in de gevangenis verkerende ex-president Lula niet mag deelnemen aan de algemene verkiezingen in oktober. Dit terwijl hij veruit de populairste kandidaat was.

Lula is een voormalig vakbondsleider die van 2003-2011 president was van Brazilië en tevens de eerste Braziliaanse president afkomstig uit de arbeidersklasse. Hetgeen hem nooit in dank is afgenomen door de sociale cirkels waaruit normaliter de persoon die het hoogste politieke ambt te lande bekleedt uit voortkomt. Hoe dan ook, tijdens diens carrière als vaksbondsman zag de financiële wereld Lula als een communistische extremist. Maar het kan evident verkeren. Want eenmaal aan de macht metamorfoseerde Lula tot het lievelingetje van de bankiers. Zijn vakbonsverleden ten spijt bleek president Lula in de praktijk aan de leiband van de finaciële wereld te lopen. Zo zette president Lula bij de aanvang van zijn ambt onmiddellijk de toon door Brazilië een door het IMF voorgeschreven bezuinigingsbeleid op te leggen. Verder militairiseerde hij het sociale leven en brak hij publieke diensten af. Tevens stelde hij neoliberale economen aan in zijn kabinet en behartigde de belangen van Wall Street naast die van oligarchen actief in de petrochemische industrie, de mijnbouw en de agrarische wereld naar hun volle tevredenheid. Lula werd echter met name gesteund door de zakelijke elite vanwege de staatssubsidies en belastingvoordelen die hij aan ze verschafde.

Deed Lula dan niets voor de minder draagkrachtigen? Zeer zeker wel. Lula deelde maandelijk voedselpakketten uit ter waarde van $60 aan 30 miljoen behoeftige gezinnen (cynici beweerden wel dat hij in werkelijkheid stemmen kocht). Los daarvan konden vele armen onder Lula een stap maken op de sociaal-economische ladder. Anderzijds, het feit dat Washington, Wall Street en het IMF dolblij met Lula waren zei in feite heel veel. Dat had bij Lula’s fans een belletje moeten doen rinkelen. Desalniettemin, hoe was het mogelijk dat Lula zowel de kool als de geit kon sparen? Zeker in het licht dat Lula in ieder geval geen revolutionaire economische hervormingen door heeft gevoerd. De verklaring is dat hij profiteerde van speculatief kapitaal dat Brazilië binnenstroomde en het feit dat de prijs van grondstoffen en mineralen tijdelijk hoog lagen. Daarom dachten zijn fans dat hij met een toverstokje zwaaide. Aan het eind van zijn tweede termijn stortte de financiële wereld en de markt in grondstoffen echter in en daarmee de Braziliaanse economie. De opportunistische Braziliaanse zakenelite liet Lula toen ook onmiddellijk weer vallen als een baksteen.

Lula’s protegé en opvolgster Dilma Rousseff erfde de economische malaise die hij had achtergelaten en moest daarvoor boeten. Ondanks dat ook zij naar de pijpen van de elite danste. Vooral de manier hoe Rousseff met haar natuurlijke achterban omging in de aanloop naar het WK voetbal 2014 en de Olympische Spelen van 2016 is alles behalve charmant (duizenden mensen van huis en haard verjaagd), maar de witte sociaal-economische bovenlaag was nog woedender vanwege de sociale programma’s die Rousseff aan de minder bedeelden toekende.

Apartheid werkt in Brazilië officieuzer dan dat het vroeger in de VS en Zuid-Afrika werkte. De racistische elite vond het verschrikkelijk dat de armen een beetje welvarender waren geworden, en armoede heeft in Brazilië een kleur. Door hun toegenomen welvaart konden Zwarte mensen tot afgrijzen van de elite het zich ineens permitteren op witte bolwerken als winkelcentra, vliegvelden en universiteiten te verschijnen. Dat moest dus spoedig stoppen. Uiteindelijk wisten ze Rousseff te pakken op creatief boekhouden ter financiering van sociale projecten. Vervolgens werd haar mentor Lula, die zijn politieke carrière weer wilde oppakken, gepakt op het aannemen van steekpenningen. Dat daar geen enkel bewijs voor was deerde niet.

Lula was veruit de populairste kandidaat in de verkiezingsrace, maar nu hem zijn kandidatuur door de rechter ontzegd is is de fascist Jair Bolsonaro de populairste kandidaat. Een aartsracist die continu zulke merkwaardige uitspraken doet dat zelfs Trump zich ervoor zou schamen. Daarbij was het wellicht niet zo’n goed idee om Bolsonaro op straat neer te steken aangezien hij nu in de ogen van velen tot martelaar is gepromoveerd. Maar los van Bolsonaro zou er sowieso afgerekend worden met de politieke tak van de Braziliaanse arbeidersbeweging. Dat valt af te leiden uit statements gemaakt door de top van het Braziliaanse leger in de media. Zij hebben verklaard geen andere keuze te hebben om in te grijpen mocht Lula op vrije voeten blijven en de verkiezingen winnen. Lula was schijnbaar gedoemd een omgekeerde Mandela te worden: niet van de gevangenschap naar presidentschap, maar van presidentschap tot gevangenschap.

Djehuti-Ankh-Kheru

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Handelsoorlog met China


Dat de VS een machtig land is staat buiten kijf. Na de instorting van de Sovjet-Unie leek het er een tijdje zelfs op dat de VS almachtig was. Echter, de laatste jaren zijn in die perceptie van almachtigheid meerdere scheuren blootgelegd. Zo Beschikte de VS traditioneel over de grootste economie op de globe. Gedurende de 20e eeuw was het Amerikaanse BNP doorgaans zoveel als 30% van het mondiale BNP. Met als hoogtepunt 1945, toen de VS 50% (!) van de wereldeconomie opslokte. Het bezit van de grootste economie schept tevens de mogelijkheid om het sterkste leger ter wereld te financieren. Hetgeen de VS ook heeft gedaan (in ieder geval op papier). Een dikke twintig jaar kon het Anglo-Amerikaanse imperium zorgeloos in ongenade gevallen regeringen omkegelen. Of het nou rechtstreeks ging zoals in Afghanistan en Irak, of middels proxies zoals bijvoorbeeld in Joegoslavië en Libië. Doch in Syrië werd de trend gestopt door Rusland. De Anglo-Amerikaanse proxies waren aan de winnende hand, maar nadat het ingrijpen van Moskou keerden de kansen en werd het onoverwinnelijk geachte IS gedecimeerd. Een grote nederlaag voor het Anglo-Amerikaanse imperium.

Bovendien wordt het relatieve aandeel van de VS in de wereldeconomie steeds kleiner. Naarmate meer landen economisch aansluiting vinden zullen er evenzo meer landen militair hun mannetje kunnen staan. Zodoende zal de Anglo-Amerikaanse wereldhegenomie steeds meer afnemen. Doch let wel, het imperium zal zich absoluut niet gewonnen geven zonder strijd. Het zal zijn huid duur verkopen.

In 2014 werden er cijfers wereldkundig gemaakt waaruit bleek dat China de VS van de troon gestoten heeft als grootste economie ter wereld. Dit terwijl de speculantenoligarchie vanaf de jaren ’70 dacht dat China een inherent achterlijk land was dat ze naar hartelust konden exploiteren: grote ondernemingen verhuisden massaal hun productie naar China om de loonkosten te drukken. Deze gang van zaken heeft de zakelijke bovenlaag in met name de VS absoluut geen windeieren gelegd. Jarenlang werd er ook geen probleem van gemaakt. So what Chinese import? China maakte in werkelijkheid toch niets zelf? Het waren toch geen Chinese producten die geïmporteerd werden, maar producten die in China gemaakt waren door Amerikaanse bedrijven? De postmoderne Amerikaanse economie was het primitieve stadium van produceren toch reeds gepasseerd en inmiddels geovolueerd tot een diensten-en kenniseconomie?

Maar het als inherent achterlijk geachte China bleek toch een stuk minder achterlijk dan dat hardop gefluisterd werd. De Chinese economie bleef jaren achtereen spectaculair groeien. Zelfs zo spectaculair dat het een serieuze bedreiging werd voor de VS. Bovenal, China begon te bedenken dat het al die hightech producten die het voor de Amerikanen produceerde ook voor eigen gewin kon produceren en exploiteren. Tot overmaat van ramp begon China met name in Afrika met het imperium te concurreren om de toegang tot grondstoffen en mineralen. Daarbij verpestte China het VOC-kolonialisme door 50-50 deals te sluiten ipv de anachronistische 20-80 deals die het Westen gewoon is te sluiten.

China sluit natuurlijk niet uit altruïsme relatief goede deals af. Wat soms over het hoofd wordt gezien is dat naast economische redenen ook politieke redenen een rol spelen. China tracht ook simpelweg zijn bestaan te rechtvaardigen. China strijdt nl. sinds haar bestaan met dat andere China om internationale erkenning. Eens werd Taiwan (de Republiek China), en niet de Volkrepubliek China door de wereld gezien als het rechtmatige China. Met name de VS erkende het communistische China niet. In Taiwan zetelt de Chinese regering die in 1949 door de communisten is verjaagd, ondanks Amerikaanse steun. Westerse bondgenoot Taiwan was aanvankelijk ook de officiële vertegenwoordiger van China bij de VN. Maar het tij begon in de jaren ’60 te keren. Steeds meer voormalige koloniën werden onafhankelijk en lid van de VN. Deze landen sympathiseerden vaak met Peking. Maar ook verschillende traditionele Amerikaanse bondgenoten begonnen te kantelen. Met als gevolg dat middels resolutie 2758 en mede dankzij de steun van 26 Afrikaanse landen de Volksrepubliek China op 23 november 1971 lid werd van de VN ten koste van Taiwan. Tot op de dag van vandaag strijden China en Taiwan om de erkenning van de wereld (overigens, de VS erkende China pas officieel op 1 januari 1979).

De VS knoopte de betrekkingen met China naast het lucratieve vooruitzicht van de goedkope arbeid tevens aan om aartsvijand de Sovjet-Unie onder druk te zetten (de koude oorlog woede immers in volle hevigheid). De bedoeling was dus vooral dat China door de Anglo-Amerikaanse speculantenoligarchie ouderwets geëxploiteerd zou gaan worden net zoals zovele andere niet-Westerse landen.

De vruchten van de Chinese arbeid zijn inderdaad schaamteloos geëxploiteerd door Amerikaanse multinationals. Maar dat heeft niet kunnen verhinderen dat China zelf op technologisch gebied is gaan innoveren, produceren en exploiteren, of dat de Chinese economie de Amerikaanse overvleugeld heeft. Dat kan nimmer de bedoeling zijn geweest van Nixon en Kissinger toen zij in 1972 toenadering zochten tot partijvoorzitter Mao Zedong, of Jimmy Carter toen hij in 1979 China erkende. Het probleem is niet noodzakelijkerwijs het grote Chinese handelsoverschot met Amerika, het probleem is dat de Chinese economie kwa omvang kan wedijveren met de Amerikaanse. Om die reden is het per definitie een bedreiging voor het Anglo-Amerikaanse imperium. Om de opmars van China bij tijds te stuiten heeft president Trump de opdracht meegekregen om middels zware sancties te trachten de Chinese economie te amputeren en aldus de Anglo-Amerikaanse wereldhegonomie te garanderen. Vandaar het gescherm met een handelsoorlog.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

De erfenis van Aretha Franklin

Aretha Franklin wordt algemeen beschouwd als de queen of soul. Het is een titel die ze reeds in de jaren zestig van de 20e eeuw opeiste, en sindsdien is niemand erin geslaagd haar van de troon te stoten. Tot aan haar heengaan op 16 augustus 2018. Volgens het vooraanstaande Amerikaanse muziekblad Rolling Stone is ze de beste zanger allertijden, waarmee ze legendes als Sam Cooke, Elvis Presley en Ray Charles voor blijft.

Aretha Franklin werd geboren in Memphis, Tenessee, maar groeide op in Detroit. Daar was ze een ster in wording tussen de sterren in wording, want bij haar in de buurt woonden ook Smokey Robinson, Diana Ross, the Temptations en the 4 Tops. Volgens ingewijdenen was Aretha Franklin een wonderkind: op zevenjarige leeftijd kon ze reeds onwaarschijnlijk goed zingen. Aretha groeide echter niet alleen op tussen de toekomstige sterren, doch net zo goed tussen de gevestigde sterren. Zo was haar tante en jeugdidool de beroemde gospelzangeres Clara Ward. Haar vader was weer de vooraanstaande dominee Charles L. Franklin, die veel connecties had in de gospelwereld. Als kind was ze samen met haar zussen Carolyn en Erma lid van pa’s kerkkoor waarmee ze als tiener vaak op toernee ging. Bij de familie Franklin kwamen behalve de Ward Singers (de groep van Clara Ward) gospelgrootheden als Mahalia Jackson en James Cleveland over de vloer.

Van jongs af aan wees alles er dus op dat Aretha professioneel artiest zou worden aangezien zowel het talent, de inspirerende omgeving als de noodzakelijke connecties in overvloed aanwezig waren. Aretha zou verkassen van de gospel naar de seculiere muziek en na een valse start bij CBS brak ze definitief door na een overstap in 1966 naar het bekende r&b label Atlantic. Waar de gerenomeerde producer Jerry Wexler wel raad wist met Aretha’s stem. Zodoende werd de koninklijke roem bemachtigd die haar stem toebehoort. In ’67 en ’68 scoort ze maar liefst negen Amerikaanse top 10 hits achter elkaar. Ook al zou ze nimmer meer zo prominent op de hitlijsten aanwezig zijn als in de jaren ’60, de komende vijf decennia zou Aretha Franklin immer onbetwist the queen of soul blijven. Hoe dan ook, gedurende haar carrière zou ze 75 miljoen geluidsdragers aan de man brengen en achttien Grammy Awards binnenslepen.

Ondanks de overvloed aan muzikaliteit in haar familie was niet alles wat de klok sloeg te huize Franklin muziek. Haar familie was net zo activistisch als dat het muzikaal was. Vader C.L. Franklin was een bekende burgerrechtenactivist. Hij leidde de New Bethel Baptist Church te Detroit alwaar hij de Black liberation theology predikte. Haar familie rekende mensen als Malcolm X, Betty Shabazz, Adam Clayton Powell, Jessie Jackson en dr. Martin Luther King tot hun vriendenkring en bondgenoten. Franklin sr. organiseerde ondanks veel weerstand onder lokale Zwarte leiders in juni 1963 de historische Detroit Walk to Freedom (massaprotest tegen rassendiscriminatie), op dat moment de grootste demonstratie ooit gehouden in de Amerikaanse geschiedenis (tot dr. King’s March on Washington twee maanden later). In 1969 werd in de kerk van Franklin de First New African Nation Day gevierd. Wat uitliep op een confrontatie tussen de autoriteiten en activisten, waarbij een politieagent om het leven kwam en verschillende leden van de Republic of New Africa gewond raakten.

Zelf voelde Aretha zich ook zeer betrokken bij de strijd van activisten. Zo had ze in haar platencontract laten opnemen dat ze niet voor een gesegregeerd publiek hoefde op te treden. Ze financierde de beweging van dr. King door gratis een reeks concerten te geven. Eveneens bood ze tegen het advies van haar vader aan de borgsom van Angela Davis te betalen toen de activiste onterecht opgesloten zat: “Ik heb het geld. Verkregen van Zwarte mensen—zij hebben het financieel voor mij mogelijk gemaakt om het te hebben—en ik wil het zo aanwenden dat onze mensen er hun voordeel mee doen.” Eveneens de Black Panther Party kon op de sympathie van the queen of soul rekenen. Ze heeft een brief naar de minister van cultuur van de Black Party geschreven waarin ze haar spijt uitte voor haar afwezigheid bij een fondsenwervingsactie voor de Black Panther Party. Ze kon niet aanwezig zijn vanwege drukke bezigheden, maar gaf wel aan dat ze vond dat de Party goed werk verrichtte en er naar uitzag hen te ontmoeten.

Omgekeerd werd de muziek van de queen of soul omarmd door verschillende sociale bewegingen. Haar hit Respect groeide zelfs uit tot het officieuze volkslied van de Black power en feministische bewegingen. Haar nummer Chains of Fools verwierf weer een speciale plaats in het collectieve bewustzijn van de anti-oorlogsbeweging. De muziek van Aretha hielp naar hun eigen zeggen talloze Amerikaanse soldaten door de Vietnamoorlog, waarvoor ze Aretha ook hebben bedankt. Na de moord op dr. King gingen boze veteranen het nummer opeisen als protestlied tegen de Vietnamoorlog. Opmerkelijk hoe de muziek van Aretha ervaren wordt. Zoals hierboven aangegeven voelde Aretha Franklin zich maatschappelijk betrokken, maar dat kwam in principe niet tot uiting in de teksten van haar muziek, zoals bijvoorbeeld bij Bob Dylan of Bob Marley. Aretha zong grotendeels apolitieke teksten over de liefde. Of was dat maar schijn? Blijkbaar was de bezieling die zij middels haar stembanden wist over te brengen dusdanig verpletterend dat wat ze feitelijk zong minder relevant was. Daarom was ze waarschijnlijk ook de queen of soul.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

De erfenis van Moeder Kofi

Marcus Garvey is zoals bekend één van die historische figuren die door eurocentrische historici het liefste straal genegeerd worden. Als dat niet blijkt te werken wordt de man compleet door het slijk gehaald. Of die smeercampagne effect heeft gehad is echter de vraag. Want met name dankzij reggaemuzikanten die gelieerd zijn aan de rastafari-beweging is zijn erfenis tegen de verdrukking in levend gehouden. Terecht ook, want iedereen die pretendeert de moderne geschiedenis te schrijven van mensen van Afrikaanse komaf maar Garvey durft te negeren is zeer vooringenomen bezig. Los van de vraag of je voor of tegen bent, je bent professioneel verplicht hem te noemen en becommentariëren.

Als Garvey al een probleem heeft betrekkende zichtbaarheid in de mainstream geschiedschrijving, dan zal men begrijpen hoe het met de zichtbaarheid gesteld is van de personen die op hun beurt door Garvey zijn overschaduwd in de geschiedenisboeken. Zelfs door garveyisten. Neem bijvoorbeeld Laura Adorkor Kofi (eveneens bekend als Moeder Kofi). Zo weidt Tony Martin, de grote historicus van de Garvey-beweging, slechts een paar zinnetjes over haar uit. En dan is Martin nog genereus, want andere met het garveyisme sympathiserende historici negeren haar volledig. Niettegenstaande het feit dat ze op een gegeven moment door Garvey en zijn vetrouwelingen als een grote rivale werd beschouwd…

Laura Adorkor Kofi was een Ashanti-prinses woonachtig in de stad Kumasi (hedendaags Ghana). Naar verluidt werd ze in 1893 geboren en in 1918 emigreerde ze naar de VS. Doch beslist niet als economische migrant, maar uit ideële overwegingen. Naar eigen zeggen was aan haar door god geopenbaard dat het haar roeping was om Zwarte mensen over de ganse wereld, maar die uit de VS in het bijzonder, te bevrijden. Dus trok ze naar de VS om het Afrikaans-Amerikaanse volk te bevrijden door ze mee terug te nemen naar Afrika.

Ze leefde enige tijd in Detroit maar sloot zich halverwege jaren ’20 aan bij de UNIA (de organisatie van Garvey) en werd ongekend populair. Binnen een paar maanden was ze na Garvey zelfs de populairste persoon binnen de organisatie. Ze werd vooral naar het zuiden gestuurd om lezingen te geven. Overal waar ze sprak werd ze als een popster onthaald door duizenden enthousiaste toeschouwers. Zoiets was nimmer vertoond!

De meeste Zwarte Amerikanen hadden nog nooit iemand die in Afrika geboren en getogen was in levende lijve gehoord noch aanschouwd, wat hen nieuwsgierig maakte. Los van dat was het vooral haar boodschap dat aansprak. Ze verhaalde gepassioneerd over de grootsheid en potentie van Afrika, ze benadrukte dat Zwarte mensen trots moesten zijn op hun afkomst, ze sprak over repatriëring naar Afrika als bevrijding en dat er een goddelijke band was tussen Afrikanen van het continent en mensen van Afrikaanse komaf in de Amerika´s, etc., en dat ging er bij Zwarte Amerikanen vertoevend in het door en door racistische zuiden in als zoete koek.

Aanvankelijk stond Garvey vierkant achter Moeder Kofi, maar dat veranderde nadat hij het gevang in moest wegens vermeende postfraude. Garvey’s verbanning van de maatschappij had geen negatief effect op de populariteit van Moeder Kofi, integendeel. De immens populaire Kofi bezocht Garvey in de gevangenis en waarschuwde hem voor de vele onbetrouware mensen in zijn organisatie, maar dat werd haar niet in dank afgenomen. In plaats van haar waarschuwing ter harte te nemen ging Garvey Kofi als een bedreiging zien en begon zich publiekelijk van haar te distantiëren. Erger nog, de UNIA-top trachtte karaktermoord op haar te plegen. Zo werd beweerd dat Moeder Kofi nep was: ze zou helemaal niet uit Afrika komen, maar als Laura Champion geboren en getogen zijn in de VS (inmiddels hebben geleerden na grondig onderzoek vastgesteld dat ze wel degelijk in Ghana is geboren en getogen). Bovenal begonnen fanatieke UNIA-leden haar meetings te verstoren, waaruit ze opmaakte niet meer veilig te zijn.

Pogingen om zich met de UNIA te verzoenen mislukten. In 1927 distantieerde Garvey en de UNIA zich zelfs publiekelijk van Kofi. Hierop begon Kofi haar eigen kerk, de AUC (African Universal Church). Deze kerk plaatste het Zwarte nationalisme à la Garvey in een religieus raamwerk. Op 28 maart 1928 gaf ze weer een lezing voor duizenden mensen in Miami. Eensgelijk Malcolm X decennia later liet ze haar beveiliging verslappen, hetgeen een fanatieke Garveyite de kans gaf een vuurwapen te trekken en Moeder kofi op de kansel tijdens haar lezing te vermoorden.

De moord op Moeder Kofi betekende niet het einde van haar kerk. Haar kerk met als droom repatriëring en handel drijven met Afrika werd voortgezet door dominee Eli Nyombolo uit Zuid-Afrika. In Jacksonville, Florida werd ter ere van Moeder Kofi een gemeenschap opgebouwd genaamd Adorkaville. Betreffende gemeenschap bereidde zich voor op repatriëring naar Afrika en dreef tevens zoveel als mogelijk handel met Afrika. Daarnaast vestigden Afrikanen van het continent zich ter plaatse om de bewoners van Adorkaville inheemse Afrikaanse talen te leren (door de invloed van dominee Nyombolo waren met name de talen van zuidelijk Afrika dominant aanwezig), waardoor de gemeenschap meertalig werd. Na het heengaan van dominee Nyombolo in de jaren ’70 viel de kerk en gemeenschap uiteen: Adorkaville stierf uit. Maar de laatste jaren zijn er in Jacksonville plannen ontwikkeld om Adorkaville te vereeuwigen. Een speciale commissie heeft Adorkaville tot historic site gepromoveerd en het is de bedoeling dat het gerestaureerd wordt in haar oorspronkelijke staat en dat er een museum wordt geschapen.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Kabel in Kameroen


Clarence Seedorf is dus tot bondscoach benoemd van het vooraanstaande Afrikaanse voetballand Kameroen en jeugdvriend Patrick Kluivert wordt zijn secondant. Na het ontslag van de Belg Hugo Broos werd de Kameroense voetbalbond bedolven onder 77 open sollicitaties, waaronder gerenomeerde namen zaten als Raymond Domenech, Lothar Matthäus en John Toshack. Al die brieven gingen rechtstreeks de prullenmand in. De bond gaf de voorkeur aan een shortlist bestaande uit Sven-Göran Eriksson en Seedorf, maar blijkbaar maakte Seedorf uiteindelijk toch de beste indruk. Dat is opmerkelijk, aangezien Zwarte coaches moeilijk aan de bak komen in de voetbalwereld. Stanley Menzo heeft daarover eens een boekje over open gedaan.

Zelfs Afrikaanse landen hebben er moeite mee om bondscoaches van kleur aan te stellen. Doorgaans prefereren ze Europese coaches van de tweede garniatuur. Helaas zijn ook de Kameroense bobo’s in het verleden met die koloniale attitude vergiftigd geweest. Zo boekte Kameroen in 2000 het grootste voetbalsucces in haar geschiedenis door Olympisch kampioen te worden olv de Kameroense coach Jean-Paul Akono. Later zou Akono opnieuw bondscoach worden: in 2012 mocht Akono de honneurs waarnemen als interim bondscoach ter vervanging van de Fransman Denis Lavagne. Echter, tot Akono’s grote teleurstelling kreeg hij geen definitieve aanstelling maar moest in 2013 weer ruim baan maken voor de Duitser Volke Finke. Blijkbaar is zelfs een Olympische titel niet sufficiënt om een Zwarte bondscoach enige krediet te verschaffen. Dat moet de kabel zich ook goed beseffen. Desalniettemin, dat kan natuurlijk geen reden zijn om deze interessante uitdaging niet met volle overtuiging aan te gaan.

Kameroen is nl. niet zo maar een willekeurig voetballand. Het was het land dat Afrika op de kaart heeft gezet: het was in 1990 het eerste Afrikaanse land dat potten wist te breken op een mondiaal eindtoernooi. Tot groot genoegen van de neutrale kijker. Bovendien leek Kameroen zich verder te ontwikkelen. Begin 21e eeuw werd het Kameroense elftal door de kenners zelfs beschouwd als één der beste ter wereld. Zo wist Kameroen het in 2000 en 2002 te schoppen tot Afrikaans Kampioen, in 2000 pakte het Olympisch goud en in 2003 werd het runner-up van de Confederations Cup. Tijdens het WK van 2002 rekende Aad de Mos Kameroen zelfs tot de favorieten voor de titel en gokte Ronald de Boer dat Kameroen wereldkampioen zou worden. Echter, op het hoogste podium heeft Kameroen de verwachtingen nimmer in kunnen lossen.

Rond de tijd dat Kameroen op de deur aan het kloppen was van de wereldtop werd het hart van de kabel (Seedorf en Kluivert) gerekend tot de beste voetballers ter wereld. Zo was Seedorf aan het grossieren in de cup met de grote oren en maakte Kluivert furore bij Barcelona en werd topscorer allertijden van het Nederlands elftal. Ondanks de ongekende successen van beide voetballers wekten zij reeds vroeg in hun carrière de toorn van het Nederlandse publiek op vanwege vermeend filmsterrengedrag.

De band van Seedorf met Suriname leek aanvankelijk een stuk beter. De man heeft in ieder geval enige tijd serieus getracht het Surinaamse voetbal naar een hoger niveau te stuwen. Hij heeft onder meer op eigen kosten ter plaatse een stadion uit de grond gestampt. Om ons niet geheel duidelijke redenen schijnt het uiteindelijk niet meer geboterd te hebben tussen Seedorf en de Surinaamse voetbalbond waardoor Seedorf’s grootse plannen jammerlijk overwoekerd raakten met onkruid en het Surinaamse voetbal weer terug was bij af.

In tegenstelling tot Nederland en Suriname was men in Brazilië juist dolblij met de know-how en ervaring van Seedorf. In de nadagen van diens carrière tekende Seedorf bij de legendarische Braziliaanse club Botafogo (club van Garrincha) hetgeen zorgde voor grote euforie. Niet slechts bij de fans van Botafogo, maar bij voetbalfans in heel Brazilië. De komst van Seedorf werd gezien als de grootste transfer uit de geschiedenis van het Bazililiaanse voetbal. Nog nooit eerder had zo’n beroemde voetballer uit Europa de oversteek naar Brazilië gemaakt! Seedorf heeft de hooggespannen verwachtingen in Brazilië dubbel en dwars waargemaakt. Niet alleen door zijn spel, doch waarschijnlijk nog meer als mentor en voorbeeldfiguur voor de (jonge) spelers in de selectie. De teleurstelling was dan ook heel groot bij de club toen Seedorf in 2014 inging op een aanbieding van AC Milan om aldaar trainer te worden. De grote teleurstelling over zijn vertrek werd wellicht het beste geïllustreerd door ex-voorzitter Carlos Augusto Montenegro: “Als Seedorf wil vertrekken, zal hij ons Kaká en Robinho moeten geven om ons bij te staan in de Copa Libertadores. Als hij daar niet mee akkoord gaat, mag hij hoe dan ook niet weg.”

De realiteit gebiedt wel te vermelden dat de trainerscarrière van Seedorf nog niet helemaal op stoom geraakt, maar dat hoeft opzich niet alles te zeggen. De trainerscarrière van Louis van Gaal begon immers ook niet voortvarend. Maar de grote rol die hij voor en achter de schermen gespeeld heeft bij Botafogo als gids van de selectie suggereert dat hij het wel degelijk in zich heeft om tot een succesvolle oefenmeester uit te groeien. Misschien geldt dat zelfs wel nog meer voor assistent Kluivert, die het reeds lukte om het beloftenelftal van Twente kampioen te maken en een redelijk succesvol bondscoach is geweest van Curaçao en bovenal technisch directeur was bij PSG. In ieder geval, met Nederland en Suriname boterde het niet, maar het zou een mooie revanche zijn mocht de kabel met Kameroen wel cum laude slagen.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Arsinoë: Cleopatra’s vergeten zuster


In 2009 veroorzaakte de Oostenrijkse archeologe Hilke Thür voor opschudding in de eurocentrische wereld. Waarom? Na uitgebreid de beschikbare gegevens van de schedel van de zuster van Cleopatra VII te hebben bestudeerd had ze wereldkundig gemaakt dat betreffende koningin een Afrikaanse moeder had. Aangezien veel historici denken dat Cleopatra en Arsinoë dezelfde moeder hadden, zou hiermee bevestigd zijn wat bepaalde Afrikaansgecentreerde geleerden al tijden beweren: dat Cleopatra herself van Afrikaanse komaf was. Korte tijd kreeg deze ontdekking enige publiciteit in de mainstream media, maar inmiddels is de gevestigde eurocentrische media en wetenschap weer overgegaan tot de orde van de dag en negeert de revolutionaire conclusies getrokken door Thür straal. Zo werd er eerder dit jaar als vanouds verbolgen gereageerd toen de Zwarte diva Beyoncé zich publiekelijk met Cleopatra identificeerde.

Maar wie was die Arsinoë IV eigenlijk? Cleopatra geniet algemene bekendheid, Arsinoë is daarentegen slechts bekend bij een klein groepje erudiete geleerden. Doch het had wellicht ook andersom kunnen zijn geweest. Cleopatra en Arsinoë hebben elkaar op leven en dood bestreden en de in vergetelheid geraakte Arsinoë is enige tijd aan de winnende hand geweest.

Toen Julius Caesar in Egypte acte de presence gaf in 48 v.j. waren Cleopatra en haar broer Ptolemaeus XIV verwikkeld in een hevige machtstrijd. Nadat Julius Caesar de zijde van Cleopatra had gekozen beraamden de naaste vertrouwelingen van Ptolemaeus plannen om Caesar uit de weg te ruimen. Dit lekte uit, en Ptolemaeus’ mentor Pothinus werd geëxecuteerd. Maar generaal Achillus wist te ontsnappen en bracht een leger op de been waarmee hij Alexandrië omsingelde en binnentrok. Echter, eveneens Arsinoë wist met haar mentor Ganymedes te ontvluchten en sloot zich aan bij Achillus. Doch reeds snel bombardeerde Arsinoë zichzelf tot opperbevelhebber van het Alexandrijnse leger, kroonde zichzelf tot koningin en liet Achillus (die zichzelf tot farao had benoemd) executeren. Tevens werd Ganymedes tot tweede in rang van het leger benoemd.

Het Alexandrijnse leger begon verschillende successen te boeken contra de Romeinen. Caesar zat al ingesloten in een bepaalde wijk, maar het werd hem nog moeilijker gemaakt toen de Alexandrijnen zeewater in de grachten lieten stromen, waardoor Caesar en zijn gevolg niet meer de beschikking hadden over drinkwater. Zodoende brak er paniek uit onder diens manschappen. Caesar trachtte zijn soldaten te kalmeren door ter plaatse nieuwe putten te slaan. Het bleek echter niet voldoende te zijn en Julius Caesar bedacht zich dat hij moest uitbreken wilde hij overleven. Dus viel hij het eiland Pharos aan (waar de beroemde vuurtoren stond). De Alexandrijnse troepen dreven Julius Caesar echter terug. Caesar leed een vernederende nederlaag: om zijn hachje te redden moest hij zijn harnas en kleren uittrekken om zwemmend een nabij gelegen Romeins schip te bereiken.

Nu gebeurde er iets opmerkelijks. Belangrijke Alexandrijnse officieren benaderden de Romeinen met het verzoek Arsinoë te ruilen voor Ptolemaeus. Naar verluidt omdat ze Ganymedes zat waren en vrede wensten. Caesar hapte toe. Ptolemaeus kwam vrij en Arsinoë werd nu de gevangene van Caesar. Ptolemaeus zette de strijd voort, maar werd verslagen nadat Caesar versterkingen had gekregen.

Ptolemaeus zou op de vlucht verdrinken in de Nijl en Arsinoë werd vernederd in Caesar’s triomftocht door Rome. Tot grote ongenoegen van het Romeinse volk overigens, dat sterk met haar sympathiseerde en haar vrijlating eiste. Caesar zwichtte voor de druk. Ze mocht haar leven zelfs voortzetten in de tempel van Artemis te Ephesus (het was de gewoonte dat de geparadeerde gevangenen na afloop van een triomftocht gewurgd werden). Doch Cleopatra bleef Arsinoë als een grote bedreiging zien, en op Cleopatra’s aandringen liet haar nieuwe minnaar Marcus Antonius Arsinoë in 41 v.j. vermoorden op de traptredes van de tempel van Ephesus.

Doorgaans wordt er vanuit gegaan dat niet Arsinoë, maar haar mentor Ganymedes het brein achter de zeges van het Alexandrijnse leger op Julius Caesar was. Maar de vraag is, als Arsinoë echt intellectueel ongevaarlijk was, waarom zou Julius Caesar koning Ptolemaeus verruild hebben voor een onbeduidend ‘prinsesje’, en waarom was hij zo trots dat hij Arsinoë in handen had gekregen dat hij haar opzichtig als hoofdprijs liet paraderen in zijn triomftocht? Blijkbaar had Caesar het gevoel een geduchte vijand te hebben verslagen. Bovenal, zou de nederlaag die het Alexandrijnse leger uiteindelijk leed iets te maken hebben gehad met haar vertrek?

Het zou sowieso zeer opmerkelijk zijn geweest als een Afrikaanse vrouw één van de grootste militaire genieën uit de Westerse geschiedenis zo in het nauw kon drijven. Maar wat alles nog veel opzienbarender maakt is dat wetenschappelijk onderzoek uit heeft gewezen dat het lichaam van Arsinoë bij overlijden tussen de 15-20 jaar was. Hetgeen inhoudt dat toen ze Julius Caesar tot wanhoop dreef tussen de 8-13 jaar was. In dat geval zou ze een wonderkind moeten zijn geweest. Het zou ook verklaren waarom het volk van Rome zo sterk met haar sympathiseerde toen ze geparadeerd werd door Rome (wàt? Julius Caesar is trots omdat hij van een klein meisje heeft gewonnen?). Het zou tevens kunnen verklaren waarom Cleopatra haar altijd als een gevaar is blijven zien en haar uiteindelijk uit de weg liet ruimen (anderzijds, de Ptolemaeën waren elkaar continu aan het uitmoorden). In ieder geval, evenals Cleopatra was Arsinoë een koningin die het avontuur alles behalve schuwde. Zij heeft de geschiedenisboekjes niet weten te halen. Ze is compleet overschaduwd door Cleopatra. Maar de rollen hadden zo maar precies andersom kunnen zijn geweest.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Stef Blok en Surinaams blok


De VVD profileert zich doorgaans als de partij van de handelaren. De partij ook die gaarne hamert op eigen verantwoordelijkheid. Daarnaast concurreert de partij met Geert Wilders en FvD om de gunst van de xenofobe kiezer. Dit is paradoxaal, aangezien het juist de handelaren waren die de afgelopen honderden jaren grote volksverhuizingen georganiseerd hebben (al dan niet trans-Atlantisch). Waarom neemt de partij van de handelaren daar dan geen verantwoordelijkheid voor?

Het is lang stil gehouden, maar de xenofobe VVD is hoofdverantwoordelijke voor hetzelfde multiculturele drama waar het tegenwoordig zo heftig tegen ageert, al dan niet in het geniep in achterafkamertjes. Het was de VVD die voor haar achterban van handelaren regelde dat zij goedkope arbeidskrachten mochten ronselen in verschillende landen gelegen rond de Middellandse Zee. Hierdoor ontstond hetgeen xenofoben gaarne bestempelen als het multiculturele drama. Maar blijkbaar heeft de xenofobe Nederlandse kiezer het geheugen van een goudvis, want hij heeft immigratiepartij de VVD de afgelopen decennia rijkelijk beloond tijdens electorale ijkpunten.

Het laatste xenofobe incident waarbij de partij van de handelaren bij betrokken was waren dus de gewraakte uitspraken van Minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok die Suriname een failed state noemde, en wel omdat het een multi-etnische samenleving is. Als vervolg op een eerdere bewering van Neerlands top-diplomaat dat dat hij geen enkele geslaagde multiculturele samenleving kende. Toen vervolgens een toehoorder Suriname noemde als voorbeeld van een geslaagde multiculturele samenleving replieerde Blok dus dat de voormalige Nederlandse kolonie een failed state is.

Zou Blok werkelijk gedacht hebben dat hij nog in 1998 leefde? Dat hij als minister op een lezing voor ‘ingewijdenen’ ongestraft zijn xenofobe inborst zou kunnen uiten? Zo naïef is die meneer toch niet? Hij weet toch wel dat tegenwoordig alles en iedereen overal en altijd bewapend is met handzame beeld -en geluidsvastleggers? Dus waarom deed hij een Oudkerkje?

Rob Oudkerk was een prominent politicus van de PvdA die er niet bewust van zou zijn geweest dat de camera van tv-programma 2Vandaag draaide en daarom de vrijheid nam om in een onderonsje met burgemeester Job Cohen zijn beklag te doen over de ‘kut-Marokkanen’. Hetgeen het einde betekende van diens politieke carrière. Dit alles speelde in de tijd dat Pim Fortuin aan een dusdanige stormachtige opmars bezig was dat terecht gevreesd werd dat de haat-dandy de gevestigde politieke partijen electoraal weg zou gaan vagen. Achteraf kan de vraag gesteld worden of Oudkerk er daadwerkelijk niet bewust van was dat ronkende tv-camera’s hem in de smiezen hielden, maar dat hij in werkelijkheid heel bewust voor het oog van de camera een xenofoob theekransje hield met Cohen om te trachten Fortuin de wind uit de zeilen te nemen.

Waarom trapte Blok in dezelfde valkuil als Oudkerk? Het feit dat zelfs als fatsoenlijk bekend staande Nederlandse top-politici meer dan eens betrapt worden op xenofobie als het lijkt dat de spotlights uit zijn suggereert dat een xenofoob sentiment wijdverspreid is onder hen, maar dat ze hun xenofobie volgens het ongeschreven protocol en public verbergen achter een schijnheilige glimlach. Los van een xenofoob sentiment dat zowel onder de Nederlandse bevolking als onder een bepaald deel van de politici heerst (ook zij die zich als fatsoenlijk profileren), is de vraag waarom professionele politici zo onprofessioneel opereren dat het lijkt of het hen aan camera-bewustzijn ontbeert.

Wellicht dacht Blok dat het een mooie tijd was om te experimenteren. Zomerreces van de Tweede Kamer, komkommertijd, WK-voetbal, etc, dus de tijd van het jaar voor proefballonnetjes. Tijdens de vorige verkiezingen legde een confrontatie met Turkije VVD-lijstrekker Mark Rutte beslist geen windeieren. Wellicht trachtte Blok alvast voor de VVD te verkennen of en hoe dit model opnieuw toegepast kan worden op het moment der waarheid. Klaarblijkelijk dacht Stef Blok dat de voormalige Nederlandse kolonie Suriname een makkelijk slachtoffer zou zijn, reden waarom hij compleet los ging op precies datgene waar Suriname zichzelf om op de borst klopt: het land waar in één en dezelfde straat een moskee en een synagoge kunnen staan.

Overigens suggereert de retoriek die Blok debiteert sterk dat hij aandachtig naar erkende youtube-racisten als Jared Taylor en Stefan Molyneux luistert. Daarmee is hij niet de eerste Nederlandse politicus dit jaar die zichzelf op de ideeën van dergelijke alt right ideologen vergallopeert. Daarnaast is het opmerkelijk dat Blok uitgerekend rond de tijd dat het multi-etnische Frankrijk wereldkampioen voetbal werd van leer trok tegen multi-etnische samenlevingen. Daarbij bleek Blok de definitie van een failed state niet te kennen en verzuimende hij om in zijn antwoord mee te nemen dat het vermeende multiculturele drama Suriname toch echt door Nederlandse handelaren is gecreëerd. Net zoals het vermeende multiculturele drama in Nederland. Dus als Blok zo fel gekant is tegen multiculturele samenlevingen, waarom is hij dan überhaupt lid geworden van de VVD? Waarom heeft hij zich aangesloten bij de partij die het ronselen van goedkope arbeiders uit den vreemde actief heeft aangemoedigd?

Maar ieder nadeel heeft zijn voordeel. Historisch gezien heeft Nederland altijd getracht het Surinaamse volk te verdelen zodat er eenvoudig over geheerst kon worden. Dat is lange tijd ook uitstekend geslaagd. Maar het lijkt erop dat Blok met die traditie gebroken heeft. Het lijkt erop dat top-diplomaat Blok met zijn ondiplomatieke uitspraken de toorn van het Surinaamse volk heeft opgewekt en zodoende een significante bijdrage levert aan het gevoel van eenheid onder datzelfde geplaagde Surinaamse volk. Blok creëerde een Surinaams blok.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Won Pan-Afrika of Frankrijk de wereldbeker?


Ondanks dat de Afrikaanse landen historisch zwak gepresteerd hebben op het WK 2018 is Pan-Afrika volgens menigeen toch in vermomming wereldkampioen voetbal geworden op 15 juli 2018. Zo twitterde voormalig Nigeriaans international Sunday Oliseh: “Eindelijk wint Afrika haar eerste wereldbeker, maar in Franse kleuren lol. Gefeliciteerd Frankrijk, het is verdiend.” Want het surrogate Afrikaanse team Frankrijk wist voor de tweede maal goud op te eisen ten aanschouwe van de wereld. Frankijk rekende bovendien af met teams die in het meer en minder recente verleden op dramatische wijze Afrikaanse teams de weg hadden versperd, zoals Uruguay en Argentinië. Met name de match contra Argentinië zou in de toekomst wel eens van grote symbolische waarde kunnen blijken, omdat in die wedstrijd de nieuwe koning van het voetbal de oude koning officieus ontroonde. Mocht de komende tijd uitwijzen dat de vlijmscherpe Messi daadwerkelijk bot is geworden en supertalent Mbapé de komende jaren inderdaad uitgroeit tot de beste voetballer ter wereld. Waarmee sinds Pelé’s pensioen een speler waarin Afrikanen zich kunnen herkennen weer ‘O Rei’ zou worden.

Overigens, voetballers van Afrikaanse komaf verdedigen reeds een kleine eeuw de kleuren van Frankrijk. De primeur kwam Raoul Diagny toe (zoon van de belangrijke politicus Blaise Diagny), en wel op 15 februari 1931 tegen Tjechoslawakije. In 1938 zou Diagny Frankrijk vertegenwoordigen op het WK. Maar sinds de jaren ’90 (of wellicht zelfs eerder) wordt Frankrijk door velen steeds meer ervaren als een verdwaald Afrikaans voetballand. Zowel door mensen die sympathiseren met de zgn. multiculturele samenleving als racisten en xenofoben. Zo hebben zowel Le Pen senior als Le Pen junior bij verscheidene gelegenheden verkondigd dat het onnatuurlijk is om Frankrijk te laten vertegenwoordigen door zoveel niet-witte voetballers: het zou nl. geen afspiegeling zijn van de Franse bevolking. Woorden van gelijke strekking zijn geuit door Le Pen’s Vlaamse collega Filip de Winter. In ieder geval na de WK finale van 2006 tussen Italië en een Afriphone Frankrijk.

Frankrijk dreigde te Zwart te worden. Dat zou ook de reden zijn dat succestrainer Jean Tigana eind jaren ’90 geen bondscoach van het land mocht worden. Officieel is dat natuurlijk nimmer verkondigd, maar via de wandelgangen zou gelekt zijn dat de ware reden voor de afwijzing van Tigana was dat de bobo’s van de FFF (Franse voetbalbond) vonden dat het Franse nationale team te melaninerijk werd met zoveel Zwarte spelers in de selectie en dan ook nog eens een Zwarte bondscoach? Omgekeerd worden witte Franse coaches—vaak van de tweede garnituur—weer bij voortduring aangesteld als keuzeheren van Afrikaanse elftallen.

Hoe dan ook, de gemiddelde Fransman is zo trots als een pauw op de eindzege in de vierjaarlijkse surrogaat wereldoorlog. Nota bene op het grondgebied van de klassieke erfvijand Rusland. Alwaar zelfs Napoleon roemloos strandde. Ongeacht dat het keurcorps werd gedomineerd door zij die sterk geassocieerd worden met het Pan-Europese immigratiedebat. Xenofoben kunnen daarom weinig inbrengen tegen dit soort successen. Anderzijds zou weer betoogd kunnen worden dat Frankrijk in deze de vruchten plukt van haar koloniale verleden. Maar daarin is Frankrijk zeker niet uniek. Nederland deed een aantal jaren geleden iets verglijkbaars door wereldkampioen honkbal te worden met een team dat gedomineerd werd door spelers met wortels in het Caribische deel van het koninkrijk.

Het wereldkampioenschap voetbal is echter veruit de meest prestigieuze sportprijs die er bestaat. Multicultureel drama of niet, de multiculturele samenleving zegevierde in deze dramatisch. Dit soort ongekende successen van de Franse multiculturele samenleving dragen er in zekere zin toe bij dat het concept Fransman wordt geherdefinieerd in de publieke opinie. Dat zit xenofobe politici die te pas en te onpas steen en been klagen over het multiculturele drama natuurlijk niet lekker.

Anderzijds, we moeten natuurlijk niet met de illusie gaan leven dat de successen van het vreemdelingenlegioen de Franse samenleving van racisme verschoond heeft. Net zo min als de wapenfeiten van Pelé en Garrincha Brazilië van racisme verschoonden, of de triomfen van Gullit en Rijkaard Nederland van de VOC-mentaliteit bevrijdde of the goldrush van het dream team de VS een stukje multi-etnisch paradijs op aarde maakte. Neen. De geschiedenis wijst helaas uit dat de maatschappelijke effecten van multiculturele sportsuccessen op de lange termijn toch betrekkeijk blijken.

Uiteindelijk lijkt het er toch op dat de zakelijke en politieke elite van Frankrijk het meeste gaat profiteren van Marrianne’s voetbalroem dat meerdere vaders kent. Juist omdat mensen uit Afrika en haar diaspora zo hard juichen voor Frankrijk. Net zoals het de witte racistische Braziliaanse bovenlaag was dat de vruchten plukte van het succes van Pelé en consorten, en niet de mensen uit de favela’s. Dankzij Pelé kon racistisch Brazilië zich in Afrika en ver daarbuiten onder valse voorwendselen profileren als een multicultureel paradijs en aldaar nieuwe markten aanboren. Brazilië was immers dat land met dat schitterende multi-etnische elftal dat die arrogante Westerlingen keer op keer genadeloos van de mat veegden. Hetzelfde geldt nu voor Frankrijk. Niet slechts Frankrijk, maar het hele Franse imperium deelt mee in het wereldkampioenschap. Of zoals je wilt, gans Pan-Afrika. Vanuit die insteek kan Frankrijk haar politieke en economische relaties met Afrika in het algemeen, maar haar voormalige koloniën (die onder de CFA zuchten) in het bijzonder, naar nieuwe hoogtepunten stuwen. Dus in feite heeft Frankrijk dubbelop gewonnen. Want uiteindelijk staat dat brok goud de komende vier jaar niet in Afrika maar in Parijs. Eensgelijk de harten van Pan-Afrika.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment