De erfenis van Winnie Mandela

Op 2 april 2018 verruilde Winnie Mandela het tijdige voor het eeuwige. Alhoewel Nelson Mandela alle eer toebedeeld krijgt, zou betoogd kunnen worden dat Winnie Mandela in werkelijkheid minstens net zo belangrijk was. Al was het maar omdat Nelson Mandela onderdeel bleef van het collectieve mondiale bewustzijn dankzij de inspanningen en opofferingen van Winnie Mandela.

Winnie Mandela werd op 26 september 1936 geboren als Nomzamo Winifred Zanyiwe Madikizela in een Xhosa familie. Zij zou maatschappelijk werkster worden en in 1958 trouwen met de vooraanstaande anti-apartheidsactivist Nelson Mandela, waarmee ze twee kinderen kreeg. In 1963 werd Nelson Mandela gearresteerd en tot levenslang veroordeeld omdat hij een terrorist zou zijn. In 1991 scheidde zij weer van Nelson Mandela…

In de jaren ’50 had de niet-witte bevolking van Zuid-Afrika getracht middels geweldloos verzet haar rechten op te eisen, maar het mocht totaal niet baten. Het apartheidsregime week geen millimeter. Het reageerde met zeer grof geweld op vreedzaam verzet, met als dieptepunt Sharpeville, alwaar op 21 maart 1960 de politie het vuur opende op vreedzame demonstranten tegen de pasjeswet en daarbij 69 mensen vermoorde en er honderden verwondde. Hierop braken er overal in Zuid-Afrika rellen uit, maar het regime sloeg keihard terug: de noodtoestand werd uitgeroepen, het ANC en het PAC verboden verklaard en een aantal kopstukken waaronder Nelson Mandela enige tijd opgesloten. Het was een duidelijk statement: het apartheidsregime was bereid het onderste uit de kan te halen om aan de macht te blijven.

Door dit soort zeer gewelddadige reacties kwam Nelson Mandela tot de conclusie dat geweldloos verzet tegen het racistische apartheidsregime geen zin had, en dat een andere weg ingeslagen diende te worden. Eigenlijk had de verboden anti-apartheidsorganisatie ANC geen andere keuze meer dan over te gaan tot gewapend verzet. Daarom werd Umkhonto we Sizwe (Speer van de natie) opgericht. Maar ook Umkhonto we Sizwe leek uit te lopen op een groot debacle, want al snel werden Nelson Mandela en andere ANC-kopstukken gearresteerd. Nelson Mandela kreeg levenslang, terwijl anderen het land ontvluchtten. Hiermee leek de overwinning van het apartheidsregime compleet. De anti-apartheidsbeweging was weggevaagd.

Het regime had de ANC-kopstukken opgesloten vanuit de gedachte dat het volk van Zuid-Afrika Nelson Mandela en consorten daardoor zou gaan vergeten. Maar niets bleek minder waar. Vooral dankzij Winnie Mandela bleef Nelson Mandela levend in zowel binnen als buitenland. Toen alle belangrijke leiders in de gevangenis zaten of in ballingschap leefden nam Winnie Mandela het stokje over.

Uiteindelijk werd ook de gewapende strijd tegen apartheid wel degelijk succesvol. Daarin leverde Winnie Mandela een belangrijke bijdrage door massaal wapens en contrabande het land binnen te smokkelen. Er werd zo’n 40 ton aan wapens Zuid-Afrika binnengesmokkeld en zo’n 10.000 soldaten gerekruteerd. Hierdoor konden er eind jaren ’80 honderden aanslagen gepleegd worden. Eveneens waren massale stakingen en boycots van de Zwarte Zuid-Afrikaanse bevolking aan de orde van de dag, waardoor het apartheidsregime begon te wankelen.

In het Westen denkt men dat de apartheid is afgeschaft door een Westerse boycot, maar in werkelijkheid waren andere factoren veel belangrijker. Het racistische regime met het onoverwinnelijk geachte leger werd 23 maart 1988 verpletterend verslagen bij Cuito Cuanavale door Cuba en Angola, maar eveneens binnen Zuid-Afrika stond een verschrikkelijke guerilla-oorlog met Umkhonto we Sizwe op het punt van beginnen. Bovendien gingen na het echec bij Cuito Cuanavale steeds meer witte jongeren dienst weigeren.

In augustus 1990 begonnen de officiële onderhandelingen tussen het regime en het ANC waardoor de gewapende strijd abrupt stopte. Juist op het moment dat Umkhonto we Sizwe steeds sterker en succesvoller werd en de bevolking steeds militanter. Met andere woorden, de ernstige dreiging van een volmondige guerilla-oorlog binnen de grenzen van Zuid-Afrika was een belangrijke reden voor het apartheidsregime om de onderhandelingen te openen om de dreigende zonvloed te keren.

Nelson Mandela, het grote symbool van de strijd tegen apartheid deed tijdens de onderhandelingen merkwaardige economische concessies waardoor het lot van Zwart Zuid-Afrika nadien nauwelijks heeft kunnen verbeteren. Wellicht zijn die discutabele economische concessies wel de reden dat Nelson Mandela officieus tot heilige is verklaard door de mainstream Westerse pers en geschiedschrijving. Daarbij was de zwakte van Nelson Mandela dat hij wel erg graag geaccepteerd wilde worden door de witte elite. Dat valt o.a. op te maken uit de opmerking van koning Willem Alexander dat naar zijn zeggen Nelson Mandela zichzelf wel drie maal had uitgenodigd voor zijn bruiloft.

Winnie Mandela had het volgende te zeggen over het onderhandelingsresultaat van Nelson: “Mandela heeft ons laten zakken. Hij stemde toe met een slechte deal voor Zwarten. Economisch zijn we nog steeds outsiders. De economie is heel erg ʽwitʼ. Het heeft een paar excuuszwarten, maar velen die hun leven gegeven hebben in de strijd zijn gestorven zonder beloond te zijn.”

Winnie Mandela werd uiteindelijk slachtoffer van een karaktermoord, gerelateerd aan de moord op Stompie Moeketsi door haar bodyguards. Doch inmiddels is het helder dat in werkelijkheid de Zuid-Afrikaanse geheime dienst erachter zat. Echter, de bevolking van de townshops weet welke ongeëvenaarde rol Winnie Mandela heeft gespeeld in de (gewapende) strijd tegen de apartheid vandaar dat ze aldaar ondanks de ongekende smeercampagne altijd razend populair is gebleven. Desalniettemin, het is interessant om te observeren hoe de mainstream media en geschiedschrijving verschillende standaarden hanteert voor witte en Zwarte helden. Hoeveel witte helden zouden er overblijven als ze langs dezelfde meetlat waren gelegd als Winnie Mandela?

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

De erfenis van dr. Martin Luther King


Op 4 april 2018 is het 50 jaar geleden dat dr. Martin Luther King jr., de onsterfelijke leider van de burgerrechtenbeweging, werd vermoord. De man geniet een algemene bekendheid. Hij is het bekendste personage uit de geschiedenis van Zwart Amerika. Zelfs mensen die eigenlijk helemaal niets weten van de geschiedenis van Zwart Amerika zijn toch bekend met de naam dr. Martin Luther King, de man die er middels geweldloos verzet in geslaagd zou zijn geweest om bij de machtigste regering op aarde burgerrechten en stemrechten af te dwingen voor zijn volk, en activisten over gans de aarde geïnspireerd heeft.

Martin Luther King zag op 15 januari 1929 voor het eerst het levenslicht in een gesegregeerd Atlanta Georgia als kleinzoon van een slaafgemaakte. King junior was zeer talentvol. Zo mocht hij op de middelbare school klassen overslaan, waardoor hij op 15-jarige leeftijd reeds op de gerenomeerde Zwarte universiteit Morehouse College zat, en als 19-jarige kon afstuderen in de sociologie. Hij zette zijn studies voort op Theological Seminary en Boston Theological School, alwaar hij op 5 juni 1955 promoveerde in de theologie.

Dr. King werd in 1954 als hoog opgeleide jonge pastoor aangesteld in Montgommery, alwaar hij in 1955 tot leider benoemd werd van de succesvolle boycot tegen het gesegregeerde plaatselijke busvervoer. Hierdoor verkreeg dr. King internationale bekendheid. Later werd dr. King zowel de officiële leider van de SCLC als de officieuze leider van de burgerrechtenbeweging. Dr. King en zijn volgelingen voerden geweldloos actie tegen segregatie. Vervolgens zette Amerika zichzelf voor de ogen van de wereld te kijk door op extreme wijze te reageren op vreedzaam protest. Een wereldmacht die de wereld de les trachtte te lezen over democratie en mensenrechten kon zich die imagoschade niet veroorloven (zie ook Gezegend en vervloekt blz. 222-224). Bovendien won dr. King als kampioen van het geweldloos verzet de Nobelprijs voor de vrede in 1964. Om het geschade blazoen weer te zuiveren werd in 1964 de Civil Rights Act en in 1965 de Voting Rights Acts aangenomen tijdens het presidentschap van Lyndon B. Johnson.

Met het aannemen van bovengenoemde wetten waren de problemen van Zwart Amerika echter verre van opgelost. Dat was ook nimmer de bedoeling geweest van Johnson. Het was vooral ter facilitering van de internationale diplomatiek: nu konden Amerikaanse diplomaten in het buitenland verkondigen dat rassenrelaties in de VS een reuzensprong voorwaarts hadden gemaakt als ze in het buitenland weer eens werden beschuldigd van hypocrisie tijdens het propageren van democratie en mensenrechten.

Dr. King besefte goed dat er eveneens wetgeving nodig was om het stemrecht van Zwarte Amerikanen in het zuiden te verdedigen, en ging daarom gewoon door met actievoeren om dat af te dwingen. Daarnaast begreep hij dat de onderdrukking van Zwart Amerika vooral een economische achtergrond had. Er zou dus concreets niets veranderen als er niets gedaan werd aan de grote armoede. Mede daarom was hij ook tegen de dure Vietnamoorlog, een oorlog die veel geld kostte. Geld dat veel beter besteed kon worden aan de ontwikkeling van Zwart Amerika. Dr. King zag dus een direct verband tussen de armoede van Zwart Amerika en het militair-industrieel-complex.

King kwam nu in het spagaat: enerzijds kwam hij in conflict met de traditionele Zwarte leiders die vonden dat president Johnson al voldoende concessies had gedaan, en het daarom strategisch beter was om zo’n ‘goede’ president te vriend te houden in plaats van kritiek te leveren op zijn buitenlandse beleid. Anderzijds was er een jongere generatie Zwarte Amerikanen die meenden dat dr. King niets bereikt had met zijn geweldloze verzet, en pleitten voor het inslaan van een andere weg.

King meende echter dat hij moreel verplicht was zich uit te spreken tegen de Vietnamoorlog, ongeacht de reactie van het publiek. Desalniettemin, nadat dr. King zich had uitgesproken tegen de Vietnamoorlog namen de donaties juist toe. King begon toenadering te zoeken tot de vredesbeweging die meerendeels uit witte mensen bestond. Hij trachtte een brede coalitie te smeden tussen Zwarte Amerikanen, witte arbeiders (de meeste armen waren wit!) en de vredesbeweging om een strijd te leveren tegen de aan elkaar verbonden problemen armoede en oorlog, oftewel een strijd tegen de zittende machthebbers. Volgens sommige kwade tongen werd hij door het smeden van die brede coalitie een dusdanig serieus gevaar voor de status quo dat hij door de diepe staat uit de weg is geruimd.

Hetzelfde zou gelden voor de 6 juni 1968 vermoorde presidentskandidaat Robert F. Kennedy. Robert Kennedy voerde campagne met de belofte armoede te bestrijden en vrede te maken. Dat zinde dr. King ten zeerste. De beweging geleid door dr. King was in 1968 de status quo blijkbaar dusdanig serieus aan het bedreigen dat de diepe staat meende rigoreus te moeten ingrijpen met moorden op zowel dr. King als Robert Kennedy.

De Amerikaanse autoriteiten kunnen onmogelijk ontkennen dat een man als dr. King bestaan heeft. Sterker nog, ze erkennen hem officieel als Amerikaanse held. Hij wordt zelfs geëerd met een officiële nationale feestdag! Hierbij moet wel in ogenschouw genomen worden dat hij doelbewust wordt geframed als een naïeve, masochistische dromer, zodat hij toekomstige generaties niet op ideeën kan brengen. Gevolg is dat de meeste mensen hem vereenzelvigen met zijn “I have a dream” lezing. Andere lezingen, waarin hij de Amerikaanse status quo zwaar bekritiseert zoals zijn lezingen tegen armoede en de Vietnamoorlog zijn onder het tapijt geschoven.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Identificeerbare politiek

Inmiddels heeft een geplaagde Surinaamse onderneemster uit Hilversum definitief om oneigenlijke redenen de handdoek in de ring gegooid. Wat draaide haar de nek om? Het onophoudelijke getreiter van racistische, witte Hollandse jongeren en de lokale autoriteiten en justitie die hun laakbare gedrag gedoogden. Zoals ze zelf reeds aangegeven heeft, als het andersom was dan was Nederland te klein geweest: “Ik als zwarte vrouwelijke ondernemer, en ja, dit schrijf ik bewust op, heb van de politiek het gevoel gekregen dat mijn zaak niet ernstig genoeg is. Had het een verschil uitgemaakt als ik een witte Hollandse vrouw of met een joodse achtergrond door zwarte jongeren of islamitische jongeren was belaagd? Ja, durf ik bijna volmondig te beamen.” Sterker nog, we kunnen een parallel trekken. Hoe groot was de maatschappelijke verontwaardiging toen een Palestijn een Joods restaurant trachtte te verbouwen een paar maanden geleden? Er werden zelfs vragen over gesteld in de Tweede Kamer. Maar welke politicus waagt het om zijn handen te branden als deze maal het slechtoffer Zwart is en de straatterroristen wit?

Evenzo was er onlangs het tragische incident in Emmen, waarbij een politica van Somalische komaf uit wanhoop het campagnevoeren staakte vanwege de overweldigende racistische retoriek die ze op straat naar haar hoofd geslingerd kreeg. Nog immer wordt met regelmaat ontkend dat racisme in Nederland een serieus probleem is, en om die reden is het frappant dat uitgerekend Emmen dusdanig in het nieuws kwam. Deze gang van zaken is namelijk erg strijdig met de uitspraken van de eveneens in Emmen opgegroeide Zwarte presentatrice Iris van Lunenberg. Van Lunenberg beweerde het enige Zwarte meisje in Emmen te zijn en haar hele leven aldaar verschoond te zijn gebleven van racisme (wat ook heel goed mogelijk is is dat de naïeve van Lunenberg simpelweg het intellect ontbeert om racisme te herkennen).

Mensen van kleur hebben blijkbaar wel degelijk belang bij moedige politici die speciaal voor hen de nek uitsteken. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat al langere tijd witte politici zich specifiek bezig gehouden hebben met de belangen van mensen van kleur. Zo bekommerde Harry van Bommel zich jarenlang om zaken die met name voor Surinamers van belang zijn. Uiteindelijk publiceerde hij een boek met en over Surinamers. Het boek was ongetwijfeld met de beste bedoelingen uitgebracht, maar omdat in betreffend boek koloniaal taalgebruik werd getolereerd kreeg het een grimmig staartje. Enige tijd later verliet van Bommel de Tweede Kamer. Niet lang daarna zegde hij zelfs zijn lidmaatschap van de SP op. Het zou toch niet zo zijn dat de SP van Bommel heeft afgerekend omdat hij naar hun smaak te weinig Surinaamse kiezers heeft binnen weten te hengelen en negatieve publiciteit aangaande gedoe rond een boek zag als een soort van druppel die de emmer deed overlopen? Want gedeeltelijk vist de SP uit dezelfde vijver als de PVV en FvD, wat inhoudt dat ze een risico lopen als ze zich al te solidair verklaren met migranten. Enerzijds is het dus zo dat politici minder enthousiast zijn om hun nek uit te steken voor Zwarte mensen, anderzijds beloont het Zwarte electoraat politici die dat wel doen wellicht onvoldoende.

Na de laatste vorige verkiezingen bleek tot ontzetting van Zwart Nederland dat geen enkele politicus van Afrikaanse komaf meer lid was van de primaire volksvergadering. Of dat noodzakelijkerwijs een probleem is is echter de vraag, in het achterhoofd houdend dat er een groot verschil is tussen Zwarte politici en politici die Zwart zijn. Maar goed, als ‘herkenning’ als zaligmakend wordt beschouwd dan zijn in ieder geval bij de gemeenteraadverkiezingen van Amsterdam in die context drie electorale successen geboekt. Zo is de sociale zelfmoord gepleegd hebbende tv-persoonlijkheid Sylvana Simons opgestaan uit de dood en heeft zichzelf officieel nieuw leven ingeblazen als gekozen politica. Los van de vraag of men het eens moet zijn met de manier hoe ze politiek bedrijft en of de groep die haar het fanatiekste steunt wel voldoende vertegenwoordigd is in haar partijbestuur en kandidatenlijst, dwingt haar getoonde veerkracht respect af.

De partij die Sylvana in het holst van de nacht een dolk in de rug stak heeft zich inmiddels in liefst dertien gemeentes in de Raden genesteld. Met als hoogtepunt Rotterdam, waar de PVV aanvankelijk vier zetels mocht bezetten en gezworen aartsvijand de PVV twee. Maar na hertelling kon DENK een nog langere neus opzetten richting de vijand. DENK kreeg er nog een vierde zetel bij, en de PVV werd ten koste van de vierde zetel van DENK gehalveerd.

Blijkbaar vinden de migranten dat de traditionele politieke partrijen hun belangen verkwanselen. De algemene ruk naar rechts om de PVV de wind uit de zeilen te nemen zal niemand zijn ontgaan. Aan het laten verwilderen van de eigen ideologische veren blijkt een prijskaartje te hangen. De traditionele politiek wordt tegenwoordig dus niet slechts rechtsom maar evenzo linksom afgetekend afgerekend.

Wel vragen we ons af waar DENK was toen die Surinaamse onderneemster belaagd werd door Hollandse straatterroristen. DENK had zijn ideologie eer aan kunnen doen en zichzelf uitstekend naar een bepaalde relevante doelgroep toe kunnen profileren door Kamervragen te stellen over ’t Perronnetje, eensgelijk de PVV zich profileerde door Kamervragen te stellen over de Palestijnse man die een Joods restaurant te lijf ging in Amsterdam. Een gemiste kans voor open doel dus voor DENK, maar we zullen zien of DENK beter strijdt tegen de dubbele maat in de gemeenteraden.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Zwarte identiteit extremisten

Op papier is de Westerse democratische rechtsstaat het utopia voor al haar inwoners ongeacht sociale klasse, etnische afkomst, woonplaats binnen de staat, kleur van het gelaat, etc. Iedereen kan rekenen op dezelfde rechten, iedereen heeft vrijheid van meningsuiting, iedereen heeft dezelfde kansen, mits hij/zij bereid is ze te grijpen en begrijpen. Voor mensen die niet verder wensen te koekeloeren dan hun neus lang is lijkt dat idee inderdaad te kloppen als een bus. Echter, de praktijk heeft meer dan eens anders uitgewezen. Zo hangt hoe goed jouw recht gerespecteerd wordt mede samen met hoe goed de advocaten zijn die jij je kunt veroorloven, en mag je inderdaad roepen wat je wilt, zolang het maar aan dovemansoren besteed is.

Maar het gaat veel verder dan dat. Er is een al dan niet zichtbare status quo en die wenst zichzelf te handhaven. Als het spannend wordt zo nodig met alle mogelijke middelen. Dus inclusief schending van alle mogelijke wetten die door de wetgever officieel gepubliceerd zijn in boekvorm. Dit wordt ook wel de diepe staat genoemd.

Zo startte de FBI in 1956 het beruchte COINTELPRO (COunter INTELligence PROgram). De bedoeling was om politieke organisaties kapot te maken die als een gevaar werden gezien voor de Anglo-Amerikaanse status quo. In eerste instantie waren de communisten het kind van de rekening. Later verschoof de focus naar Zwart Amerika en werden alle mogelijke middelen aangewend om burgerrechten -en Black Power organisaties het leven zuur te maken.

Het zogenaamde COINTERLPRO BLACK HATE begon officieel in 1967. Gelinkt aan COINTERPRO BLACK HATE was het Ghetto Informant Program (GIP): de FBI gebruikte meer dan 7000 mensen om arme Zwarte gemeenschappen te infiltreren. De FBI had Zwart Amerika de oorlog verklaard en alles was geoorloofd: karaktermoord op leiders, valse informatie verspreiden in de media, vervalsde brieven schrijven aan individuen, bewijsmateriaal manipuleren in rechtszaken, getuigen intimideren, toonaangevende activisten vermoorden, drugs in de Zwarte gemeenschap verspreiden, etc. Eigenlijk ging de FBI nog erger te keer tegen Zwart Amerika dan tegen de communisten die als vijfde colonne voor aartsvijand de Sovjet-Unie zouden dienen.

Maar al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel. 8 maart 1971 was een historische dag. Niet alleen omdat het gevecht van de eeuw plaatsvond tussen de ongeslagen wereldkampioenen Muhammad Ali en Joe Frazier, maar eveneens omdat er diezelfde dag ingebroken werd in een kantoor van de FBI en vrijwel ieder aanwezig document werd meegenomen. De inbrekers zijn nimmer in de kraag gegrepen. Wat ze deden is de gestolen documenten anoniem naar journalisten zenden die ze na enige aarzeling publiceerden. Totdan werden Zwarte activisten voor gek verklaard als ze aangaven wat de FBI allemaal uitvrat, werden ze uitgemaakt voor gekkies die in complottheorieën geloofden. Maar nu bleek dat ze gewoon gelijk hadden! Uit angst dat nog meer schandalen aan de grote klok werden gehangen blies J. Edgar Hoover COINTELPRO officieel af op 28 april 1971 (in werkelijkheid ging COINTERLPRO gewoon door, maar de FBI was door de gelekte schandalen nu wel minder onaantastbaar). Doch de geest was nu uit de fles. Meer journalisten gingen onderzoek doen naar de handel en wandel van de FBI, en meer schandalen kwamen aan het licht. Ook dankzij de Freedom of Information Act. Dit leidde weer tot een Parlementair onderzoek in 1975 en 1976 waarbij de beerput nog meer open ging. Hetgeen weer tot hervormingen leidde binnen de FBI.

Zoals bekend verliest een vos wellicht wel zijn haren, maar nooit zijn streken. De grote schandalen die in de jaren ’70 naar buiten kwamen ten spijt wordt tot op de dag van vandaag een vorm van COINTELPRO toegepast. Sterker nog, de FBI lijkt zijn oorlog contra Zwart Amerika officieel te hebben heropend. Op 6 oktober 2017 publiceerde de FBI nl. een document met de titel “Black Identity Extremists Likely Motivated to Target Law Enforcement Officers.” De motivatie voor dit document was het verzet dat ontstond na de moord op Michael Brown jr. 9 augustus 2014. In bettreffend document geeft de FBI aan extra te gaan letten op zgn. Black identity extremists. Black identity extremists zijn Zwarte mensen die geïnspireerd zijn door Zwarte geschiedenis en cultuur (in het verlengde daarvan zijn evenzo Zwarte boekwinkels verdacht). Zij zouden gewelddadig reageren op vermeend racisme in de Amerikaanse samenleving, en om die reden goed in gaten moeten worden gehouden.

De FBI gaat in deze volledig voorbij aan het onrecht dat het prison-industrieel-complex Zwart Amerika structureel aan doet. Waarom wordt het slachtoffer gebombardeerd tot schuldige en gaat de schuldige vrijuit? Waarom pleit de FBI niet voor een grondige hervorming van de Amerikaanse politie? Waarom pakt de FBI die vele zwaar bewapende groeperingen van witte racisten niet aan?

In ieder geval, de eerste Zwarte identiteit extremist is inmiddels reeds gearresteerd. Hij is bekend onder de naam Rakem Balogun. Hij kwam in het vizier van de FBI na deelgenomen te hebben aan protesten tegen racistisch politiegeweld. In zijn huis vond de politie o.a. een boek van Robert F. Williams (een activist van weleer die zowel de Zwarte gemeenschap als witte activisten met vuurwapens beschermde tegen de KKK, zie Gezegend & vervloekt blz. 285-292), dat als bewijsmateriaal werd aangewend. Dit is een zorgwekkende situatie. Het toont helaas de invloed van de diepe staat en daarmee de kromme kant van de democratische rechtsstaat. Zwarte geschiedenis en cultuur is wederom gecriminaliseerd in de VS anno 2018.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Het machtigste land af (2)


Op 1 maart 2018 hield Poetin een lezing in de doema waarin hij de ongekende technologische vernieuwingen van het leger van de Russische Federatie onder de aandacht van de wereld bracht. Poetin beklaagde zich erover dat niemand oor had voor Rusland’s zorgen over de bouw van het raketschild van de NAVO aan Rusland’s grenzen, om er onmiddellijk aan toe te voegen: “Nu zullen jullie luisteren!”

Het in de jaren ’90 als achterlijk beschouwde Rusland zou inmiddels een antwoord hebben op het peperdure raketschild van de NAVO. Rusland heeft dusdanig superieure raketten geschapen dat ze het raketschild kunnen ontwijken of zelfs voorbij racen alsof het er niet staat! Dat zou inhouden dat de Amerikaanse belastingbetaler helemaal voor noppes diep in de buidel heeft getast. De grote mond van Poetin was wereldnieuws, en vanuit het Westen kwamen er onmiddellijk geluiden op dat de man blufte. Anderen deden daar weer een schepje bovenop door te debiteren dat Poetin’s stoere taal in werkelijkheid een doorzichtige verkiezingsstunt is.

Het is zeker niet onwaarschijnlijk dat Poetin zijn praatje mede hield met de aankomende verkiezingen in het achterhoofd. Maar dat wil niet zeggen dat hij gebakken lucht verkocht heeft. In werkelijkheid zei Poetin weinig nieuws. Hij bevestigde slechts officieel wat objectieve militaire experts allang weten: de Russische wapentechnologie is niet voor de poes. Wat zijn de feiten? De afgelopen tijd heeft Rusland zijn hightech wapens in de praktijk kunnen testen te Syrië. De Amerikanen waren ook in Syrië aanwezig, en uit hetgeen er allemaal in Syrië heeft plaatsgevonden hebben de ter plaatse aanwezige Amerikaanse generaals tot hun spijt moeten concluderen dat de Russen inderdaad geavanceerdere wapens tot hun beschikking hebben dan zij. Al is die nieuwe realiteit nog steeds niet doorgedrongen tot het Pentagon. Het Pentagon heeft immers veruit het grootste militaire budget ter wereld, dus hoe kan Rusland nu betere wapens hebben?

Sowieso wordt er bepaalde retoriek gehanteerd om de bevolking in de NAVO-landen te kalmeren. Maar los van dat, al is maar de helft van wat Poetin beweerde waar, dan nog heeft hij de VS compleet in zijn hemd gezet. De algemene gedachte is dat de VS veruit het sterkste leger ter wereld bezit, simpelweg omdat het inderdaad veel meer spendeert aan defensie dan wie ook. Alleen al om die reden is het voor de gewone sterveling niet voor te stellen dat de Amerikaanse strijdkrachten aantastbaar zijn. Echter, het feit dat die gedachte nog steeds leeft geeft aan hoe effectief de propaganda van het Anglo-Amerikaanse imperium is. De praktijk wijst namelijk keer op keer anders uit. Ondanks het buitenproportioneel grote budget verlaat het Amerikaanse leger keer op keer het slagveld met de staart tussen de poten (Vietnam, Somalië, Afghanistan, Irak).

Dat er gigantisch veel geld circuleert binnen het Amerikaanse militair-industrieel-complex wil niet zeggen dat dat geld efficiënt wordt aangewend. Heel veel blijft er aan de strijkstok hangen. Terwijl andere landen, met een veel kleiner budget relatief veel meer waar voor hun geld krijgen. Het geld dat de VS investeert in zijn leger vertaalt zich dus niet evenredig in slagkracht. Een land als Rusland kan blijkbaar met minder beschikbaar geld meer klaarspelen.

Het valt toe te juichen dat er weer landen zijn die het Anglo-Amerikaanse imperium in militair opzicht serieus tegengas kunnen bieden. Bij de aanvang van de 21e eeuw achtte het imperium zichzelf onaantastbaar, en leek ook eensgelijk te handelen. Zo stapte de VS in 2002 nog arrogant uit het in 1972 getekende anti-balistische raketverdrag, dat bedoeld was om het aantal anti-balistische raketten aan zowel Amerikaanse als Russische zijde te beperken. De ratio was dat anti-balistische raketten de wapenwedloop slechts verder deden escaleren, omdat men gewoon meer raketten met kernkoppen ging produceren om anti-balistische raketten te overweldigen, zodat een bepaald % toch doel zou treffen. Tevens zou de aanwezigheid van anti-balistische raketten een first strike wel heel erg belangrijk maken, en daardoor één van beide landen makkelijker zou provoceren daartoe over te gaan.

De VS stapte in 2002 uit het anti-balistische raketverdrag vanuit de superioriteitswaan dat de Amerikaanse technologie zich dusdanig spoedig ontwikkelde dat het binnen afzienbare tijd het ganse kernwapenarsenaal van Rusland kon neutraliseren. Betreffend verdrag zou dat doel slechts hinderen. Het achterlijke Rusland zou nooit meer in staat zijn om de inherent superieure Amerikaanse technologie bij te benen, en het Anglo-Amerikaanse imperium zou tot het einde der tijden de wereld zijn wil op kunnen leggen. In werkelijkheid werd de slapende Russische beer wakker geschut en heeft het zich wedermaal ontwikkeld tot een formidabele opponent.

Let wel, ook de Russen zijn absoluut geen lieverdjes, en op het terrein van propaganda zelfs ronduit naïef. We kunnen ons bijvoorbeeld afvragen waarom ze het nodig vinden om allianties te sluiten met xenofobe Westerse politici als Le Pen en Wilders. Daarnaast is de softpower van het Anglo-Amerikaanse imperium nog altijd veruit superieur: in Rusland zullen er ongetwijfeld films gemaakt worden, maar niets vergeleken met Hollywood. Rusland ontbeert tevens internationaal geliefde popsterren, etc. Zelfs Rusland’s poging om op sportgebied de wereld te charmeren is vooralsnog jammerlijk gestrand in grootschalige doping-en corruptieschandalen. Wat softpower betreft wint het Anglo-Amerikaanse imperium het dus nog altijd met vlag en wimpel van de beer, want de wereld kijkt nog steeds met bewondering en verwondering naar de Amerikaanse film-muziek en sportsterren. maar op wetenschappelijk gebied liggen de kaarten tegenwoordig heel anders dan Cheney en co in 2002 dachten.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Black Panther (2)


Black Panther wordt van allerlei kanten de hemel ingeprezen. Het acteerwerk is fantastisch, de kostuums, de boodschap, etc. Na meer dan honderd jaar van minstrelshows op het witte doek beschouwt met name de Pan-Afrikaanse wereld Black Panther als verfrissend in de overtreffende trap. Eindelijk is Hollywood om en heeft het de stap gewaagd om een Zwarte superheld mainstream erkenning te verschaffen.

Het psychologische effect van Black Panther mag dan ook beslist niet onderschat worden. Menig persoon van Afrikaanse komaf probeert zich zoveel mogelijk van Afrika te distantiëren. Waarom? Omdat het continent in de regel slechts geassocieerd wordt met achterlijkheid en ellende, en daar wenst men zich niet mee te associëren. Sluwe kapitalisten zagen kansen in de zelfhaat van Zwarte mensen en hebben een florerende zelfhaatindustrie op poten gezet. Zie daar de populariteit van levensgevaarlijke huidbleekmiddelen en soortgelijke snuisterijcosmetica, die voornamelijk bestaan bij de gratie van de zelfhaat van Zwarte mensen.

Doch wij weten eveneens dat des te opbouwender de beeldvorming wordt des te meer de zelfhaatindustrie instort. Stel voor dat landen als Nigeria en Kenia economische, technologische en militaire wereldmachten waren. In dat geval zou iedereen met Afrikaanse wortels zich met Afrika identificeren. Sterker nog, zelfs menig Scandinaviër zou zijn stamboom gaat uitkammen om uit te vinden of hij wellicht ergens een Afrikaanse voorouder zou kunnen claimen…

Black Panther toont de kleding en symbolen van volkeren over het hele continent verspreid en associeert ze vervolgens met het welvarendste, technologisch meest geavanceerde en machtigste land op aarde. De euforie in ogenschouw nemend die Black Panther heeft teweeg gebracht heeft dit concept massa’s mensen eensklaps trots gemaakt op hun afkomst. Als het zelfbeeld van Zwarte mensen het af te meten criterium is dan is Black Panther waarschijnlijk wel de succesvolste film uit de geschiedenis.

Naast dat Black Panther uitstekend is voor het zelfbeeld van Zwarte mensen werpt het belangrijke vragen op. Hoe zou een Afrikaans land met een technologische voorsprong op de rest van de wereld daarmee om moeten gaan? Moet het die kennis uit lijfsbehoud voor zichzelf behouden, of moet het die kennis delen? Al dan niet met bevriende naties? Er zijn in het verleden Afrikaanse volkeren geweest die in de positie van het denkbeeldige Wakanda hebben verkeerd. De Egyptenaren weerden de Grieken duizenden jaren, maar nadat de Grieken toch toegang hadden gekregen tot de kennis en kunde van de Egyptische priesters bleek dat het begin van het einde te beteken van de Egyptische beschaving en zijn de Europeanen met de verworvenheden van de Egyptenaren gaan pronken door het te herbenoemen tot ‘Griekse filosofie’. Eeuwen later hadden de Moren een technologische voorsprong op de rest van Europa. De Moren hebben zelfs het eerste vuurwapen—de vuurstok—in Europa geïntroduceerd. Ironisch genoeg zijn vuurwapens vervolgens een belangrijke rol gaan spelen in het verdrijven van de Moren.

Met name vele Zwarte Amerikanen zien niet T’Challa maar de psychopathische moordenaar Erik Killmonger als de held van het verhaal, omdat hij evident de psychologie van een Zwarte Amerikaan bezit en hij de kennis van Wakanda wil aanwenden om Zwarte mensen over de hele wereld te bevrijden van het systeem van witte overheersing. Dat is een nobel streven, maar het moet wel met beleid gebeuren want anders is de kans niet denkbeeldig dat Wakanda binnen de kortste keren met haar eigen wapens bestreden gaat worden zoals eerder de Moren hebben mogen ervaren. Je kunt je ook afvragen, in hoeverre staan de miljoenen bloedfanatieke christenen en moslims in Afrika open voor hulp van een land dat nog steeds traditionele Afrikaanse godsdiensten aanhangt? Een niet onaanzienlijk aantal Afrikanen gaan wellicht niets van Wakanda willen weten, hoe geavanceerd het ook is, omdat ze aan ‘duivelaanbidding’ zouden doen. Oftewel, het nobele plan van Killmonger heeft de nodige haken en ogen en zou daarom zo goed als mogelijk voorbereid moeten worden.

Maar Hollywood zou Hollywood niet zijn als er geen diepere boodschappen werden gecommuniceerd. Hollywood is waarschijnlijk wel het belangrijkste wapen van de Anglo-Amerikaanse softpower. Feit is dat Hollywood in Afrika de laatste jaren veel terrein heeft prijs moeten geven aan het inheemse Nollywood, wat tevens inhoudt dat de Amerikaanse invloed op de hoofden en harten van de Afrikanen is afgenomen. Die invloed is momenteel wellicht belangrijker dan ooit aangezien het Anglo-Amerikaanse imperium momenteel met China strijd om de overvloed aan grondstoffen en mineralen op het continent.

In de eerste plaats moet gelet worden op de rol van de CIA: de CIA heeft Killmonger gecreëerd, en deze creatie van de CIA stort in zijn eentje Wakanda in complete chaos. Daarnaast is het de witte CIA agent die een heldenrol vervult in de burgeroorlog van Wakanda. Boodschap: de CIA kan ieder Afrikaans land destabiliseren, hoe geavanceerd ook! Verder lijkt het karakter Erik Killmonger te refereren aan de strijd die de FBI momenteel voert contra zgn. Black identity extremists (activisten die geïnspireerd zijn door Zwarte geschiedenis en cultuur). Volgens de FBI zijn dit potentiële terroristen en moeten daarom hard aangepakt worden. Niettegenstaande dat Zwarte activisten in de regel hun doelen geweldloos trachten te verwezenlijken. Dit in tegenstelling tot witte racisten, die enorme hoeveelheden wapens hebben verzameld en meer dan eens aangetoond hebben er niet voor terug te deinzen grof geweld toe te passen. Ondanks dat legt de FBI zijn focus liever op geweldloze Zwarte activisten dan zwaar bewapende witte racisten. Het gewelddadige karakter Erik Killmonger rechtvaardigt dat beleid.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Black Panther (1)


De film van Black Panther is momenteel een wereldwijde hype. In het eerste weekend heeft de film waar $200 miljoen in is geïnvesteerd reeds meer dan $360 miljoen in het laadje gebracht. Er werd al maanden reclame gemaakt voor Black Panther en de hoop is dat de film een keerpunt in de filmgeschiedenis gaat markeren gerelateerd aan beeldvorming. Hollywood heeft nl. decennialang Afrika en mensen van Afrikaanse komaf op een ongunstige wijze op het witte doek geprojecteerd. Of zoals Muhammed Ali het zei: “Zelfs Tarzan, de koning van de jungle is wit!”

Black Panther is een Zwarte superheld. In juli 1966 bedacht door de joodse striptekenaars Stan Lee en Jack Kirby (dus om misverstanden te voorkomen, de stripheld bestond dus reeds voor de welbekende Black Panther Party, want die werd pas in oktober 1966 opgericht). Black Panther was de eerste superheld van Afrikaanse komaf die in mainstream Amerikaanse stripboeken acte de presence gaf. Hoewel het mainstream publiek bij het horen van Black Panther in eerste instantie zal denken aan de organisatie opgericht door Huey Newton en Bobby Seale, wekt hij bij die hard stripliefhebbers hele andere associaties op. Black Panther is een oude bekende in televisieshows, tekenfilms, en videogames. In 2016 verscheen hij zelfs al op het witte doek in de film Captain America: Civil War. Wellicht om het grote publiek alvast voor te bereiden op wat komen zou.

De film Black Panther is dus sowieso niet de eerste Hollywoodproductie waarin Zwarte superhelden te bewonderen zijn. Buiten Hollywood wellicht ook niet. Als we het begrip superheld ruim interpreteren zouden zelfs Django en de in 2009 uitgekomen Braziliaanse film Besouro (over het leven van de legendarische gelijknamige capoeirista) als voorlopers genoemd kunnen worden. Wat Hollywood betreft verscheen in 1998 reeds Blade, met in de hoofdrol Wesley Snipes. Maar wat de film Black Panther onderscheidt van alle andere films waarin Zwarte superhelden zijn verschenen is dus niet eens dat een Zwarte superheld de hoofdrol speelt, maar de Afrikaansgecentreerde context waarin hij geplaatst is.

We begrijpen dat het moeilijk is om films te produceren over bepaalde prékoloniale persoonlijkheden. Want dan gaan onmiddellijk wilde hordes van eurocentrische historici naar buiten treden om met elkaar te wedijveren wie het hardst van de daken kan schreeuwen dat de betreffende film ʽafrocentrismeʼ en dus geschiedvervalsing is, waardoor het een naar politiek staartje krijgt. Los van de vraag natuurlijk of Hollywood in zo’n film zou willen investeren. Daarom zijn science fiction films over Zwarte superhelden wellicht het beste mogelijke alternatief om het zelfbeeld van Zwarte mensen te verbeteren. Want ook al zijn ze fictief, Hollywoodfilms hebben een enorme impact op de massa.

Denk bijvoorbeeld aan The Birth of a Nation uit 1915, welke film de inspiratiebron was voor de heroprichting van de KKK. Een ander voorbeeld is Scarface uit 1983. Die film heeft (samen met The Godfather) medio jaren ’80 duizenden Zwarte en Latino jongeren geïnspireerd om drugdealer te worden. Of in deze meer relevant, denk hoeveel inspiratie witte mensen geput hebben uit Rocky. In een tijdperk met Muhammed Ali, George Foreman, Joe Frazier, Ken Norton, etc., dat het volstrekt ondenkbaar was dat een witte man wereldkampioen boksen zwaargewicht kon worden werd de fantasie en het ego van wit Amerika geprikkeld door het onmogelijke toch waarheid te laten worden op het witte doek.

Eerder hebben we de woede aanschouwd toen Hannibal in een documentaire gespeeld werd door een Zwarte acteur, of toen de BBC middels een tekenfilmpje duidelijk maakte dat Groot-Brittannië ten tijde van de Romeinen al een meerkleurige samenleving kende. Het zou politiek correcte geschiedvervalsing zijn. Over een fictieve film zou niemand kunnen vallen zou gedacht kunnen worden, maar zelfs over een fictief verhaal waarin Afrika voor de verandering positief uit de verf komt doet conservatieve elementen koken van woede. Deze attitude maakt het betoog contra vermeende geschiedvervalsing boterzacht en flinterman: in werkelijkheid is men gewoon tegen alles wat in de mainstream media verschijnt waar Zwarte mensen een goed gevoel over kunnen hebben en inspiratie uit kunnen putten.

De vraag is ook waarom de grootste Hollywoodstudio zo’n Afrikaansgecentreerde film uit heeft gebracht? Want los van de mogelijke problemen met het plot is voor de verandering een Afrikaans land niet de speeltuin van koning Tarzan maar het rijkste en meest ontwikkelde land op aarde. Gesuggereerd is dat Hollywood de verliezen van de afgelopen jaren tracht goed te maken. Een aantal grote projecten zouden zijn geflopt, en uit ervaring weet Hollywood dat films gericht op een Zwart publiek succesvol zijn.

In de jaren zeventig werd het noodlijdende Hollywood al gered door de productie van zogenaamde blaxploitation films. Door een arrest uit 1948 ter voorkoming van kartelvorming en de opkomst van de televisie was Hollywood begin jaren ’70 op sterven na dood. Maar door films te maken waarin Zwarte acteurs de hoofdrol spelen werd het vege lijf gered. De ogen van Hollywood werden geopend na het succes van de onafhankelijke Zwarte filmmaker Mario Van Peebles: Hollywood ging zelf massaal Zwarte films maken. Zwarte activisten waren helemaal niet blij met die films. Er waren wellicht wel Zwarte acteurs te zien, maar het zou desalniettemin fnuikend zijn voor de beeldvorming aangezien de thematiek doorgaans pooiers en hoertjes was. Waardoor het genre een zelfde soort effect had op de jeugd als gangsta rap jaren later. Desalniettemin, blijkbaar kan Hollywood ook Zwarte films maken zonder de welbekende stereotype thematiek.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

IQ-sofisten (2)


De eeuwig durende discussie over IQ-tests is onlangs weer opgelaaid. Dat gebeurde nadat ex-politica Femke Halsema en public de leider van FvD confronteerde met een omstreden uitspraak van een prominent lid van zijn partij. Een zeer ambitieus partijlid met een Hindoestaanse achtergrond had nl. in 2016 op de nationale tv gesuggereerd dat racisme een marginaal probleem is: het probleem zou niet racisme zijn, maar het lage IQ van bepaalde groepen. Zo zou het wetenschappelijk bewezen zijn dat Zwarte mensen gemiddeld een laag IQ hebben. Dat zou de achterstanden van bepaalde mensen van kleur verklaren, niet racisme. Als voorbeeld nam hij vermeend racisme op de arbeidsmarkt: “Sowieso gaat het eerder om intelligentie dan om ras. Racisme? Het gaat op de arbeidsmarkt om IQ.”

Los van de vraag of daadwerkelijk wetenschappelijk aangetoond is dat Zwarte mensen gemiddeld achterlijker zijn mist hij het punt volledig in deze context. Niemand beweert immers dat je een ongeschoold persoon moet aanstellen als kernfysicus of hartchirurg. Waar het om gaat is dat gelijke gevallen gelijk behandeld dienen te worden. Menig onderzoek heeft inmiddels uitgewezen dat mensen van kleur met een vergelijkbaar CV als witte collega’s desondanks minder carrièrekansen hebben. Oftewel, racisme is wel degelijk een probleem in Nederland…

Er is een subcultuur van witte supremacisten die hun identiteit ontleent aan IQ-testen. Ze zijn er apetrots op dat ‘wetenschappelijk’ bewezen is dat het gemiddelde IQ van mensen van Europese komaf hoger is dan dat van mensen van Afrikaanse komaf. Opzich interessant, want dat houdt in dat je wit kunt zijn met een IQ van 70, en desalniettemin jezelf superieur wanen aan de meest geniale Zwarte wetenschaper. Hoe dan ook, met een vermeend genetisch bepaald IQ verklaren ze zowel het economische succes van het Westen als alle problemen waar de Pan-Afrikaanse wereld mee kampt. In feite heeft deze beweging altijd al bestaan, maar sinds enige jaren heeft ideoloog Richard Spencer het label alt right bedacht om respectabel over te komen bij het mainstream witte publiek. Toch gaat rechts extremisme met zijn tijd mee. Zo wordt er tegenwoordig vooral gerekruteerd en gecommuniceerd middels het internet. Bovendien propageert alt right naast de superioriteit en behoud van raszuiverheid van de witte mens gaarne libertarische economische denkbeelden: ongebreideld kapitalisme met zo min mogelijk overheidsingrijpen.

Naast Richard Spencer wordt Jared Taylor gerekend tot de belangrijkste ideologen van de alt right beweging (ook al is hij bij bepaalde witte supremacisten juist verdacht omdat hij niet noodzakelijkerwijs tegen joden is). Taylor is de oprichter en hoofdredacteur van American Renaissance, een online tijdschrift dat de mythe van witte suprematie promoot. Taylor’s ding is elke dag de hele dag overal en altijd, ondersteund door pseudowetenschappelijk bewijs, beweren dat Zwarte mensen genetisch inferieur zijn, en alle problemen waarmee ze kampen daarmee te verklaren zijn. Iedere andere verklaring is volgens hem politiek correct ‘gepraat’. Doch let wel, Taylor loopt niet te razen en te tieren als een vol met hakenkruizen getatoueerde neonazi. Integendeel, Taylor is een dandy. Hij is zeer welbespraakt en heeft het beschaafde voorkomen van een Britse aristocraat. Vergeleken met Taylor is Thierry Baudet een ordinair straatschoffie. Taylor heeft de ideologie van de witte suprematie kwa vorm een beschaafd gezicht gegeven, wat niet wegneemt dat Taylor inhoudelijk praktisch hetzelfde verkondigt wat aanhangers van de ideologie van de witte suprematie immer hebben verkondigd.

Taylor heeft dus zelfs mensen van kleur weten te overtuigen van zijn ‘rasrealisme’. Zo interviewde hij eens een Zwarte jongeman op de radio die het roerend met hem eens was. Maar ook in Nederland blijkt Taylor dus meer volgelingen te hebben dan we durfden te hopen. De platvloerse vergoeilijking van racisme op de arbeidsmarkt met de opmerking dat het op de arbeidsmarkt eerder gaat om IQ dan om ras lijkt dan ook in sterke mate geïnspireerd te zijn door die deftige meneer Taylor. Overigens, Taylor verstrekt de FvD wel vaker inspiratie. Zo vindt de kopman van FvD Taylor dusdanig inspirerend dat hij op 12 oktober 2017 liefst 5 uren met hem heeft gesproken.

Echter, door alle ophef rondom FvD zouden we bijna gaan vergeten dat eveneens niet-witte politici van mainstream politieke partijen de ideeën van Taylor propageren. Burgemeester Aboutaleb verkondigde eertijds bijvoorbeeld dat Antilliaanse jongeren uitermate crimineel waren vanwege hun vermeende lage IQ. Dat lijkt eveneens een echo te zijn van Taylor. Want evenzo volgens Taylor zorgt een combinatie van een laag IQ en een hoog testosterongehalte voor de hoge criminaliteitscijfers van Zwart Amerika. In principe zijn alt right-achtige uitspraken taboe in Nederland. Wat wil zeggen, men is niet noodzakelijkerwijs tegen racisme, maar men heeft liever niet dat er racistischer gehandeld en gewandeld wordt dan puur noodzakelijk is om de status quo te handhaven, omdat dat tot reuring en verzet kan leiden. Wat niet wegneemt dat Aboutaleb zo maar een stormfront.org-achtige uitspraak kon doen en ermee wegkomen.

Waarom wordt het voor bepaalde groepen van levensbelang geacht dat wetenschappelijk aanvaard wordt dat bepaalde volkeren achterlijk zijn? Omdat het dan eenvoudiger wordt om een draagvlak te verkrijgen om daar beleid op te maken. Na alle ophef hebben inmiddels verschillende vooraanstaande wetenschappers duidelijk gemaakt dat alle ruis van de alt right ideologen en hun fans ten spijt nog nooit het verband tussen etnische afkomst en IQ is aangetoond. Desalniettemin, voor sommigen geldt blijkbaar dat als ze maar vaak genoeg de youtube-filmpjes van Jared Taylor en consorten bekijken ze hun pseudo-wetenschappelijke drogredeneringen gaan geloven en promoten.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

De ontbrekende schakel in de wereldgeschiedenis


De Britse omroep Channel 4 vertoonde onlangs de documentaire The First Brit: Secrets of the 10,000 Year Old Man. In betreffende docu wordt een op DNA-onderzoek gebaseerde reconstructie van een mens getoond die 10.000 jaar geleden in Groot-Brittannië leefde. Naar de letter genomen was het niet de eerste Brit. Er hadden eerder mensen in Groot-Brittannië gewoond, maar die waren uitgestorven. Echter, hij was wel een pionier. Sinds zijn tijd was de Britse archipel onafgebroken bewoond geweest door mensen. De reconstructie van “de eerste Brit” leidde tot opschudding omdat hij niet in de traditie past. Dit was nl. niet de eerste reconstructie van de zgn. Cheddar man. In eerdere reconstructies was hij afgebeeld met een witte huid. Na een beroep te hebben gedaan op DNA-onderzoek waren wetenschappers tot de conclusie gekomen dat Cheddar man een donkerbruine huid had, een zgn. Australoïde type was, en hebben hem ook dusdanig gereconstrueerd.

Overigens, dit was slechts de officiële bevestiging van hetgeen we al heel lang wisten. Alleen valt het moeilijk naar buiten te brengen omdat dit soort informatie voor bepaalde delen van het publiek te ver afligt van hun eurocentrisch gevormde wereldbeeld: je gaat voor gek verklaard worden. Maar als zelfs de mainstream media erover bericht verandert dat de zaak natuurlijk volledig.

Enfin, we hebben het hier over een ontbrekende schakel in de wereldgeschiedenis. De ontbrekende schakel in de wereldgeschiedenis is de rol van de Zwarte mens. Tegenwoordig wordt erkend dat de eerste mensen op aarde uit Afrika kwamen en naar alle waarschijnlijkheid Zwart waren. Vervolgens verdwijnt de Zwarte mens weer uit de geschiedenisboekjes en duikt pas weer op bij de aanvang van de transatlantische slavernij als slaafgemaakte. Als we de eurocentrische versie van de wereldgeschiedenis mogen geloven is de rol van de Zwarte mens in de wereldgeschiedenis beperkt tot de rol van slachtoffer…

De eerste Indo-Europeanen zouden zich ±800 v.j. op de Britse eilanden hebben gevestigd. De vraag is dan, wie woonden er dan voordien? Eerlijke 19e eeuwse historici als David McRitchie en Gerald Massey hebben die vraag voor ons beantwoord. McRitchie is de auteur van een zeer onthullende studie genaamd Ancient and Modern Britons (twee delen). McRitchie gaf reeds in 1884 aan dat de eerste bewoners van Groot-Brittannië Australoïde mensen waren. De man is om verklaarbare redenen genegeerd door de mainstream eurocentrische wetenschap, maar uiteindelijk blijkt nu toch dat hij gelijk had, en zou hij dus gerehabiliteerd moeten worden.

Volgens McRichie bestonden er in zijn tijd geen inheemse Zwarte Britten meer, maar dat betekende zijns inziens niet dat de oorspronkelijke bewoners geen genetische sporen hadden nagelaten. McRitchie onderscheidde de moderne Britten in twee groepen: de xanthochroi en de melanochroi. De xanthochroi waren spierwit, en de afstammelingen van de Indo-Europese indringers, terwijl de iets donkerdere melanchroi het resultaat waren van vermenging tussen de Indo-Europeanen en de inheemse Zwarte bevolking van Groot-Brittannië.

Maar McRitchie gaat verder dan dat. De Australoïde mens was verspreid over heel Europa. Waaruit volgt dat de verschillende neolithische bouwwerken zoals Stonehenge, de hunebedden, etc., aan hen toegeschreven moeten worden. Dat kan moeilijk anders, aangezien de Indo-Europese volkeren zich pas vanaf 4.000 v.j. vanuit het Kaukasisch gebergte over de rest van de wereld begonnen te verspreiden, en pas duizenden jaren later Groot-Brittannië bereikten.

Dat er in de oudheid Zwarte mensen woonden in Groot-Brittannië is bevestigd door Romeinse historici als Plinius, Claudius en Tacitus. Zij hebben in hun overgeleverde documenten opgetekend dat er naast witte volkeren gelijkend aan de volkeren in Noordwest Europa ook Ethiopiërs (Tacitus, Claudius) en Moren (Plinius) woonachtig waren in Groot-Brittannië (Ethiopiërs en Moren waren termen die de Romeinen gebruikten om Zwarte mensen in het algemeen aan te duiden).

Maar McRitchie zegt nog veel meer. Hij geeft ook aan dat zich naast de oorspronkelijke Australoïde bevolking nog meer Zwarte mensen zich in Groot-Brittannië en Ierland hadden gevestigd, bijvoorbeeld afkomstig uit Egypte en Spanje. Hij suggereert verder dat het met de antieke Zwarte inwoners van Groot-Brittannië op een vergelijkbare manier vergaan is als de inheemse bevolking van Noord-Amerika: ze bestaan nog steeds, maar in zwaar gemarginaliseerde vorm. De Zwarte inwoners van Groot-Brittannië werden steeds verder teruggedreven naar de bossen, doch uiteindelijk werden ze zelfs daar verjaagd en verwerden tot het uitschot van de maatschappij. Dit valt onder meer af te leiden uit de verandering van de betekenis van het woord beggar. Eens werd de beggar gezien als een geduchte vijand, later als struikrover, en uiteindelijk ging het woord beggar bedelaar betekenen. Voor velen zat er niets anders op dan een rondtrekkend bestaan te leiden. Oftewel, McRitchie beweert dat de zigeuners de afstammelingen zijn van de antieke Zwarte bevolking van Groot-Brittannië: het woord gypsie [zigeuner] zou een verbastering zijn van Egyptian. Vele rondtrekkende zigeuners bekwaamden zich als artiest en zo zou de circuswereld ontstaan zijn. Waaronder ook de clown, die eigenlijk een minstrelshow avant la lettre verzorgde: de oorspronkelijke clown was met zijn karakteristieke kleding en domheid een persiflage op een zigeuner.

Het valt heel goed te verklaren waarom de publicaties van geleerden als McRitchie totaal niet in goede aarde vielen in het 19e eeuwse, imperialistische Groot-Brittannië en ver daarbuiten. In die dagen was de mainstream eurocentrische wetenschap nl. druk doende doelbewust de wereldgeschiedenis te vervalsen ter legitimering van het imperialisme. Desalniettemin, er zijn altijd geleerden geweest die tegen de verdrukking in de waarheid verkondigd hebben, en uiteindelijk komt die toch boven water.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment

Piet Emmer en de WIC-mentaliteit (4)


Het kolonialisme was goed voor Afrika. Niet slechts omdat Afrika daardoor in aanraking kwam met de moderne beschaving. De benefieten vallen evenzo af te leiden uit het gegeven dat het helemaal een rotzooitje werd in Afrika na de onafhankelijkheid van het continent. Stagnatie, corruptie, wanbestuur, etc., waren er nadien aan de orde van de dag. Al het ontwikkelingsgeld blijkt het Westen decennialang in een bodemloze put te hebben gedonderd. Klaarblijkelijk kan Afrika niet zonder kolonialisme. Aldus professor emeritus Pieter Cornelis Emmer (in woorden van vergelijkbare strekking).

Om de kolonialistische suggestie dat kolonialisme een voorwaarde is voor niet-Westerse landen om in aanraking te komen met de verworvenheden van de zgn. moderne beschaving meteen te logenstraffen: als dat waar was dan had Japan momenteel het achterlijkste land ter wereld moeten zijn geweest. Japan is nooit gekoloniseerd, en uitgerekend in Nippon zijn verschillende aspecten van de zgn. moderne beschaving op een hoger niveau dan in het Westen. Dus het is eerder andersom: ondanks de kolonisatie is Afrika in aanraking gekomen met bepaalde aspecten van de zgn. moderne beschaving.
Menigeen die slechts de mainstream Westerse media volgt zal het met bovenstaande beweringen van Emmer ongetwijfeld in vergaande mate eens zijn.

Probleem is echter dat Emmer de oorzaken van de problemen onjuist schetst. De eerste vraag die gesteld dient te worden, is er überhaupt wel een legitiem postkoloniaal Afrika? Emmer emmert wel over onbekwame Afrikaanse leiders, maar waarom rept hij geen woord over antikolonialistische leiders als Patrice Lumumba, Kwamé Nkrumah, Thomas Sankara, Moammar Khadafi, etc., die door het Westen zonder pardon uit de weg zijn geruimd precies vanwege hun antikoloniale beleid? Is het beter gegaan met bijvoorbeeld Burkina Faso nadat de antikolonialistische leider Sankara uit de weg werd geruimd? Zou één van de redenen voor Afrika’s stagnatie niet kunnen zijn dat Afrika decennialang pas op de plaats maakte omdat Afrika eigenlijk nimmer waarlijk onafhankelijk was? Zou het niet zo kunnen zijn dat menig Afrikaans leider bang was het neokolonialisme (of VOC-kolonialisme) af te schudden uit angst te eindigen als bepaalde antikolonialistische collega’s?

Het beste voorbeeld van de blijvende afhankelijkheid van Afrika zijn de francophone landen, die lid zijn van de CFA en hun geld moeten laten beheren door Parijs. Alhoewel Emmer suggereert dat Afrika niet zonder Europa kan, is de waarheid omgekeerd. Dit is erkend door verschillende Franse presidenten. Zo voorspelde Mitterand in 1957: “Zonder Afrika zal Frankrijk geen toekomst hebben in de 21e eeuw.” Zo recentelijk als 2008 verkondigde Chirac: “Zonder Afrika zal Frankrijk afglijden naar het niveau van een derderangs mogendheid.”

Of met andere woorden, bepaalde elementen in het Westen hebben er alle belang bij het systeem in stand te houden dat van een kop koffie van $3,50 slechts 3 cent toebedeelt aan de Afrikaanse boeren die de koffiebonen hebben verbouwd. En dat Westerse graanboeren exportsubsidies verschaft zodat Afrikaanse boeren compleet worden weggevaagd. En vervolgens vindt Emmer het gek dat het Afrikaanse boeren niet lukt om graan te exporteren? Wat moeten we verder met het pleidooi van Emmer voor meer sweatshops in Afrika? De werkomstandigheden in sweatshops mogen als bekend worden beschouwd, dus waarom pleit uitgerekend ʽslavernij-expertʼ Emmer voor de popularisering van moderne slavernij in Afrika?…

Bizar, maar Emmer zegt niets nieuws. De intellectuele capo di tutti capi van de neoliberale counterrevolutie, Milton Friedman, heeft in zijn tijd met droge ogen op tv verkondigd dat het kolonialisme het Westen geen geld opgeleverd heeft, maar dat de koloniën het Westen juist geld hebben gekost. Dit wetende plaatst dat de beruchte professor emeritus in een ander daglicht, dat van een pseudo-intellectuele papegaai.

In de jaren ’90 verscheen er in de VS en Groot-Brittannië een reeks boeken uit de conservatieve hoek die de intelligentie, geschiedenis en cultuur van Zwart Amerika en Afrika onder vuur namen. Er wordt wel eens betoogd dat in Nederland alles jaren later pas aanvangt. In dat licht bezien zou het best zo kunnen zijn dat het boek van Emmer de aftrap is van een stortvloed aan publicaties die af tracht te rekenen met de filosofie van activistische Afrikaans-Caribische mensen waar conservatief wit Nederland zich dood aan ergert.

Neem bijvoorbeeld het beruchte boek The Bell Curve. Emmer’s recente publicatie kan gezien worden als de historische aanvulling op The Bell Curve. Waar de auteurs van The Bell Curve ʽwetenschappelijkʼ vanuit de psychologie trachtten te bewijzen dat mensen van Afrikaanse komaf inherent achterlijk zijn tracht Emmer dat te doen vanuit de geschiedenis. Vanuit een verschillende insteek propageren beide boeken dat Afrikanen inherent achterlijk zijn. Ook al is Emmer’s onderbouwing boterzacht en flinterdun, zijn boodschap gaat er desondanks bij bepaalde groepen blijkbaar in als zoete koek. En helaas, als mensen iets maar vaak genoeg vernemen dan gaan ze het geloven.

In de publicaties van professor emeritus Pieter Cornelis Emmer wordt zoals vermeld aangegeven dat het verzet tegen de slavernij door de slaafgemaakten zelf wel mee viel. Dat is zoals we eerder uitgebreid uiteen hebben gezet in Gezegend en vervloekt zwaar bezijden de waarheid. Heden ten dagen is het Piet Emmer die de kolonisatie van de geschiedschrijving over de slavernij en de kolonisatie met alle mogelijke middelen gekolonialiseerd tracht te houden. Wel, al was het maar om te voorkomen dat er over 300 jaar in de geschiedenisboekjes wordt geschreven dat er nauwelijks een weerwoord werd geproduceerd contra de geschiedvervalsing van Piet Emmer is het bestrijden van de WIC-mentaliteit wenselijk.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Posted in The Grapevine Publications | Leave a comment