De Hydrodammen-mentaliteit

De vroege geschiedenis van Afrika wordt overspoeld, letterlijk. Zo werd in 1960 begonnen met de constructie van de Hoge Aswandam. Hierdoor raakte een gebied van 550 km lang overstroomd en moesten bewoners de benen nemen. Dit hield echter ook in dat één van de belangrijkste archeologische sites ter wereld voor eens en altijd verloren zou gaan. Aldus overstroomden archeologische teams uit de ganse wereld het gebied om de laatste kans te grijpen om er opgravingen te doen. Het team van de afrifobische Amerikaanse archeoloog Keith Seele was het succesvolste en ontdekte bij Qustul de oudste beschaving ter wereld; Ta-Seti. In 1964 was hij reeds klaar met het categoriseren van zijn opgravingen te Qustul maar uit afrifobische overwegingen maakte hij het nimmer wereldkundig. Pas na zijn dood, in 1979, heeft zijn assistent Bruce Williams de wereldschokkende ontdekking geopenbaard dat Nubië de oudste beschaving ter wereld herbergt!

Voor de Nubiërs betekende de bouw van de dam een ramp. Los van het feit dat hun geschiedenis definitief overstroomd was (2500 archeologische sites verloren) moesten er 39 dorpen worden ontruimd en werden er 120.000 mensen van huis en haard verdreven. Dat is tot daar aantoe, de vooruitgang heeft een prijs zou betoogd kunnen worden. Maar veel van de verplaatste burgers en boeren zijn nimmer gecompenseerd voor geleden schade. Bovendien is de uit de Nijl gegenereerde hydro-energie zeker niet zaligmakend. Door de dam wordt er geen slib meer afgezet in de Delta waardoor de bodem van de Nijldelta haar vruchtbaarheid reeds grotendeels heeft verloren. Als alternatief worden tegenwoordig grote hoeveelheden kunstmest gebruikt, maar daardoor raakt de bodem weer sterk vervuild. Uiteindelijk zal het noordelijk deel van de Nijl brak komen te liggen waardoor noordelijk Egypte ongeschikt zal worden voor landbouw. Het hele ecosysteem van de Nijl wordt vernietigd. Het bouwen van hydrodammen in de Nijl is korte termijn visie want het levert op lange termijn slechts ellende op.

Nubiologen als Manu Ampim proberen al jaren de aandacht te vestigen op de (met name) culturele ramp die het bouwen van dammen voor de Nubiërs betekent. De Nubiërs zelf zien het bouwen van dammen als een slinkse poging om hun rijke geschiedenis uit te wissen. Want de trend zet zich voort. In 2017 werden er twee nieuwe dammen opgeleverd te Boven Atbara en Setit. Bovenal zijn er plannen voor nog een hele reeks dammen. Al deze projecten zullen de Nubische geschiedenis verder wegvagen en de Nubiërs zelf wegjagen. Dit terwijl er genoeg alternatieven zijn zoals zonne-energie en windenergie.

Ook in de Nederlanden zijn er genoeg Eurocentrische geesten die het idee dat Afrika in de oudheid hoogwaardige beschavingen kende onverteerbaar achten. Vandaar dat ze met de wapens die zij tot hun beschikking hebben alles uit de kast halen om antieke Afrikaanse beschavingen te overvloeden. Gelukkig hebben ze noch de middelen noch de macht om hydrodammen te bouwen op oneigenlijke gronden. Maar op hun manier trachten ze toch nattigheid te creëren middels het bouwen van pseudo-intellectuele hydrodammen en het publiek te overvloeden met drogredeneringen.

Indertijd kruisten de lefkocentristen Boter en Flinterman van de VU reeds met boterzachte en flinterdunne drogredeneringen ons pad. Aanvankelijk heilig overtuigd van hun eigen gelijk: een ieder die het waagde om het mainstream Eurocentrische paradigma niet te accepteren was een gekkie! Maar die grote mond bleek toen het erop aankwam gebaseerd op een flinterdun plakje boter dat razendsnel wegsmolt.

Al dan niet in het voetspoor van de oudheidkunde faculteit van de VU trachten allerlei Eurocentrische sofisten, afkomstig uit zowel de noordelijke als zuidelijke Lage Landen, kokend van woede hydrodammen te bouwen ter vernietiging van de Afrikaansgecentreerde geschiedschrijving. Bijvoorbeeld ene Ewout Klei. De man heeft de klok horen luiden maar weet evident niet waar de klepel hangt. Want hij blijkt compleet onwetend te zijn uit welk steekhoudend bewijs blijkt dat het oude Egypte in de oudheid onderdeel van Zwart Afrika was en dat Griekenland fundamenteel beïnvloed was door klassiek Egypte. Het is nl. echt niet iets wat wij verzonnen hebben. Het is simpelweg hetgeen de Grieken zelf onverbloemd aan hebben gegeven in hun overgeleverde geschriften. Met alle respect voor meneer Klei, maar wij verkiezen het toch om de ooggetuigenverslagen van de Grieken een heel stuk serieuzer te nemen dan de hedendaagse, afrifobische veronderstellingen van meneer Klei.

In de zuidelijke Lage Landen zijn de Eurocentrische sofisten zelfs zo verblind van woede dat ze überhaupt vergeten om te trachten tegenargumenten te produceren. Bijvoorbeeld professor Danny Praet van de Universiteit Gent, die in zijn artikel “Grieken en Barbaren. Antiek etnocentrisme en kosmopolitisme” zijn grote woede spuit over het ‘hallucinante’ Eurocentrisme vs Afrocentrisme debat op de VU maar compleet verzuimt tegenbewijs te produceren. Een andere professor van de UGent (Johan Braeckman) bezocht een Zwart museum in Selma, Alabama dat o.a. handelt over de antieke geschiedenis van Afrika, ging schijnheilig met de rondleidster op de foto en schreef eenmaal terug in Vlaanderen een vernietigende recensie van het Ancient Africa Enslavement and Civil War Museum. Zoals te verwachten komt Braeckman wat betreft zijn tegenbewijs niet verder dan schaamteloos te verwijzen naar de pseudohistorische kritieken van Mary Lefkowitz.

Bovengenoemde Eurocentrische sofisten zijn zeker niet de eersten die getracht hebben om ‘hydrodammen’ te creëren ter vernietiging van de Afrikaansgecentreerde geschiedenis, noch zullen zij de laatsten zijn. Ook in de Lage Landen wemelt het van de sofisten met dezelfde mentaliteit als dr. Keith Seele. De hydrodammen-mentaliteit is tot onze spijt wijdverspreid

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in Column Djehuti-Ankh-Kheru, The Grapevine Publications | Reacties uitgeschakeld voor De Hydrodammen-mentaliteit

De Amerikaanse burgeroorlog van 1919

Op 8 februari 1915 was de première van de film The Birth of a Nation. Het was gebaseerd op het boek The Clansmen van Thomas Dixon en geregisseerd door W.D. Griffin. In The Birth of a Nation wordt de KKK afgeschilderd als een heldhaftige organisatie die de witte maatschappij redt van inherent barbaarse Afrikaanse Amerikanen die de vrijheid niet aankunnen en niets liever doen dan witte vrouwen verkrachten. De film was immens populair. President Woodrow Wilson heeft de film tot zijn grote genoegen zelfs speciaal op het Witte Huis laten vertonen. Echter, de effecten van de film waren verschrikkelijk voor Zwart Amerika. Betreffende film was de directe aanleiding tot de heroprichting van de KKK. Reden waarom The Birth of a Nation tot op de dag van vandaag gezien wordt als de meeste omstreden film uit de Amerikaanse filmgeschiedenis.

1915 was eveneens het jaar dat een grote migratie van Afrikaanse Amerikanen naar het noorden op gang kwam. In het noorden was er nl. werk. De Eerste Wereldoorlog was aangevangen en ook in de VS (ook al was het officieel nog neutraal) schreeuwde de oorlogsindustrie om arbeidskrachten. Voor het eerst werden Zwarte arbeiders massaal in dienst genomen in de industrie en die kans kon zich tevens voordoen omdat Europese immigranten vanwege de Eerste Wereldoorlog niet naar de VS konden komen. Hierdoor kon Zwart Amerika forse economische vooruitgang boeken, hetgeen hen door hardcore racisten werd misgund.

De haat jegens Zwarte arbeiders kwam o.a. dramatisch tot uiting in de pogrom van mei-juli 1917 te East St. Louis waarbij tussen de 40-250 Zwarte Amerikanen werden vermoord en er 6.000 dakloos werden. Maar sowieso namen het aantal lynchpartijen op Zwarte Amerikanen niet slechts dramatisch toe maar werden ze eveneens steeds gruwelijker. Zo werd in 1918 de zwangere vrouw Mary Turner gelyncht. Eerst opgehangen aan een boom, vervolgens met benzine overgoten en daarna in brand gestoken. Eenmaal brandend aan een boom sneed een man uit de menigte haar onderlijf open waarna de zuigeling op de grond viel. De zuigeling slaakte twee kreetjes uit en werd vervolgens genadeloos doodgeschopt door een grote, gemene kerel.

Daarbij opgeteld kwam nog de bizarre behandeling van de Zwarte Amerikaanse soldaten die vochten in de Eerste Wereldoorlog. De Zwarte regimenten onderscheidden zich op het slagveld, zo was het geheel Zwarte 369e regiment de eerste geallieerde eenheid die de Rijn bereikte en vocht het 370e de laatste slag in de oorlog. Drie Zwarte regimenten hebben van Frankrijk zelfs de prestigieuze Croix de Guerre toegekend gekregen. Hun heldhaftigheid ten spijt werden Zwarte soldaten continu vernederd. Gedurende de oorlog waren er telkenmale lelijke conflicten tussen Zwarte -en witte soldaten (en burgers). De Duitsers waren goed op de hoogte van de slechte behandeling van Zwarte Amerikanen en speelden daar logischerwijs op in. De Duitsers verspreidden propaganda onder de Afrikaanse Amerikanen waarin ze werden opgeroepen naar hen over te lopen: want waarom zouden ze voor een land vechten waar ze als oud vuil behandeld werden en hun leven bovenal niet zeker waren?

Wel of niet beïnvloed door de Duitse propaganda, na de Eerste Wereldoorlog was Zwart Amerika het zat. Na hun sporen verdiend te hebben op het slagveld kwamen de Zwarte soldaten weer terug in de hel genaamd VS. Witte racisten trachtten de progressie die Zwart Amerika gedurende de oorlog had geboekt weer te vernietigen. Dit gebeurde onder auspiciën van fascistische organisaties als de KKK. Maar in de zomer van 1919 beet Zwart Amerika eindelijk van zich af. Dit maal was de strijd niet eenzijdig. In het hele land ontstonden er gewelddadige confrontaties waarbij ook tientallen witte mensen gedood werden en er honderden gewond raakten.

Er was nu sprake van een ware oorlog en de Afrikaanse Amerikanen waren net zo vastbesloten om te winnen als dat ze eerder waren op de slagvelden van Europa. Sommige Zwarte Amerikanen vervulde het met grote trots om te zien dat er voor de verandering op grote schaal terug werd gevochten tegen intimidatie en terrorisme. Burgerrechtenactivist James Weldon Johnson had over de rode zomer van 1919. Sommige Zwarte historici hebben ook wel de betiteling burgeroorlog van 1919 gebruikt. Wit Amerika was verbaasd over het grote verzet dat Zwart Amerika ineens bood. Er werd vermoed dat ze door Russische bolsjewieken waren opgejut. De Zwarte krant The Pittsburg Courier reageerde daar als volgt op: “Zolang de %^=& toegeeft aan lynchpartijen, brandstichting en onderdrukking—en niets zegt is hij een loyaal Amerikaans burger. Maar als hij besluit dat lynchpartijen en brandstichtingen zullen stoppen zelfs als dat ten koste gaat van bloedvergieten in Amerika, dan is hij ineens een bolsjewiek.”

Gevolg van de burgeroorlog van 1919 is wel dat Zwart Amerika bereid was te luisteren naar iemand als Marcus Garvey. Garvey propageerde aan Zwart Amerika een filosofie van zelfvoorzienendheid en terugkeer naar Afrika. Die filosofie was geenszins nieuw. Doch mede omdat Garvey die filosofie precies op het juiste moment nieuw leven inblies slaagde hij erin de grootste Zwarte organisatie op poten te zetten die er ooit is geweest (volgens de vrouw van Garvey 6 miljoen leden op het hoogtepunt) en meer geld in te zamelen dan welke Zwarte man ooit eerder had weten op te halen. Zonder de burgeroorlog van 1919 en de bloedige jaren die eraan vooraf gingen had een groot gedeelte van Garvey’s aanhang hem gezien als een gekkie en nimmer hun oren bij hem te luister gelegd.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in Column Djehuti-Ankh-Kheru | Reacties uitgeschakeld voor De Amerikaanse burgeroorlog van 1919

Het Eusebiosyndroom (2)

Portugal werd tot zo laat als 25 april 1974 gekoeieneerd door een fascistisch regime. In 1945 eindigde weliswaar de Tweede Wereldoorlog, maar niet noodzakelijkerwijs het fascisme. Op het Iberisch schiereiland floreerde er in ieder geval nog decennialang fascistische regimes. Helaas strekte dit Iberische fascisme zich uit over meerdere continenten. Zo begrepen de fascisten in Lissabon er helemaal niets van dat andere Europese landen dekoloniseerden: in hun ogen waren ze knettergek geworden in Londen, Parijs en Brussel! Voor de Portugese fascisten was het kolonialisme het raison d’être, hetgeen Portugal bestaansrecht gaf, de ‘verworvenheid’ waar ze bij uitstek fier op waren. Het allerlaatste wat de Portugese fascisten zouden doen was dan ook hun koloniale imperium in Afrika opgeven.

In de geest van de Olympische Spelen van Berlijn hadden de fascistische Iberische regimes hun softpower overigens wel goed op orde. Op het voetbalveld waren ze wereldmachten. Jarenlang troefden ze gans democratisch Europa af in de surrogaatoorlogen op het voetbalveld. Het Spaanse Real Madrid won jaar in jaar uit de Europa Cup I (voorloper van de Champions League), en daarna nam het Portugese Benfica het stokje over. Mede dankzij de kolonisatie van voetballers uit Afrika.

Afrikaanse wereldvoetballers spelend in de kleuren van o.a. Benfica en het Portugese nationale elftal waren natuurlijk schitterende propaganda voor het fascistische Portugal. Een betere manier om de schone schijn hoog te houden was er nauwelijks. Want wat wil je nog meer? Zwarte en witte voetballers die op het voetbalveld een harmonieus geheel vormend ongekende successen boekten. Dus wat zeurde het buitenland? Op het voetbalveld bleek immers dat Portugal het ultieme voorbeeld was van een harmonieuze, multiculturele samenleving!

De waarheid lag natuurlijk compleet anders. Eusebio kwam uit de sloppenwijk Mafalala waar hij moest dealen met openlijk racisme. Maar ook bij Benfica leed Eusebio onder racisme (ook al heeft hij er nimmer een boekje over open gedaan). Hoe dan ook, Eusebio kreeg een schijntje van hetgeen witte voetballers van zijn kaliber elders in Europa opstreken. Ondanks dat de topclubs in de rij stonden voor Eusebio. Zo waren zowel Real Madrid als Juventus bereid om “de parelvisser uit Mozambique” een salaris van een miljoen dollar te betalen. Maar dictator Salazar promoveerde hem tot beschermheilige van Portugal en verbood zodoende een transfer naar het buitenland. Aldus bleef de beste voetballer van Europa zwaar onderbetaald ter meerdere eer en glorie van het fascisme. Pas na de dood van Salazar werd een transfer naar het buitenland mogelijk. Eusebio was toen helaas reeds in de herfst van zijn carrière waardoor geen enkele Europese topclub nog interesse toonde in zijn diensten. Uiteindelijk vertrok hij naar Noord-Amerika voor wat centjes. Voor aanvoerder Coluna geldt hetzelfde. In 1970 ging Coluna naar het Franse Olympique Lyon alwaar hij in één jaar meer verdiende dan in zestien jaar Benfica.

Op hetzelfde moment dat het fascistische regime van Salazar Afrikaanse voetballers misbruikte als propagandamiddel werden in de Portugese kolonieën heftige bevrijdingsoorlogen gevoerd. Sommige Afrikaanse voetballers sympathiseerden met die onafhankelijksstrijd, maar het was heel gevaarlijk voor hen om zich uit te spreken. De PIDE (geheime politie) hield ze nl. goed in de smiezen. De Angolese voetballers Joachim Santana en Daniel Chipenda waren niet discreet genoeg en zijn daadwerkelijk in de martelkelders van de PIDE beland. Zelfs Benfica-aanvoerder Mario Coluna werd op een haar na tot de martelkelders van de PIDE veroordeeld. Dat was omdat hij op een feest was verschenen georganiseerd door Angolese studenten (hetgeen blijkbaar gezien werd als verraad aan fascistisch Portugal).

Niettegenstaande het racisme waaronder hij geleden heeft bij Benfica en het feit dat hem op oneigenlijke gronden een zeer lucratieve carrière buiten Portugal onthouden is, is Eusebio altijd een trotse Portugees en Benfica-mascotte gebleven. In het verlengde daarvan heeft hij zich immer onverschillig opgesteld t.o.v. de vrijheidsstrijd in zijn geboorteland, zelfs nadat het fascistische bewind om was gevallen. Evenzo had hij weinig met de strijd tegen racisme in het voetbal. Toen FIFA-baas Sepp Blatter in 2011 voor ophef in o.a. Engeland zorgde door met droge ogen te verkondigen dat Zwarte voetballers racisme gewoon van zich af moesten schudden nam Eusebio het voor hem op (in mijn tijd werden dat soort opmerkingen ook tegen me gemaakt, en nog veel erger!). Maar goed, je kunt het natuurlijk ook omdraaien: helaas is Eusebio zo vaak gediscrimineerd dat hij het normaal is gaan vinden en in zijn lot is gaan berusten. Zijn bijnaam was weliswaar de Zwarte Panter, maar dat was beslist niet omdat hij lid was van de organisatie van Huey Newton en Bobby Seale.

Betoogd zou kunnen worden dat de Afrikaanse profvoetballers in fascistisch Portugal geen waarachtige profvoetballers waren maar meer weg hadden van de ordinaire gladiatoren van weleer. Het waren eensgelijk hun antieke collega’s in het Romeinse Rijk slaafgemaakten die spelen verschaften aan de massa. Bovendien werden ze misbruikt door de fascistische staat Portugal voor propaganda doeleinden. Een Muhammad Ali of Colin Kaepernick was onmogelijk in Portugal. Dat soort krijgers belandden zonder pardon in de martelkelders van de PIDE. Om die reden kunnen we de Eusebio van voor 1974 moeilijk bekritiseren (wel die van na 1974). Desalniettemin was Eusebio in deze de perfecte gladiator. Als beste voetballer van Europa was hij sowieso een fantastisch visitekaartje voor het fascistische regime te Lissabon dat zijn geboorteland Mozambique onderdrukte. Bovenal berustte hij eensgelijk het karakter Uncle Tom uit het gelijknamige boek van Harriet Beecher Stowe compleet in zijn lot.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in The Grapevine Publications | 1 reactie

Excuses

Alles wijst erop dat Amsterdam in 2020 officieel excuses gaat aanbieden voor het slavernijverleden van de stad. Een grote meerderheid van de Amsterdamse gemeenteraad heeft daar nl. een voorstel toe ingediend. Tevens werd er deze week een wetenschappelijk onderzoek gepubliceerd over de economische bijdrage van de slavernij aan de Nederlandse economie in de 18e eeuw. Of in dat onderzoek alles goed meegeteld, opgeteld en vermenigvuldigd is weten we niet. Wel is het zo dat volgens betreffend onderzoek de impact van de slavernij veel groter is dan immer beweerd door de beruchte slavernij apologeet Pieter Cornelis Emmer.

We weten al heel lang dat Pieter Cornelis wetenschappelijk scheel is. Desalniettemin wordt hem te pas en te onpas een podium verschaft door de mainstream media en heeft hij zodoende tot kampioen kunnen uitgroeien voor hen die de VOC-mentaliteit aanhangen. Bovendien worden zijn bizarre conclusies continu geciteerd in historische werken in binnen-en buitenland. Met name betreffende zijn veronderstelling dat de slavernij een marginale invloed heeft gehad op de Nederlandse economie. We denken dat meer en dieper onderzoek niet zou misstaan, desondanks is in ieder geval nu aangetoond dat indertijd de bijdrage van de slavernij aan de Nederlandse economie tenminste vergelijkbaar is met de bijdrage van de Rotterdamse haven vandaag de dag (niemand durft met droge ogen te betogen dat de bijdrage van de Rotterdamse haven marginaal is).

Nederland en vele andere Westerse landen zijn huiverig om excuses aan te bieden voor de slavernij. Sluwe advocaten hebben met name de Britse regering ten zeerste afgeraden excuses aan te bieden omdat aan excuses een prijskaartje kunnen hangen. Als je excuses aanbiedt dan geef je nl. toe dat je fout zat en wordt er juridische ruimte geboden om schadevergoeding te eisen. Ook Nederland is daar kennelijk bevreesd voor. Vandaar dat de officiële vertegenwoordigers van de Nederlandse staat vooralsnog allerlei spectaculaire verbale acrobatiek ten tonele hebben gebracht. Hoe spectaculair die verbale acrobatiek immer ook was, het waren nimmer officiële excuses. Alle verbale salto’s en koorddanserij ten spijt waarmee met hoogdravende woorden als “grote spijt” en “diep berouw” werd gestrooid maar waar uiteindelijk à la Houdini uit werd ontsnapt zonder excuses uitgesproken te hebben.

Probleem met de officiële excuses is dat een aanzienlijk deel van de witte Nederlanders daar helemaal niets van begrijpt. Om de natievorming te bevorderen zijn ze vanaf de 19e eeuw geïndoctrineerd met de VOC-mentaliteit. Generaties lang zong de schooljeugd uit volle borst dat Piet Hein de zilvervloot had gewonnen. Op landkaarten toonden onderwijzers hoe het nietige Nederland toch een wereldrijk was bij de gratie der kolonisatie van de Gordel van Smaragd. Straten, pleinen, tunnels, etc. werden vernoemd naar de klassieke ‘nationale helden’. Anderzijds werden de slachtoffers van de nationale helden ontmenselijkt in talloze kinderboeken en zelfs nationale feesten (zwarte piet). Als de VOC-mentaliteit (het witte Nederlandse superioriteitsdenken) er generaties lang doelbewust ingepompt is dan krijg je het er ook niet zo maar weer uit. Vandaar al die racistische reacties op en buiten de (sociale) media zodra men op wat voor manier dan ook de VOC-mentaliteit ter discussie stelt. Dus ook het eventuele aanbieden van excuses voor de slavernij.

De laatste jaren is de beweging die de VOC-mentaliteit bestrijdt behoorlijk gegroeid, tot groot ongenoegen van een groot deel van de met de VOC-mentaliteit geïndoctrineerde witte massa. Bepaalde politieke partijen voelen dat aan en werpen zich juist onbeschaamd op als de grote kampioenen van de VOC-mentaliteit. Het ironische is dat mensen die geïndoctrineerd zijn met de VOC-mentaliteit te pas en te onpas de vraag opwerpen wat zij te maken hebben met iets dat honderden jaren geleden geschied zou zijn geweest. Zij zijn zelf het product van dat tijdperk. Kolonialisme en slavernij stonden niet op zichzelf. Synchroon met het kolonialisme en de slavernij zijn er in Nederland stevige structuren gebouwd die kolonialisme en slavernij tot op de dag van vandaag verheerlijken in de hoofden en harten van de mensen. Want hoe verklaart men anders dat men bijvoorbeeld nog steeds zwarte piet viert op 5 december en toponiemen vernoemt naar ‘nationale helden’?

Het is de artikel 1 paradox: artikel 1 van de grondwet verbiedt discriminatie, maar tegelijkertijd worden er bewust structuren in stand gehouden die het witte superioriteitsdenken bestendigen. Dat Amsterdam excuses wil gaan aanbieden is opzich positief. Al kunnen we er pas iets zinnigs over zeggen nadat we de kleine lettertjes in dat excuus hebben gelezen. Los daarvan, op excuses volgt doorgaans herstel van aangerichte schade. Stel voor dat persoon A in een drinkgelegenheid het drankje van persoon B omstoot. Door excuses aan te bieden erkent persoon A zijn fout. Na erkenning van die fout is het redelijk dat persoon A op zijn kosten een nieuw drankje voor persoon B bestelt.

De vraag is dus, nadat Amsterdam erkend heeft dat het serieuze schade heeft toegebracht wat voor actie gaat Amsterdam ondernemen om die schade te herstellen? Dat zou natuurlijk kunnen middels de toekenning van schadevergoeding. Maar aangezien evenzo menig Zwart persoon de VOC-mentaliteit verinnerlijkt heeft is het niet onwaarschijnlijk dat uiteindelijk de kapitalisten achter de huidbleekmiddelenindustrie, Gucci, Rolex, Armani, Mercedes Benz, etc. het laatst en het best gaan lachen. Doch er zijn ook andere manieren om invulling te geven aan herstel van aangerichte schade. Bijvoorbeeld, wat gaat Amsterdam doen om de structuren die bewust gecreëerd zijn om het kolonialisme en de slavernij te legitimeren te elimineren? Wat gaat Amsterdam doen ter bestrijding van de VOC-mentaliteit?

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in Column Djehuti-Ankh-Kheru | Reacties uitgeschakeld voor Excuses

Het Eusebiosyndroom (1)

De Africa Cup of Nations is dus weer in alle hevigheid losgebarsten. Ondanks dat de grote doorbraak van Afrikaanse voetbalteams vooralsnog is uitgebleven op het wereldtoneel wordt de Afrika Cup toch immer met grote belangstelling bekeken vanuit Europa. Vanaf de Tweede Wereldoorlog hebben Afrikanen als individuele spelers nl. altijd geëxcelleerd. Zo bereikte in de jaren ´40 en ´50 de Zwarte Marokkaanse voetballer Laarbi ben Barek reeds een uitzonderlijk hoog niveau. Volgens sommigen was ben Barek de beste voetballer ooit. Vanwege het gebrek aan overgeleverde bewegende beelden kunnen we dat moeilijk verifiëren. Doch anderzijds, zelfs Pelé was het daar schijnbaar niet noodzakelijkerwijs mee oneens aangezien O Rei ooit verkondigde: “Als ik de koning van het voetbal ben, dan is ben Barek de god van het voetbal!” Verder zijn de voetballers afkomstig uit landen als Kameroen, Nigeria, Ghana en Ivoorkust wel bekend, maar het Afrikaanse land dat de meeste voetbalsterren heeft voortgebracht en daar sportief en politiek het minste van heeft kunnen profiteren is ongetwijfeld Mozambique. Dat klinkt wellicht heel vreemd in de oren van hedendaagse voetballiefhebbers. Echter, er is echt een tijd geweest dat de wereldsterren in Mozambique van de lopende band rolden en in Europa furore maakten.

Portugese voetbalclubs ontdekten op een goed moment dat er in Mozambique behalve grondstoffen en mineralen ook ongeëvenaard voetbaltalent viel te winnen. Eén van de eerste en volgens de overlevering tevens de beste voetballer die de oversteek naar Portugal maakte was Matateu, in 1951. Hij had als bijnaam het achtste wereldwonder en speelde voor Belenenses, voor welke club hij veel scoorde. Maar Matateu leed onder een drankprobleem waardoor hij niet alles uit zijn carrière heeft kunnen halen wat erin zat.
Weer een andere in Mozambique geboren wondervoetballer was Mario Coluna. Hij was een centrale middenvelder die geducht was vanwege zijn verwoestende afstandschoten. Tevens was hij lange tijd aanvoerder van zowel Benfica als het Portugese elftal. Zo was hij ook de aanvoerder van het Portugese elftal dat op het WK van 1966 dichtbij de wereldtitel kwam. Maar er zaten meer Mozambicanen in dat roemruchte Portugese elftal zoals linksback Hilário, centrale verdediger Vicente da Fonseca Lucas en natuurlijk Eusébio.

Eusebio wordt algemeen gezien als één van de beste voetballers ooit. Hij is ook wel de eerste moderne voetballer genoemd. In een FIFA poll werd hij eens na Pelé en Maradona verkozen tot derde beste voetballer ooit. Op 18-jarige leeftijd kwam hij naar Lissabon om voor Benfica te spelen. In één van de eerste wijdstrijden die Eusebio voor Benfica speelde verkreeg hij reeds inernationale bekendheid. Benfica speelde nl. op een internationaal toernooi in Parijs tegen Santos (de club van Pelé). Bij een hopeloze stand van 4-0 voor Santos mocht Eusebio invallen maar hij scoorde wel meteen een hatrick waardoor de eindstand 6-3 werd. Door deze prestatie sierde Eusebio de eerstvolgende cover van het bekende Franse sporttijdschrift L´Equipe. Een jaar later, in 1962, vervulde Eusebio een hoofdrol in de door Benfica op spectaculaire wijze gewonnen Europa Cup I (voorloper van de Champions League) finale in Amsterdam tegen Real Madrid, hetgeen de definitieve internationale doorbraak betekende van Eusebio.

Eusebio kan pronken met ongelooflijke statistieken. Hij scoorde in zijn carrière 745 goals in 733 wedstrijden, hetgeen inhoudt dat hij gemiddeld ongeveer één doelpunt per wedstrijd scoorde. Verder werd hij zeven keer topscorer van Portugal, twee maal topscorer van Europa en Europees voetballer van het jaar in 1965. Eveneens werd hij met negen goals topscorer van het WK van 1966. Dit droeg ertoe bij dat hij met Benfica de Europa Cup I, elf keer landskampioen werd en vijf maal de Portugese beker veroverde en Portugal derde werd op het WK van 1966. Ook was Eusebio jarenlang topscorer van het Portugese team. Toen Ronaldo die titel overnam plaatste Eusebio terecht de kanttekening dat hij in zijn tijd zijn doelpunten niet maakte tegen ploegen als Liechtenstein of Azerbaijan.

Eusebio is een nationale held in Portugal en bij zijn overlijden kondigde de Portugese regering dan ook drie dagen van nationale rauw af. Er was decennialang geen enkele discussie over wie de beste Portugese voetballer ooit was. Pas recentelijk zijn er stemmen opgegaan dat CR7 wellicht wel te vergelijken valt met Eusebio.

Anderzijds zou de vraag opgeworpen kunnen worden hoever Mozambique gekomen zou zijn indertijd met een elftal vol wereldsterren, Eusebio voorop. Te meer als men bedenkt dat Eusebio en Coluna hun successen boekten tegen de achtergrond van een heftige onafhankelijkheidsoorlog die in Mozambique woedde en het gegeven dat dezelfde Mozambicaanse voetballers dankzij wie Portugal triomfeerde zwaar werden gediscrimineerd in Portugal. Na de onafhankelijksstrijd en de daarop volgende burgeroorlog lag de infrastructuur van Mozambique in puin en is er tot zover wij weten nimmer meer een Mozambicaanse voetballer internationaal doorgebroken.

Zodoende zijn er grote twijfels over Eusebio. Absoluut niet over diens kwaliteiten als voetballer maar over diens mindset. Eusebio is compleet apolitiek gebleven en heeft zich nooit uitgesproken over de onafhankelijkheidsstrijd in zijn geboorteland. In tegenstelling tot zijn mentor en ploeggenoot Coluna is hij na de onafhankelijkheid van Mozambique ook niet opnieuw in het land van zijn geboorte gaan wonen maar is hij de rest van zijn leven blijven genieten van zijn rol als mascotte voor Portugal in het algemeen en Benfica in het bijzonder. Omwille van zijn Europese mindset wordt wel ontkend dat Eusebio de beste Afrikaanse voetballer ooit was aangezien Eusebio zijn hart vooral lag bij kolonisator Portugal.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in The Grapevine Publications | Reacties uitgeschakeld voor Het Eusebiosyndroom (1)

Modi in de mode in India (2)

De Dalits zijn wel omschreven als de meest onderdrukte bevolkingsgroep op aarde. Vroeger werden ze ook wel onaanraakbaren, verschoppelingen of paria’s genoemd. Maar dat waren benamingen die anderen ze opgelegd hadden. Dalit is echter de enige benaming die de mensen die onderaan de sociale ladder bivakkeren in India aan zichzelf hebben gegeven (van de wortel ‘Dal’ hetgeen in het Hebreeuws gebroken betekent). Dr. Ambedkar is de grootste leider die de Dalits hebben gehad en hij typeerde het lot van de Dalits als volgt in 1943: “De Romeinen hadden hun slaven, de Spartanen hun Helloten, de Britten hun horigen, de Amerikanen hun %@±& en de Duitsers hun Joden. Zo hebben de Hindoes hun onaanraakbaren. Maar geen van hen hebben een lot moeten ondergaan als de onaanraakbaren.” In synopsis houdt dat in dat de Dalits tot op de dag van vandaag primaire mensenrechten en kansen om de sociale ladder op te klimmen worden ontzegd. Traditioneel mochten ze zich bijvoorbeeld slechts met de meest geminachte bezigheden bezig houden. De Indiase grondwet is dan wel geschreven door dr. Ambedkar in 1949, welke grondwet in theorie de positie van de Dalits heeft verbeterd, in de praktijk is de positie van de Dalits nooit significant verbeterd. Triester nog, onder het huidige premierschap van Hindoe-nationalist Narendra Modi is de positie van de Dalits alleen maar verslechterd.

Een andere groep die slachtoffer is van het hindoe-nationalisme van premier Modi zijn de moslims. Maar in hoeverre zijn de moslims verschillend van de Dalits? In werkelijkheid zijn de meerderheid van de moslims in India afstammelingen van tot de islam bekeerde Dalits (75%). Tot op zekere hoogte is moslimhaat in India daarom ook een codewoord voor de traditionele Dalithaat. Het probleem wordt echter nog complexer als men bedenkt dat het kastesysteem niet beperkt blijft tot het Hindoeïsme. Ook binnen de Indiase moslimgemeenschap blijkt het kastesysteem keihard toe te worden gepast. Hetzelfde geldt overigens voor de christelijke gemeenschap van het subcontinent. Blijkbaar werkt het bekeren tot een andere religie averechts voor veel Dalits omdat dat niet noodzakelijkerwijs leidt tot bevrijding van het kastesysteem maar draagt er ogenschijnlijk juist toe bij dat men dubbel wordt gediscrimineerd.

Sommigen hebben wel gepleit dat de Britse overheersing van India niet per sé slecht was voor de Dalits. Het argument is o.a. dat de Dalits onder Hindoe overheersing zelfs niet mochten leren lezen en schrijven. Onder Britse overheersing daarentegen, hoe kwaadaardig ook, kregen bepaalde Dalits de kans om zich te ontwikkelen. Zo zou een academische carrière als die van dr. Ambedkar onder Hindoe heerschappij onmogelijk zijn geweest.

Tijdens de Britse overheersing namen de Dalits zelfs meer dan eens wraak op de hogere kastes door aan de kant van de Britten te vechten. Zoals bijvoorbeeld tijdens de grote opstand van 1857. Het zeer hardhandige neerslaan van die opstand wordt door veel Dalits niet gezien als een dramatische gebeurtenis in de geschiedenis van India maar als een grote overwinning op de hogere kastes. Dr. Ambedkar heeft daar het volgende statement over gemaakt: “De Britse overheersing van India zou onmogelijk zijn geweest als de onaanraakbaren de Britten niet hadden geholpen India te veroveren. Neem de Slag om Plassey die het begin van de Britse overheersing inluidde of de slag om Kirkee, die de verovering van India voltooide. In beide noodlottige veldslagen waren de soldaten die vochten voor de Britten allemaal onaanraakbaren…” Desalniettemin, eindstand was ook voor de Dalits de Britse overheersing een ramp. Dr. Ambedkar zei daar het volgende over: “Onze fouten zijn open wonden gebleven en niet rechtgezet, alhoewel 150 jaar Britse heerschappij gepasseerd is. Van welk nut is zo’n regering voor iemand? Alleen in een swarajgrondwet maak je kans om politieke macht te verkrijgen … zonder kan je onze mensen niet redden.”

Hoe dan ook, noch de Britse overheersing, noch de door dr. Ambedkar op papier gezette grondwet van India bracht de Dalits de lang gekoeterde bevrijding. De grondwet van dr. Ambedkar was wellicht een stap vooruit doch is verre van zaligmakend gebleken voor de Dalits. De Dalits zijn nog steeds voornamelijk zichtbaar op de bodem van de samenleving maar onzichtbaar op de plaatsen die er toe doen. Zo zijn er geen Dalits die als hoge ambtenaren functioneren. Ook zijn er opvallend weinig Dalit ondernemers (o.a. omdat banken hen moeilijk kredieten verschaffen en de hogere kastes hen niet wensen als zakenpartners). Eveneens de buitenlandse liefhebbers van sport en entertainment begint de achtergestelde positie van de Dalits op te vallen aangezien het Indiase cricket team slechts uit spelers bestaat van de hogere kastes. Dat is altijd zo geweest. In 88 jaar tijd zijn er zo’n 300 spelers geselecteerd en daarvan waren er in totaal slechts vier Dalits. Hetzelfde geldt voor Bollywood, waar heel weinig Dalits te aanschouwen zijn en al helemaal niet in heldenrollen (Dalits worden praktisch altijd als slachtoffers geportretteerd).

Wedermaal, beseffende hoe erg de Dalits in het verdomhoekje zitten is het des te opmerkelijker dat zoveel Dalits op Hindoe-nationalist Modi hebben gestemd. Een man die weinig op heeft met landgenoten buiten de hogere kaste Hindoes (in de praktijk zijn dat zowel direct als indirect diezelfde Dalits). Anderzijds dient het India geen enkel belang om een substantieel deel van haar bevolking systematisch achter te stellen. De geschiedenis heeft immers uitgewezen dat het achtergestelde deel van de bevolking vrij eenvoudig gemobiliseerd kan worden door een uitwendige vijand als vijfde colonne.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in The Grapevine Publications | Reacties uitgeschakeld voor Modi in de mode in India (2)

Lothar Seedorf

Lothar Matthäus was een Duitse stervoetvoetballer waar het Nederlandse publiek een gruwelijke hekel aan had. Hij is de succesvolste Duitse voetballer ooit en stond symbool voor de haat die Nederland decennialang voor de oosterburen koesterde, zowel op voetbalgebied als daarbuiten. Wat het Nederlandse publiek en voetbalautoriteiten betreft is Clarence Seedorf de Surinaamse equivalent van Lothar Matthäus. Met dien verschil dat de Nederlandse voetbalwereld geen macht had om de voetbalcarrière van der Lothar te frustreren. Men kon hem hooguit uitjouwen om te trachten hem uit zijn spel te krijgen, maar men had verder geen macht en invloed om hem van selecties uit te sluiten. Zodoende kon Matthäus uitgerekend tegen aartsrivaal Nederland op 23 februari 2000 in Amsterdam—in het hol van de oranje leeuw—zijn 144e interland spelen en daarmee een wereldrecord breken.

Voor Seedorf lagen de kaarten anders. Hij verwerd tot de inwendige aartsvijand van de Nederlandse voetbalwereld (zie De Terugkeer van de Black Star Line, Clarence Seedorfsyndroom). Nederland ging af op het EK van 1996 en de Surinaamse voetballers van Ajax (de kabel) kregen daarvoor de zwarte piet toegespeeld. Seedorf in het bijzonder omdat hij werd gezien als irritante wijsneus en leider van die groep. Bovenal, Seedorf zou gewoon niet kunnen voetballen…

Ajax had medio jaren ’90 een gouden generatie die na spectaculaire successen in de Champions League uitzwierf over Europa. Ze hebben bijna allemaal kansen gehad bij Europese topclubs. Sterspeler Litmanen speelde nadien bijvoorbeeld voor Barcelona en Liverpool, maar hij heeft na zijn vertrek bij Ajax nooit meer een bal goed geraakt. Dat wil niet zeggen dat alle Ajacieden mislukt zijn in het buitenland, maar geen van hen is zo met vlag en wimpel geslaagd als Seedorf. Zelfs de grote Cruijff is het na zijn vertrek bij Ajax in 1973 nooit meer gelukt om een Europa cup te winnen.

Desondanks heerste in Nederland lange tijd het idee dat Seedorf maar wat aan het aanrommelen was in Zuid-Europa en zijn carrière aan het mislukken was. Seedorf kwam bij Real Madrid inderdaad op een zijspoor nadat de Nederlandse trainer Guus Hiddink er (korte tijd) de scepter mocht zwaaien. Aldus verhuisde Seedorf in 1999 voor een voor die tijd zeer groot bedrag van Real Madrid naar Inter Milaan. Nederland was verbaasd dat een Italiaanse topclub zo diep in de buidel taste voor zo’n matige voetballer. Een vooraanstaande Nederlandse journalist vroeg vervolgens aan een vertegenwoordiger van Inter Milan of men bij Inter begreep dat de transfer van Seedorf in Nederland verwondering opwekte. Inter Milan antwoordde als volgt: “Nee, daar begrijpen we helemaal niets van. Seedorf is één van de grootste talenten ter wereld!”

Hoe hoog Seedorf’s ster buiten Nederland gerezen was bleek zeker ook uit het feit dat Juventus en Real Madrid serieuze plannen hadden om Seedorf te ruilen voor Zinedine Zidane. De ruil ketste uiteindelijk af en wereldster Zidane zou pas twee jaar later naar Madrid verkassen, maar de poging tot ruil geeft wel aan dat Seedorf buiten Nederland algemeen werd gezien als een voetballer van de buitencategorie.

Terwijl Nederland was blijven steken in het haten van hun surrogaat Lothar Matthäus ging Seedorf gestaag verder en won de ene na de andere Champions League. Uiteindelijk vier stuks met drie verschillende clubs. Daarmee is hij de succesvolste voetballer met een Nederlands paspoort ooit. In 2009, in de herfst van diens carrière, werd Seedorf nog op een voetstuk gezet door toptrainer Carlo Ancelotti: “Seedorf is één van mijn belangrijkste spelers. Hij is net als een terreinwagen. Hij speelt overal en verliest nooit aan rendement. Hij presteert altijd.” Het was absoluut geen politiek correct verhaaltje want in hetzelfde interview fikte Ancelloti topspelers als Ronaldinho en Gourcuff compleet af.

Clarence Seedorf heeft onlangs tegenover een groep jongeren en onder auspiciën van Matthijs van Nieuwkerk voor de tv-camera’s tekst en uitleg gegeven over de teleurstellingen van zijn voetbalcarrière. Of specifieker gezegd zijn interlandcarrière. Het doet Seedorf pijn dat zijn interlandcarrière door vooroordelen niet tot volle wasdom is gekomen. Echter, ondanks zijn vroegwijze uitstraling kwam hierbij tevens de naïviteit van Seedorf tot uiting. Seedorf dacht dat hij zuiver op zijn voetbalkwaliteiten beoordeeld zou worden, maar zo werkt het helaas niet overal en altijd noodzakelijkerwijs.

Beter was het daarom dat Seedorf het advies van zijn vader en het voorbeeld van zijn idool Rijkaard had gevolgd. Na de grote vijandigheid geconstateerd te hebben adviseerde Seedorf senior zoonlief zich niet meer beschikbaar te stellen voor Oranje. Ironisch genoeg zou dat zijn interlandcarrière een boost hebben gegeven. Dat is nl. precies wat Seedorf’s idool Rijkaard deed na zijn rode kaart bij het WK van 1990. Wat gebeurde er? Na enige tijd kroop bondscoach Rinus Michels op zijn blote knieën terug naar Rijkaard om hem te smeken zich toch maar weer beschikbaar te stellen. Iets vergelijkbaars geldt voor Seedorf’s kabelcollega Davids. Nadat hij weg was gestuurd van het EK 1996 voerde de Nederlandse pers de druk op bondscoach Hiddink dusdanig op dat Hiddink zich gedwongen voelde om Davids weer te selecteren. Zodoende kon Davids uitblinken op het WK 1998. Om zijn interlandcarrière te redden had Seedorf er daarom waarschijnlijk beter aan gedaan om na het EK 1996 te bedanken voor Oranje. Nog beter was het geweest als hij zich solidair had verklaard met Davids en samen met de pitbull het vliegtuig naar huis had genomen. In dat geval zou Seedorf nu wellicht eensgelijk Lothar Matthäus recordinternational zijn geweest.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in Column Djehuti-Ankh-Kheru | Reacties uitgeschakeld voor Lothar Seedorf

Modi in de mode in India (1)

Momenteel is India in allerlei opzichten booming. Zo kan het subcontinent na de economische crisis van 2008 de afgelopen jaren weer een economische groei van 6-7% per jaar claimen. Daarmee is het de snelst groeiende grote economie ter wereld. De economie van India is momenteel groter dan die van Frankrijk en zelfs hard op weg om voormalig kolonisator Groot-Brittannië te verstoten als vijfde grootste economie ter wereld. Onder meer de Indiase IT industrie is tot ongekende hoogtes gestegen: India mag zichzelf de grootste IT exporteur ter wereld noemen. Bovendien kregen voormalige koloniale mogendheden Groot-Brittannië en Nederland reeds in 2007 vanuit India een psychologisch koekje van eigen deeg toen Tata Steel het Britse Corus overnam (en daarmee tevens de voormalige Koninklijke Hoogovens IJmuiden). Daarnaast bezit India met Bollywood de grootste filmindustrie ter wereld. Eveneens op sportief gebied boekt India ongekende successen. Zo is de nationale cricketploeg de laatste jaren uitgegroeid tot praktisch het beste ter wereld.

De politieke baas van India is Narendra Modi. In 2014 won Modi de verkiezingen overweldigend en in 2019 opnieuw. Dusdanig overweldigend dat hij de eerste premier sinds 1971 is die een eenspartij meerderheid kan claimen. Desalniettemin is niet alles rozegeur en maneschijn onder premier Modi. Modi heeft nl. de keuze gemaakt om niet de premier te zijn van alle Indiërs. De man is een overtuigd Hindoe-nationalist. Zijn partij is de BJP (Bharatiya Janata Party), welke voortkomt uit de RSS (Rashtriya Swayamsevak Sangh). Dat is een uit vrijwilligers bestaande, rechtse, paramilitaire Hindoe-nationalistische organisatie. Eensgelijk Geert Wilders heeft Modi een gruwelijke hekel aan moslims, maar eveneens van de Dalits (de enige naam die de onaanraakbaren aan zichzelf hebben gegeven) moet hij weinig hebben. Of eigenlijk laat Modi een ieder die geen Hindoe is behorende tot de hogere kastes gaarne in de kou staan in het warme India.

Betoogd zou kunnen worden dat premier Modi op democratische wijze een absolute meerderheid heeft verkregen. Maar wil dat ook zeggen dat een absolute meerderheid de absolute macht van het Hindoe-nationalisme rechtvaardigt? Zeker in subcontinent India—het land dat over een decennium de meeste inwoners ter wereld telt—kunnen zgn. minderheden in absolute zin gigantisch groot zijn en kunnen daarmee in politieke zin toch lastig gerelativeerd worden. Anders kunnen 500 miljoen (!) niet-Hindoes de komende jaren hun hart vasthouden. Bovendien druist Modi’s streven naar een Hindoe-heilstaat in tegen de bedoelingen van de grondleggers van modern India (Gandhi, Nehru en Ambedkar) die een seculiere staat voor ogen hadden waar in principe ruimte is voor een ieder.

De BJP behartigt de belangen van de Indiërs van hoge kastes en het grote kapitaal. Dat weerhoudt de populistische Modi er echter niet van om (met succes) de kiezer zand in de ogen te strooien door zichzelf te profileren als een man van het volk die tegen de elite ageert. De BJP moet niets weten van polderen. Zo karakteriseerde de tweede man van de partij de moslims openlijk als termieten.

Doch ondanks dat het beleid van Modi’s BJP eveneens de Dalits ronduit vertrapt heeft Modi desondanks de Dalitkiezer aan zich weten te binden. Zo zijn er een bepaald aantal zetels in de parlementen van India die speciaal gereserveerd zijn voor de Dalits om hen de kans te bieden hun grote achterstanden weg te werken. Eveneens is er een partij die speciaal opkomt voor de belangen van de achtergestelde kastes en volkeren, de Bahujan Samaj Party (BSP). Zo won in 2017 Modi’s BJP 75 van de 85 voor Dalits gereserveerde zetels in het parlement van deelstaat Uttar Pradesh (200 miljoen inwoners), en de BSP slechts drie. Dit werd als zeer verrassend beschouwd aangezien de Dalits 21% van de bevolking vormen van Uttar Pradesh. Getuigen de op 23 mei jongstleden bekend gemaakte historische overwinning van de BJP hebben de Dalits wederom massaal op de BJP gestemd. Ondanks dat Dalitleiders verkondigd hebben dat Dalits geen enkele reden hebben om op Modi te stemmen vanwege onder meer de hoge werkloosheid onder hen, de agrarische crisis en de oplopende kosten voor het levensonderhoud. Hierbij kan opgeteld worden dat de regering Modi het prediken van haat en het plegen van geweld tegen moslims en Dalits gedoogt of zelfs aanmoedigt. Dat alles laat vele Dalitkiezers dus koud. Tot verbijstering van de Dalitleiders hebben de Dalits dus blijkbaar wederom massaal Modi hun adhesie gegeven middels het stembiljet om zijn anti-Dalit en anti-moslimbeleid voort te zetten. Hoe heeft Modi dat voor elkaar gekregen?

De eerste maal wond Modi de Dalits om zijn vinger door te beloven om hun ellendige omstandigheden te verbeteren (is dus niets van terecht gekomen) en de tweede maal ogenschijnlijk door twee symbolische wapenfeiten. Ten eerste benoemde de BJP Ram Nath Kovind, een Dalit, tot president van India (het presidentschap in India is veelal een ceremoniële functie, bovendien is Kovind ondanks zijn Dalit afkomst een overtuigd Hindoe-nationalist) ten tweede waste Modi in maart jongstleden als verkiezingsstunt demonstratief de voeten van vijf Dalit schoonmakers. Maar waarmee Modi bij veel Indiase kiezers in het algemeen bonuspunten heeft gescoord is het bombarderen van moslimterroristen vertoevend op het grondgebied van het gehate buurland Pakistan.

De steun die de Dalits als onderdrukte groep aan Hindoe-nationalist Modi verschaffen is opmerkelijk doch verre van uniek. Als onderdrukking succesvol is dan gaat de onderdrukte zich met zijn onderdrukker identificeren en de status quo bestendigen. Dat is een triest maar bekend fenomeen.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in Column Djehuti-Ankh-Kheru | Reacties uitgeschakeld voor Modi in de mode in India (1)

Het boreale coalitiegesprek

22 mei 2019 leek de voorbode te zijn van een nieuw dieptepunt in de geschiedenis van de linkerkant van het politieke spectrum in Nederland. Traditioneel streden een linkse en een rechtse politieke partij om de gouden medaille van de electorale strijd, maar die dichotomie leek tijdens de verkiezingscampsgne van het Europees parlement van 2019 te zijn verschoven. De nieuwe dichotomie zou dan rechts-extreemrechts zijn. Hetgeen zich uitte in een rechtstreeks tv-debat tussen premier Rutte en Forum voor Democratie voorman Thierry Baudet. Maar hoe pakte het uit? Een blauwe en een bruinhemdige hond vochten om een been, maar de rooie hond ging ermee heen!

Forum voor Democratie was de grote verrassing van de Provinciale Staten verkiezingen van twee maanden geleden. Het werd vanuit het niets de grootste partij, daarmee zelfs de dominante regeringspartij de VVD achter zich latend. De PvdA was vervallen tot een grauwe middenmoter met 8% van de stemmers achter zich. Twee maanden later is het tot verrassing van vriend en vijand ineens weer de grootste partij van Nederland en straft daarmee de arrogantie van de blauwen en de bruinhemden af die dachten in een live uitgezonden onderlinge tv-debatfinale uit te kunnen maken wie de grootste partij van het land zou worden.

Hoe representatief de recentste verkiezingen precies zijn is echter discutabel aangezien de opkomst laag was. Maar de eurofiele en neomalthustische factie kon deze ronde in ieder geval luid juichend de champagneflessen ontkurken. Dit wordt wel het Timmermans-effect genoemd. Timmermans was de enige lijsttrekker van de verkiezingen voor het Europees parlement die goed bekend was bij de Nederlandse kiezer. Hij overschaduwde de lijsttrekker van de VVD zelfs dusdanig dat net zoveel VVD-stemmers dachten dat hij de lijsstrekker van de VVD was als Malik Azmani (de echte lijsttrekker van de VVD). De grote bekendheid van ‘Brusselmans’ kon gezien worden als een belangrijke aanwijzing dat de PvdA wel eens groots zou kunnen gaan toeslaan bij de verkiezingen.

De VVD promoveerde een xenofobe halve Marokkaan tot hun lijsttrekker (hij pleitte in maart 2015 openlijk in de Tweede Kamer voor het sluiten van de grenzen), maar is daarmee wellicht slachtoffer geworden van een xenofobe paradox, aangezien dat gegeven bepaalde xenofobe kiezers er wellicht juist van weerhouden heeft om op de VVD te gaan stemmen (omdat ze sowieso niet op een Marokkaan stemmen).

De PVV is in de ogen van menig kiezer door de jaren heen niet daadkrachtig genoeg gebleken en lijken om die reden de FvD een kans te gunnen. Zodoende slokte FvD drie van de vier Europese zetels van de PVV op. Maar als de PVV afgerekend is op het gebrek aan daadkracht dan lijkt de FvD vooralsnog in dezelfde valkuil te trappen als de PVV. Evenzo de PVV profileert de FvD zich dusdanig bot en compromisloos dat bepaalde partijen weigeren ermee samen te gaan werken. Maar dat geldt uiteraard niet voor de VVD van Mark Rutte. Die hoopt kennelijk in de toekomst juist met Baudet en consorten samen te gaan werken. Vandaar dat Rutte live op de televisie alvast een oriënterend coalitiegesprek ging voeren met Baudet. Alleen benoemde hij het met het eufemisme ‘debat’ om de ware bedoeling voor het gepeupel te verhullen.

Thierry Baudet heeft direct en indirect met regelmaat gecommuniceerd dat hij de mensen afkomstig van buiten Europa in het algemeen en Afrikanen in het bijzonder ziet als üntermenschen die de boreale mens homeopathisch verdunnen en daarom geweerd dienen te worden. Rutte kwam Baudet in de aanloop naar het debat tegemoet door te verkondigen dat illegale asielzoekers “als zoef de haas terug moeten naar Afrika.”

De premisse van het debat was de bescherming van het Bataafse deel van de boreale wereld. De kaders van het zogenaamde debat waren volledig geborealiseerd. De vraag was alleen of dat het beste buiten of binnen de EU gerealiseerd kan worden en of je dat als politicus moet doen door praktisch open kaart te spelen zoals Baudet of door de boodschap te verpakken in codetaal?

Het feit dat de Nederlandse regering het Anglo-Amerikaanse imperialisme praktisch onvoorwaardelijk steunt waardoor er een enorme vluchtelingenstroom richting Europa op gang is gekomen is bij de boreale partijen onderling natuurlijk absoluut geen punt van discussie. Alhoewel er steen en been geklaagd werd over de EU werd er anderzijds geen woord gerept over de exportsubsidies die de EU verschaft waardoor Europese agriërs hun Afrikaanse collega’s vrij eenvoudig uit de markt kunnen prijzen waardoor Afrikaanse boeren hun bron van inkomsten verliezen en vervolgens de stroom van economische vluchtelingen op gang komt die Rutte als zoef de haas terug naar Afrika wenst te bonjouren.

De trend in de EU is dat de nationalistische, eurosceptische partijen steeds groter worden. Nederland is daarvan wellicht voor het moment verschoond dankzij een nationalistische paradox. Nederland is in euforie vanwege het winnen van het Eurovisie songfestival voor het eerst sinds mensenheugenis. In het verlegde daarvan is Nederland eveneens fier dat landgenoot Timmermans een serieuze kans maakt om voorzitter te worden van de Europese Commissie. Dus waar het nationalisme elders om het hardst roept dat er afgescheiden dient te worden van de EU leefde bij de Nederlandse kiezer de hallucinatie dat Nederland in de persoon van Timmermans in hun naam de EU overneemt. Hierdoor kon een dag na hun historische openbare coalitiegesprek het feestje van Rutte en Baudet reeds verziekt worden in het stadium van de voorpret. Althans, wat deze verkiezingsronde betreft…

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in The Grapevine Publications | Reacties uitgeschakeld voor Het boreale coalitiegesprek

Genocide in Zuid-Afrika

Jongstleden waren er weer parlementsverkiezingen in Zuid-Afrika. Wederom kwam het ANC als grote winnaar uit de bus. Liefst 57,51% van de stemmers heeft de voorkeur gegeven aan het ANC. Dat is een % waar de meeste politieke partijen in vrijwel ieder ander willekeurig land slechts van kunnen dromen. Desalniettemin is er reden van zorg voor het ANC. Sinds de juridische afschaffing van de apartheid in 1994 is het ANC weliswaar onafgebroken veruit de grootste politieke partij geweest van Zuid-Afrika, maar de democratische overheersing begint evident wel scheurtjes te vertonen. Ondanks de klinkende overwinning was heeft het ANC nog nooit zo weinig stemmen begroet. Het was zelfs de eerste maal dat het ANC minder dan 60% van de stemmers achter zich wist te scharen.

Troost voor het ANC is dat eveneens de DA (Democratic Alliance) electoraal bakzeil heeft moeten halen. De DA is nl. de grootste oppositiepartij. Bij de verkiezingen van 2014 haalde de DA 22,2% van de stemmen maar in 2019 moesten ze een sprongetje terugdoen naar 20,77%. De DA is de partij van de niet-Zwarte bevolking van Zuid-Afrika in het algemeen maar wit Zuid-Afrika in het bijzonder. Maar er zitten ook Zwarten bij de DA, zoals de huidige leider Mmusi Maimane. Desalniettemin wordt de DA er nog wel eens van beschuldigd een racistische partij te zijn. Zo heeft voormalig leider van de DA, Helen Zille, op de sociale media gewezen op hetgeen volgens haar de positieve kanten van kolonialisme en apartheid waren. Om de onrust die ontstond te smoren werd Zille geschorst door de partijleiding.

De meest spraakmakende oppositiepartij is natuurlijk de EFF (Economic Freedom Fighters) van voormalig ANC’er Julius Malema. De EFF heeft zich laten inspireren door Frantz Fanon en de anti-kolonialistische president van Burkina Faso Thomas Sankara. De EFF zet zich scherp af tegen zowel het ANC als de DA. De EFF betoogt dat apartheid ondanks bepaalde politieke concessies nog steeds bestaat: “Het economische systeem dat Zwarte mensen marginaliseert en exploiteert.” Hoe dan ook, in 2011 leefde zoveel als 54% van de Afrikanen in armoede en slechts 0,8% van de witte mensen. Een situatie die sindsdien niet noemenswaardig is verbeterd. Met name het feit dat het meeste land nog in handen is van de afstammelingen van witte kolonisten zet veel kwaad bloed. Eensgelijk als in Zimbabwe wil de EFF daarom witte boeren gaan onteigenen zonder ze daarvoor te compenseren.

Het ANC zit met name wat betreft de landhervormingen in het spagaat tussen de DA (die op vrijwillige basis land wil kopen van witte boeren om te herverdelen) en de EFF. Het ANC heeft dit voorlopig opgelost door aan te geven voor landonteigening zonder compensatie te staan maar er geen tijdslimiet aan te verbinden (de vraag is echter hoe lang het ANC de kool en de geit kan sparen). Een klein groepje Zwarte Zuid-Afrikanen is sinds de officiële afschaffng van de apartheid zeer vermogend geworden en heeft dus belang bij het handhaven van de status quo. De top van het ANC heeft à la Judas de ziel verkocht voor dertig zilverlingen. Als beloning daarvoor mocht dus die kleine groep Zwarte Zuid-Afrikanen schatrijk worden. De huidige president van Zuid-Afrika, Cyril Ramaphosa, staat symbool voor betreffende nouveau riche aangezien hij de op één na bemiddeldste Zwarte persoon van Zuid-Afrika is.

Om meerdere redenen zijn de politieke ontwikkelingen te Zuid-Afrika mondiaal van belang. Zuid-Afrika wordt nl. door politieke activisten uit de hele wereld en van allerlei pluimage als gidsland gezien. Enerzijds wordt Julius Malena in de Pan-Afrikaanse wereld als een held beschouwd. De internationale Alt Right hoopt daarentegen hartstochtelijk dat de pleuris uitbreekt in Zuid-Afrika zodat ze hun gelijk kunnen halen. In die geest wordt er al jarenlang stemming gemaakt over een vermeende genocide van witte Zuid-Afrikanen (in Nederland speelt PVV’er Martin Bosma op dat terrein een voortrekkersrol). Zelfs Donald J. Trump heeft middels twitter zijn zorgen geuit over de genocide van witte boeren te Zuid-Afrika.

De waarheid is dat er totaal geen sprake is van een geplande volkerenmoord op witte boeren. Het probleem is armoede. Door de grote armoede is het crmininaliteitscijfer in Zuid-Afrika hoog en zijn ook witte boeren het slachtoffer van criminelen. Niet vanwege hun huidskleur maar vanwege hun weelde. Integendeel hebben witte Zuid-Afrikanen statistisch juist de minste kans om vermoord te worden. Gezien het zowel absoluut als relatief hoge % Zwarte Afrikanen dat vermoord wordt zou beter betoogd kunnen worden dat er een genocide plaatsvindt op Zwarte Zuid-Afrikanen: vorig jaar zijn er in Zuid-Afrika 20.000 mensen vermoord, en slechts 62 daarvan waren witte boeren. Nota bene het laagste aantal vermoorde witte boeren in 20 jaar tijd. Er zijn simpelweg geen Zuid-Afrikaanse varianten van de SD en SS die systematisch jacht maken op witte boeren. Uiteindelijk kunnen zowel de economische genocide op Zwart Zuid-Afrika als de mythe van de genocide op witte boeren gestaafd worden met cijfers.

Doch zij die een boreale samenleving nastreven smachten naar een uitbarsting van geweld in het zuidelijkste land van Afrika ten koste van witte boeren. Want dan kunnen ze scanderen: “Kijk eens, dit is wat er gaat gebeuren als je te veel niet-boreale untermenschen in het algemeen, maar Afrikanen in het bijzonder, zo maar het land binnenlaat!” Al die Alt Right-figuren die die witte boeren zogenaamd ondersteunen zijn daarom in werkelijkheid ook niet hun vrienden maar hun vijanden, omdat die hypocrieten heimelijk hopen dat ze afgemaakt worden!

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy !

0Shares
0 0
Geplaatst in Column Djehuti-Ankh-Kheru, The Grapevine Publications | Reacties uitgeschakeld voor Genocide in Zuid-Afrika