De erfenis van Moeder Kofi

Marcus Garvey is zoals bekend één van die historische figuren die door eurocentrische historici het liefste straal genegeerd worden. Als dat niet blijkt te werken wordt de man compleet door het slijk gehaald. Of die smeercampagne effect heeft gehad is echter de vraag. Want met name dankzij reggaemuzikanten die gelieerd zijn aan de rastafari-beweging is zijn erfenis tegen de verdrukking in levend gehouden. Terecht ook, want iedereen die pretendeert de moderne geschiedenis te schrijven van mensen van Afrikaanse komaf maar Garvey durft te negeren is zeer vooringenomen bezig. Los van de vraag of je voor of tegen bent, je bent professioneel verplicht hem te noemen en becommentariëren.

Als Garvey al een probleem heeft betrekkende zichtbaarheid in de mainstream geschiedschrijving, dan zal men begrijpen hoe het met de zichtbaarheid gesteld is van de personen die op hun beurt door Garvey zijn overschaduwd in de geschiedenisboeken. Zelfs door garveyisten. Neem bijvoorbeeld Laura Adorkor Kofi (eveneens bekend als Moeder Kofi). Zo weidt Tony Martin, de grote historicus van de Garvey-beweging, slechts een paar zinnetjes over haar uit. En dan is Martin nog genereus, want andere met het garveyisme sympathiserende historici negeren haar volledig. Niettegenstaande het feit dat ze op een gegeven moment door Garvey en zijn vetrouwelingen als een grote rivale werd beschouwd…

Laura Adorkor Kofi was een Ashanti-prinses woonachtig in de stad Kumasi (hedendaags Ghana). Naar verluidt werd ze in 1893 geboren en in 1918 emigreerde ze naar de VS. Doch beslist niet als economische migrant, maar uit ideële overwegingen. Naar eigen zeggen was aan haar door god geopenbaard dat het haar roeping was om Zwarte mensen over de ganse wereld, maar die uit de VS in het bijzonder, te bevrijden. Dus trok ze naar de VS om het Afrikaans-Amerikaanse volk te bevrijden door ze mee terug te nemen naar Afrika.

Ze leefde enige tijd in Detroit maar sloot zich halverwege jaren ’20 aan bij de UNIA (de organisatie van Garvey) en werd ongekend populair. Binnen een paar maanden was ze na Garvey zelfs de populairste persoon binnen de organisatie. Ze werd vooral naar het zuiden gestuurd om lezingen te geven. Overal waar ze sprak werd ze als een popster onthaald door duizenden enthousiaste toeschouwers. Zoiets was nimmer vertoond!

De meeste Zwarte Amerikanen hadden nog nooit iemand die in Afrika geboren en getogen was in levende lijve gehoord noch aanschouwd, wat hen nieuwsgierig maakte. Los van dat was het vooral haar boodschap dat aansprak. Ze verhaalde gepassioneerd over de grootsheid en potentie van Afrika, ze benadrukte dat Zwarte mensen trots moesten zijn op hun afkomst, ze sprak over repatriëring naar Afrika als bevrijding en dat er een goddelijke band was tussen Afrikanen van het continent en mensen van Afrikaanse komaf in de Amerika´s, etc., en dat ging er bij Zwarte Amerikanen vertoevend in het door en door racistische zuiden in als zoete koek.

Aanvankelijk stond Garvey vierkant achter Moeder Kofi, maar dat veranderde nadat hij het gevang in moest wegens vermeende postfraude. Garvey’s verbanning van de maatschappij had geen negatief effect op de populariteit van Moeder Kofi, integendeel. De immens populaire Kofi bezocht Garvey in de gevangenis en waarschuwde hem voor de vele onbetrouware mensen in zijn organisatie, maar dat werd haar niet in dank afgenomen. In plaats van haar waarschuwing ter harte te nemen ging Garvey Kofi als een bedreiging zien en begon zich publiekelijk van haar te distantiëren. Erger nog, de UNIA-top trachtte karaktermoord op haar te plegen. Zo werd beweerd dat Moeder Kofi nep was: ze zou helemaal niet uit Afrika komen, maar als Laura Champion geboren en getogen zijn in de VS (inmiddels hebben geleerden na grondig onderzoek vastgesteld dat ze wel degelijk in Ghana is geboren en getogen). Bovenal begonnen fanatieke UNIA-leden haar meetings te verstoren, waaruit ze opmaakte niet meer veilig te zijn.

Pogingen om zich met de UNIA te verzoenen mislukten. In 1927 distantieerde Garvey en de UNIA zich zelfs publiekelijk van Kofi. Hierop begon Kofi haar eigen kerk, de AUC (African Universal Church). Deze kerk plaatste het Zwarte nationalisme à la Garvey in een religieus raamwerk. Op 28 maart 1928 gaf ze weer een lezing voor duizenden mensen in Miami. Eensgelijk Malcolm X decennia later liet ze haar beveiliging verslappen, hetgeen een fanatieke Garveyite de kans gaf een vuurwapen te trekken en Moeder kofi op de kansel tijdens haar lezing te vermoorden.

De moord op Moeder Kofi betekende niet het einde van haar kerk. Haar kerk met als droom repatriëring en handel drijven met Afrika werd voortgezet door dominee Eli Nyombolo uit Zuid-Afrika. In Jacksonville, Florida werd ter ere van Moeder Kofi een gemeenschap opgebouwd genaamd Adorkaville. Betreffende gemeenschap bereidde zich voor op repatriëring naar Afrika en dreef tevens zoveel als mogelijk handel met Afrika. Daarnaast vestigden Afrikanen van het continent zich ter plaatse om de bewoners van Adorkaville inheemse Afrikaanse talen te leren (door de invloed van dominee Nyombolo waren met name de talen van zuidelijk Afrika dominant aanwezig), waardoor de gemeenschap meertalig werd. Na het heengaan van dominee Nyombolo in de jaren ’70 viel de kerk en gemeenschap uiteen: Adorkaville stierf uit. Maar de laatste jaren zijn er in Jacksonville plannen ontwikkeld om Adorkaville te vereeuwigen. Een speciale commissie heeft Adorkaville tot historic site gepromoveerd en het is de bedoeling dat het gerestaureerd wordt in haar oorspronkelijke staat en dat er een museum wordt geschapen.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

This entry was posted in The Grapevine Publications. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *