Won Pan-Afrika of Frankrijk de wereldbeker?


Ondanks dat de Afrikaanse landen historisch zwak gepresteerd hebben op het WK 2018 is Pan-Afrika volgens menigeen toch in vermomming wereldkampioen voetbal geworden op 15 juli 2018. Zo twitterde voormalig Nigeriaans international Sunday Oliseh: “Eindelijk wint Afrika haar eerste wereldbeker, maar in Franse kleuren lol. Gefeliciteerd Frankrijk, het is verdiend.” Want het surrogate Afrikaanse team Frankrijk wist voor de tweede maal goud op te eisen ten aanschouwe van de wereld. Frankijk rekende bovendien af met teams die in het meer en minder recente verleden op dramatische wijze Afrikaanse teams de weg hadden versperd, zoals Uruguay en Argentinië. Met name de match contra Argentinië zou in de toekomst wel eens van grote symbolische waarde kunnen blijken, omdat in die wedstrijd de nieuwe koning van het voetbal de oude koning officieus ontroonde. Mocht de komende tijd uitwijzen dat de vlijmscherpe Messi daadwerkelijk bot is geworden en supertalent Mbapé de komende jaren inderdaad uitgroeit tot de beste voetballer ter wereld. Waarmee sinds Pelé’s pensioen een speler waarin Afrikanen zich kunnen herkennen weer ‘O Rei’ zou worden.

Overigens, voetballers van Afrikaanse komaf verdedigen reeds een kleine eeuw de kleuren van Frankrijk. De primeur kwam Raoul Diagny toe (zoon van de belangrijke politicus Blaise Diagny), en wel op 15 februari 1931 tegen Tjechoslawakije. In 1938 zou Diagny Frankrijk vertegenwoordigen op het WK. Maar sinds de jaren ’90 (of wellicht zelfs eerder) wordt Frankrijk door velen steeds meer ervaren als een verdwaald Afrikaans voetballand. Zowel door mensen die sympathiseren met de zgn. multiculturele samenleving als racisten en xenofoben. Zo hebben zowel Le Pen senior als Le Pen junior bij verscheidene gelegenheden verkondigd dat het onnatuurlijk is om Frankrijk te laten vertegenwoordigen door zoveel niet-witte voetballers: het zou nl. geen afspiegeling zijn van de Franse bevolking. Woorden van gelijke strekking zijn geuit door Le Pen’s Vlaamse collega Filip de Winter. In ieder geval na de WK finale van 2006 tussen Italië en een Afriphone Frankrijk.

Frankrijk dreigde te Zwart te worden. Dat zou ook de reden zijn dat succestrainer Jean Tigana eind jaren ’90 geen bondscoach van het land mocht worden. Officieel is dat natuurlijk nimmer verkondigd, maar via de wandelgangen zou gelekt zijn dat de ware reden voor de afwijzing van Tigana was dat de bobo’s van de FFF (Franse voetbalbond) vonden dat het Franse nationale team te melaninerijk werd met zoveel Zwarte spelers in de selectie en dan ook nog eens een Zwarte bondscoach? Omgekeerd worden witte Franse coaches—vaak van de tweede garnituur—weer bij voortduring aangesteld als keuzeheren van Afrikaanse elftallen.

Hoe dan ook, de gemiddelde Fransman is zo trots als een pauw op de eindzege in de vierjaarlijkse surrogaat wereldoorlog. Nota bene op het grondgebied van de klassieke erfvijand Rusland. Alwaar zelfs Napoleon roemloos strandde. Ongeacht dat het keurcorps werd gedomineerd door zij die sterk geassocieerd worden met het Pan-Europese immigratiedebat. Xenofoben kunnen daarom weinig inbrengen tegen dit soort successen. Anderzijds zou weer betoogd kunnen worden dat Frankrijk in deze de vruchten plukt van haar koloniale verleden. Maar daarin is Frankrijk zeker niet uniek. Nederland deed een aantal jaren geleden iets verglijkbaars door wereldkampioen honkbal te worden met een team dat gedomineerd werd door spelers met wortels in het Caribische deel van het koninkrijk.

Het wereldkampioenschap voetbal is echter veruit de meest prestigieuze sportprijs die er bestaat. Multicultureel drama of niet, de multiculturele samenleving zegevierde in deze dramatisch. Dit soort ongekende successen van de Franse multiculturele samenleving dragen er in zekere zin toe bij dat het concept Fransman wordt geherdefinieerd in de publieke opinie. Dat zit xenofobe politici die te pas en te onpas steen en been klagen over het multiculturele drama natuurlijk niet lekker.

Anderzijds, we moeten natuurlijk niet met de illusie gaan leven dat de successen van het vreemdelingenlegioen de Franse samenleving van racisme verschoond heeft. Net zo min als de wapenfeiten van Pelé en Garrincha Brazilië van racisme verschoonden, of de triomfen van Gullit en Rijkaard Nederland van de VOC-mentaliteit bevrijdde of the goldrush van het dream team de VS een stukje multi-etnisch paradijs op aarde maakte. Neen. De geschiedenis wijst helaas uit dat de maatschappelijke effecten van multiculturele sportsuccessen op de lange termijn toch betrekkeijk blijken.

Uiteindelijk lijkt het er toch op dat de zakelijke en politieke elite van Frankrijk het meeste gaat profiteren van Marrianne’s voetbalroem dat meerdere vaders kent. Juist omdat mensen uit Afrika en haar diaspora zo hard juichen voor Frankrijk. Net zoals het de witte racistische Braziliaanse bovenlaag was dat de vruchten plukte van het succes van Pelé en consorten, en niet de mensen uit de favela’s. Dankzij Pelé kon racistisch Brazilië zich in Afrika en ver daarbuiten onder valse voorwendselen profileren als een multicultureel paradijs en aldaar nieuwe markten aanboren. Brazilië was immers dat land met dat schitterende multi-etnische elftal dat die arrogante Westerlingen keer op keer genadeloos van de mat veegden. Hetzelfde geldt nu voor Frankrijk. Niet slechts Frankrijk, maar het hele Franse imperium deelt mee in het wereldkampioenschap. Of zoals je wilt, gans Pan-Afrika. Vanuit die insteek kan Frankrijk haar politieke en economische relaties met Afrika in het algemeen, maar haar voormalige koloniën (die onder de CFA zuchten) in het bijzonder, naar nieuwe hoogtepunten stuwen. Dus in feite heeft Frankrijk dubbelop gewonnen. Want uiteindelijk staat dat brok goud de komende vier jaar niet in Afrika maar in Parijs. Eensgelijk de harten van Pan-Afrika.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

This entry was posted in The Grapevine Publications. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *