Ontwikkelingshulp en sponsoring


Na de Tweede Wereldoorlog zat Nederland aan de grond. Maar gelukkig was de VS bereid Nederland en een aantal andere Europese landen er weer bovenop te helpen middels de Marshallhulp. Vervolgens gebeurde er iets merkwaardigs. Ondanks dat het Koninkrijk der Nederlanden militair compleet weggevaagd was en de bevolking vijf jaar lang aan den lijve had ondervonden hoe het is om gekoloniseerd te worden, viel het geplaagde koninkrijk in dezelfde imperialistische valkuil als de nazistische oosterburen. Het straatarme, door de nazi’s leeggeroofde Nederland moest nederig het handje ophouden bij de Yankees. Desondanks achtte het armlastige moeraslandje aan de Noordzee het nodig de gordel van smaragd op bommen en granaten te trakteren. Hoe dan? Nederland moest toch iedere cent omdraaien ter bevordering van de wederopbouw? Het hulpbehoevende Nederland misbruikte toch geen Amerikaanse ontwikkelingsgelden om een imperialistische oorlog te financieren?

Echter, als een Afrikaans land Nederlands ontwikkelingsgeld op vermeende oneigenlijke gronden aanwendt dan staat de hedendaagse polderlandse politiek op de achterste poten. Zo blijkt het arme Afrikaanse land Rwanda de rijke Engelse voetbalclub Arsenal te gaan sponsoren. Waar de Neerlandse politiek dit interpreteert als verkwisting van ontwikkelingsgeld ziet de Rwandese regering dit zelf als een goede investering: door betreffende sponsoring worden er meer toeristen naar Rwanda gelokt, hetgeen goed zou zijn voor de Rwandese economie. De Nederlandse bemoeienis werd door Olivier Nduhungirehe, de Rwandese minister van buitenlandse zaken, dan ook weggewuifd als zijnde een uiting van neokolonialisime. Daar valt wat voor te zeggen, zeker gezien het feit dat Nederland geen haar beter is. Nederland investeerde nota bene de Marshalhulp in een imperialistische oorlog gevoerd aan de andere kant van de wereld. We waren in deze dus getuigen van een klassiek geval waarbij de pot de ketel verwijt!

Maar in werkelijkheid is er iets heel anders aan de hand. Ondanks dat kritiek geuit richting Rwanda populair is in het hedendaagse Nederlandse politieke klimaat, is niet alles wat het lijkt. In werkelijkheid werd Rwanda helemaal niet aangevallen, maar schurkenstaat Rwanda werd juist op een subtiele manier beschermd. Er was hier sprake van een zogenaamde limited hangout. De beste manier om een schurk te verdedigen is nl. niet door te trachten zijn misdaden te vergoeilijken. Efficiënter is het om net te doen alsof je hem aanvalt. Je pakt meneer X bijvoorbeeld keihard aan op het feit dat hij de kat van de buurvrouw slaat. Dat is wellicht niet sympathiek, maar veel mensen zullen iets hebben van, who cares? Er zijn ergere misdaden te bedenken. Doch in werkelijkheid werd doelbewust naar buiten gebracht dat meneer X de kat van de buren mishandelt om te verhullen dat hij een moordenaar is.

In analogie, de huidige regering van Rwanda kan letterlijk van alles wat god verboden heeft beschuldigd worden. Want zoals we wel eerder hebben verkondigd, Paul Kagame, de huidige president van Rwanda, is de grootste massamoordenaar vertoevend op het aardoppervlak. Hij is de hoofdschuldige van de genocide die in 1994 Rwanda teisterde, en samen met collega Yoweri Museveni van Oeganda hoofdrolspeler in de genocide te Congo, welke de grootste genocide is sinds de Tweede Wereldoorlog. Om maar te zwijgen over de enorme hoeveelheid grondstoffen en mineralen die Rwanda weggedragen heeft uit Congo om te verkopen aan Westerse multinationals. Dus als de Nederlandse politiek daadwerkelijk serieuze kritiek had willen leveren op de regering van Rwanda, dan waren er 1001 legitieme redenen geweest om aan te geven waarom de Nederlandse ontwikkelingshulp niet op zijn plaats is ter plaatse. In plaats daarvan gaan ze klagen over sponsoring van een voetbalclub. Who cares? Dit is net zoiets als Adolf Hitler pakken voor het misbruiken van de Olympische Spelen in 1936 als propaganda-instrument, maar hem weg laten komen met ongekende oorlogsmisdaden en genocide.

Als we een stapje dieper zetten in de geschiedenis dan ontdekken we dat Nederland en Rwanda nog meer gemeen hebben: beiden hebben welvaart vergaard middels een imperialistische oorlog. Rwanda plundert dus de grondstoffen en mineralen van Congo. Recentelijk hebben activisten en wetenschappers ons er weer aan herinnerd dat Nederland tijdens de Ronde Tafel Conferentie in 1949 heeft bedwongen dat Indonesië fl 4,5 miljard schadevergoeding moest betalen aan haar voormalige kolonisator (waarvan er uiteindelijk zo’n fl 4,- miljard is betaald: door het koloniale gedrag van Nederland weigerde Indonesië het restant nog af te tikken).

Het was dus niet de Marshallhulp, maar Indonesië dat Nederland er na de oorlog weer bovenop heeft geholpen. Ten eerste omdat de Marshallhulp ‘slechts’ fl 1,5 miljard bedroeg, maar ook omdat de Nederlandse economie in de jaren ’50 een geweldige push kreeg van de kapitaalopbrengsten, pensioenen en spaargelden die vanuit Indonesië naar Nederland werden overgemaakt, en dan hadden we nog niets gezegd over alle inkomsten die het Nederlandse bedrijfsleven in Indonesië genereerde. Indonesische steun heeft dus de spoedige herindustrialisatie van Nederland mogelijk gemaakt, hetgeen een heel ander licht op le miracle hollandais werpt.

Dus los van het gegeven dat het erop lijkt dat de kritiek op de Rwandese sponsoring van Arsenal een limited hangout is, is het sowieso de vraag of Nederland wel het morele recht heeft om te oordelen over Rwandese wandaden die er daadwerkelijk toe doen, aangezien Nederland zelf(s) in het relatief recente verleden welvarend is geworden als kleptocratie, dankzij het voeren van imperialistische oorlogen. Bovenal blijft het de vraag hoeveel plunderwaar Nederlandse multinationals van Rwanda afnemen. Het feit dat Rwanda op subtiele wijze beschermd wordt doet het ergste vrezen…

DJEHUTI-ANKH-KHERU

This entry was posted in The Grapevine Publications. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *