Identificeerbare politiek

Inmiddels heeft een geplaagde Surinaamse onderneemster uit Hilversum definitief om oneigenlijke redenen de handdoek in de ring gegooid. Wat draaide haar de nek om? Het onophoudelijke getreiter van racistische, witte Hollandse jongeren en de lokale autoriteiten en justitie die hun laakbare gedrag gedoogden. Zoals ze zelf reeds aangegeven heeft, als het andersom was dan was Nederland te klein geweest: “Ik als zwarte vrouwelijke ondernemer, en ja, dit schrijf ik bewust op, heb van de politiek het gevoel gekregen dat mijn zaak niet ernstig genoeg is. Had het een verschil uitgemaakt als ik een witte Hollandse vrouw of met een joodse achtergrond door zwarte jongeren of islamitische jongeren was belaagd? Ja, durf ik bijna volmondig te beamen.” Sterker nog, we kunnen een parallel trekken. Hoe groot was de maatschappelijke verontwaardiging toen een Palestijn een Joods restaurant trachtte te verbouwen een paar maanden geleden? Er werden zelfs vragen over gesteld in de Tweede Kamer. Maar welke politicus waagt het om zijn handen te branden als deze maal het slechtoffer Zwart is en de straatterroristen wit?

Evenzo was er onlangs het tragische incident in Emmen, waarbij een politica van Somalische komaf uit wanhoop het campagnevoeren staakte vanwege de overweldigende racistische retoriek die ze op straat naar haar hoofd geslingerd kreeg. Nog immer wordt met regelmaat ontkend dat racisme in Nederland een serieus probleem is, en om die reden is het frappant dat uitgerekend Emmen dusdanig in het nieuws kwam. Deze gang van zaken is namelijk erg strijdig met de uitspraken van de eveneens in Emmen opgegroeide Zwarte presentatrice Iris van Lunenberg. Van Lunenberg beweerde het enige Zwarte meisje in Emmen te zijn en haar hele leven aldaar verschoond te zijn gebleven van racisme (wat ook heel goed mogelijk is is dat de naïeve van Lunenberg simpelweg het intellect ontbeert om racisme te herkennen).

Mensen van kleur hebben blijkbaar wel degelijk belang bij moedige politici die speciaal voor hen de nek uitsteken. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat al langere tijd witte politici zich specifiek bezig gehouden hebben met de belangen van mensen van kleur. Zo bekommerde Harry van Bommel zich jarenlang om zaken die met name voor Surinamers van belang zijn. Uiteindelijk publiceerde hij een boek met en over Surinamers. Het boek was ongetwijfeld met de beste bedoelingen uitgebracht, maar omdat in betreffend boek koloniaal taalgebruik werd getolereerd kreeg het een grimmig staartje. Enige tijd later verliet van Bommel de Tweede Kamer. Niet lang daarna zegde hij zelfs zijn lidmaatschap van de SP op. Het zou toch niet zo zijn dat de SP van Bommel heeft afgerekend omdat hij naar hun smaak te weinig Surinaamse kiezers heeft binnen weten te hengelen en negatieve publiciteit aangaande gedoe rond een boek zag als een soort van druppel die de emmer deed overlopen? Want gedeeltelijk vist de SP uit dezelfde vijver als de PVV en FvD, wat inhoudt dat ze een risico lopen als ze zich al te solidair verklaren met migranten. Enerzijds is het dus zo dat politici minder enthousiast zijn om hun nek uit te steken voor Zwarte mensen, anderzijds beloont het Zwarte electoraat politici die dat wel doen wellicht onvoldoende.

Na de laatste vorige verkiezingen bleek tot ontzetting van Zwart Nederland dat geen enkele politicus van Afrikaanse komaf meer lid was van de primaire volksvergadering. Of dat noodzakelijkerwijs een probleem is is echter de vraag, in het achterhoofd houdend dat er een groot verschil is tussen Zwarte politici en politici die Zwart zijn. Maar goed, als ‘herkenning’ als zaligmakend wordt beschouwd dan zijn in ieder geval bij de gemeenteraadverkiezingen van Amsterdam in die context drie electorale successen geboekt. Zo is de sociale zelfmoord gepleegd hebbende tv-persoonlijkheid Sylvana Simons opgestaan uit de dood en heeft zichzelf officieel nieuw leven ingeblazen als gekozen politica. Los van de vraag of men het eens moet zijn met de manier hoe ze politiek bedrijft en of de groep die haar het fanatiekste steunt wel voldoende vertegenwoordigd is in haar partijbestuur en kandidatenlijst, dwingt haar getoonde veerkracht respect af.

De partij die Sylvana in het holst van de nacht een dolk in de rug stak heeft zich inmiddels in liefst dertien gemeentes in de Raden genesteld. Met als hoogtepunt Rotterdam, waar de PVV aanvankelijk vier zetels mocht bezetten en gezworen aartsvijand de PVV twee. Maar na hertelling kon DENK een nog langere neus opzetten richting de vijand. DENK kreeg er nog een vierde zetel bij, en de PVV werd ten koste van de vierde zetel van DENK gehalveerd.

Blijkbaar vinden de migranten dat de traditionele politieke partrijen hun belangen verkwanselen. De algemene ruk naar rechts om de PVV de wind uit de zeilen te nemen zal niemand zijn ontgaan. Aan het laten verwilderen van de eigen ideologische veren blijkt een prijskaartje te hangen. De traditionele politiek wordt tegenwoordig dus niet slechts rechtsom maar evenzo linksom afgetekend afgerekend.

Wel vragen we ons af waar DENK was toen die Surinaamse onderneemster belaagd werd door Hollandse straatterroristen. DENK had zijn ideologie eer aan kunnen doen en zichzelf uitstekend naar een bepaalde relevante doelgroep toe kunnen profileren door Kamervragen te stellen over ’t Perronnetje, eensgelijk de PVV zich profileerde door Kamervragen te stellen over de Palestijnse man die een Joods restaurant te lijf ging in Amsterdam. Een gemiste kans voor open doel dus voor DENK, maar we zullen zien of DENK beter strijdt tegen de dubbele maat in de gemeenteraden.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

This entry was posted in The Grapevine Publications. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *