Piet Emmer en de WIC-mentaliteit (2)


Eurocentrische poortwachters à la Piet Emmer voeren zoals aangegeven hun stokpaardje (dat men de hedendaagse zienswijze niet op het verleden mag projecteren), momenteel vet met kribbes vol haver. De bedoeling is de geschiedenis van het Westen in het algemeen en Nederland in het bijzonder dusdanig te overwoekeren met cultuurrelativisme dat er geen enkele serieuze kritische kanttekening geplaatst kan worden over ernstige misstanden uit het verleden. Oftewel, massamoordenaars als Coen en consorten verdienen eeuwige roem omdat ze roemruchtig zouden zijn geweest volgens toenmalige maatstaven. Daar mag men postuum absoluut niet over emmeren.

Echter, Piet Emmer en zijn vele fans aan de rechterkant van het politieke spectrum zijn klaarblijkelijk dol op turnen, aangezien zij zich met hun selectieve cultuurrelativisme in een dusdanige spagaat hebben gemanouvreerd dat Simone Biles er een puntje aan kan zuigen. In de echte wereld is men nl. furieus contra cultuurrelativisme. Aanpassen of oprotten is het devies. Er zouden slechts universele normen en waarden bestaan, en alle culturen die daar niet in assimuleren zijn achterlijk. Dat wordt wat Nederland betreft op zijn minst sinds Fortuin fortuinlijk luid en duidelijk in het politieke discours en de mainstream media gescandeerd. Dus waarom ineens deze dubbele standaard?

Los van het voorgaaande is het maar de vraag of menigeen die zich vereenzelvigt met het Westerse nalatenschap zoveel positiever denkt over de extra-Westerse mens als zijn voorouders van honderden jaren geleden. Nog steeds worden Zwarte mensen over één kam geschoren met aapjes, getuige de tekst op een sweater van een bekend Zweeds kledingmerk. Eveneens kan verwezen worden naar de apengeluiden die tot begin 21e eeuw ongestraft gescandeerd werden richting Zwarte voetballers (wat Nederland betreft werd er pas paal en perk gesteld aan beledigende spreekkoren toen een witte vrouw, Sylvie Meis, aan de beurt was). Wat dacht men van zwarte piet? Hoe kan het dat in de 21e eeuw de meerderheid der Nederlandse bevolking het beledigen van Zwarte mensen nog altijd als een verworven grondrecht beschouwt?

Vaak wordt heden ten dage betoogd dat racisme voorbehouden is aan de tokkies, maar niets is minder waar. Zo kon topjurist Rolph Gonsalves zich na de Tweede Wereldoorlog ongestraft schuldig maken aan martelingen, brandstichtingen en racistische moorden op Irian Jaya. Voor zijn overzeese optreden werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. In 1986 werd hij zelfs gepromoveerd tot procureur-generaal. Toen aan de vele misdaden van Gonsalves in 1994 alsnog ruchtbaarheid werd gegeven door bepaalde media werden die door toenmalig minister Aad Kosto niet als een aanleiding gezien om maatregelen te nemen contra Gonsalves. Racistische moordenaar Gonsalves is dus vrijuit gegaan. Verder kon intellectueel Nederland zich in de 20e eeuw op drie grote schrijvers beroemen. Twee daarvan (W.F. Hermans en Gerard Reve) waren tot op het bot racistisch. Dat heeft echter weinig afbreuk gedaan aan hun naam en faam.

Elders in de Westerse wereld hetzelfde verhaal. Henry Kissinger was in de jaren ’70 nationaal veiligheidsadviseur en minister van buitenlandse zaken van de VS. In die hoedanigheid was hij schuldig aan de omverwerping van de democratisch gekozen Chileense president Allende om vervangen te worden door dictator Pinochet. Tevens was hij de drijvende kracht achter de Amerikaanse genocide in Vietnam. Desalniettemin mocht oorlogsmisdadiger Kissinger in 1973 de Nobelprijs voor de vrede in ontvangst nemen. Weer een andere Nobelprijswinnaar, Barack Obama, bombardeerde in 2011 het welvarende, progressieve Libië terug het stenen tijdperk in. Libië is in een dusdanige chaos vervallen dat er heden ten dage weer openlijk Zwarte Afrikanen worden verhandeld op slavenmarkten. Ondanks (of dankzij?) de vernietiging van Libië wordt Obama door menigeen nog altijd gezien als held.

Het is dus maar zeer de vraag of men in het Westen tegenwoordig noodzakelijkerwijs anders denkt over mensen van kleur en in het verlengde daarvan over ʽheldenʼ die mensen van kleur in woord, geschrift of daad onjuist bejegenen. Gezien hoe men heden ten dage kolonialistisch aandoende schurken vrijgeleides verschaft en decoreert, is het zeer de vraag of Coen vandaag de dag wel ter verantwoording zou zijn geroepen voor zijn misdaden. Als Gonsalves, Demmink, Kissinger, etc. weg kunnen komen met hun daden die het daglicht niet kunnen verdragen, waarom Coen niet? Het trieste is dat Piet Emmer’s opvolger over 300 jaar met precies dezelfde ʽhistorische contextʼ argumenten 20e eeuwse kolonialistische schurken als Colijn, Churchill, Kissinger, Truman, etc. zou kunnen gaan verdedigen. De door hun bedreven politiek zou in de 20e eeuw immers de gewoonste zaak van de wereld zijn geweest…

Grote verschil met vroeger is de publieke opinie. Tegenwoordig moet de politiek haar beleid tot op zekere hoogte verantwoorden aan het publiek. Vroeger was er geen democratie, dus hoefden regeringen zich in veel mindere mate te verantwoorden. Doordat de media de afgelopen jaren dankzij de digitalisering is gedemocratiseerd kan zelfs de stem van Zwarte mensen meer dan ooit gehoord woorden in het publieke debat. Waar Emmeraars in voorgaande eeuwen van een weerwoord van Zwarte mensen verschoond bleven, moet de huidige Emmer zich naar eigen zeggen heden ten dage dood ergeren aan Caribische jongeren van Afrikaanse komaf die in een slachtofferrol zouden kruipen en van al hun maatschappelijke falen de slavernij de blaam toekennen. Maar Emmer is verre van de enige die de meningsuiting van Afrikaans-Caribische jongeren onwelgevallig is. Zie hier Emmer’s recentste schotschrift om strijdbare Afrikaans-Caribische jongeren van repliek te dienen. Doch hoe lang zal de emmer te water gaan voordat hij barst?

DJEHUTI-ANKH-KHERU

This entry was posted in The Grapevine Publications. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *