De erfenis van George G.M. James

Pinterest


In 1954 werd het monumentale document Stolen Legacy: Greek Philosophy is Stolen Egyptian Philosophy gepubliceerd. De auteur was George G.M. James. Mensen van Afrikaanse komaf koesteren het als een kroonjuweel in de historiografie. Anderzijds werd het eurocentrische academische establishment witheet van woede. Het boek staat zo ongeveer bovenaan de heimelijke index van academische literatuur. In tegenstelling tot verschillende andere geleerden nam James geen verdedigende positie in, in de zin van dat hij trachtte aan te tonen dat niet alleen het Westen, maar ook Afrika beschaving kende, neen. Tot verbijstering van het establishment verkoos James de aanval. Volgens het eurocentrische paradigma was Griekenland de bakermat van de wijsbegeerte en wetenschap: de hoogste beschaving die er ooit zou zijn geweest op aard. James zei echter keihard dat er helemaal niet zoiets bestaat als Griekse filosofie, maar dat het gewoon gestolen Afrikaanse filosofie is. Erger valt het eurocentrische establishment, dat de slavernij en het kolonialisme verdedigt met de mythe dat het Westen beschaving in de wereld heeft gebracht, natuurlijk niet te beledigen!

Alhoewel het document van James grote impact heeft gehad is er weinig over de man bekend. Er is dan ook nimmer een biografie van hem verschenen. In ieder geval, zo´n twee jaar na de publicatie van de klassieker maakte James zijn transitie (30 juni 1956). Volgens sommige bronnen gebeurde dit onder verdachte omstandigheden. Enige tijd was Jamesʼ klassieker verdwenen, maar in 1976 slaagden Julian Richardson en Asia Hilliard erin Stolen Legacy herdrukt te krijgen. Zodoende kon een nieuwe generatie, die de klassieker slechts kende van o.a. referenties in de boeken en lezingen van dr. ben-Jochannan, er hun voordeel mee doen. Tot groot afgrijzen van menig eurocentrisch professor die met kritische vragen bestookt werd als hij of zij de Griekse oorsprong van de Westerse beschaving trachtte te propageren.

George G. M James werd op 9 november 1893 geboren in de Britse kroonkolonie Guyana als zoon van dominee Linch B. en Margaret E. James. Hij ronde zijn middelbare school af in zijn geboorteland om vervolgens in Engeland BA´s te behalen in de letteren en de theologie aan Durham University. Op London University haalde hij nog verschillende andere titels. Zo was hij onder meer kandidaat voor de prestigieuze D. Litt degree (een promotie aan de universiteit die hoger aangeslagen wordt dan een Ph. D). Uiteindelijk zou James naar de VS emigreren alwaar hij zou promoveren (waarschijnlijk in de Griekse en Latijnse Taal en Cultuur). Eveneens behaalde hij certificaten die hem bevoegd maakten om Grieks, Latijn en wiskunde te doceren op de middelbare school.

James was onder meer twee jaar verbonden als professor logica en Grieks aan Livingston College, Salisbury in North Carolina, en tien jaar professor taalwetenschappen en filosofie aan Johnson C. Smith College te Charlotte, North Carolina, twee jaar professor wiskunde aan Georgia State College, en een jaar professor sociale wetenschappen aan Alabama A & M College te Normal, Alabama. Zijn laatste baan was professor sociale wetenschappen aan de University of Arkansas, Pine Bluff.

Om maar aan te tonen dat James zeer erudiet was. Eensgelijk dr. Cheikh Anta Diop was de man multidisciplinair opgeleid. Dat valt ook af te leiden uit zijn magnum opus Stolen Legacy. Ondanks dat het in een taal is geschreven dat ook de leek het kan begrijpen, is het uitermate goed onderbouwd. Nauwgezet toont hij de Afrikaanse invloed op de Griekse filosofie aan. Continu refereert hij aan bronnen waarin hetgeen hij beweert geverifieerd kan worden. Men zou wellicht kunnen betogen dat ʽdiefstalʼ een erg sterk woord is. Desalniettemin, sindsdien zijn vorsers als Diop, Obenga, Bernal, etc., in de voetsporen van James getreden en hebben bevestigd dat de Griekse beschaving inderdaad fundamenteel beïnvloed is door de priesters van de Nijlvallei.

Het eurocentrische establishment doet reeds meer dan zestig jaar haar uiterste best om Stolen Legacy te negeren. Als dat niet lukt dan haalt het alles uit de kast om James compleet bespottelijk te maken. Zo heeft het in de jaren ʼ90 de mythe gecreëerd dat James wars was van chronologie en geen flauw benul had wanneer Alexandrië en het Museum zouden zijn gesticht. Maar zoals we elders lieten zien is de waarheid dat James precies wist waar hij het over had en dat juist zijn eurocentrische antagonisten compleet onwetend bleken te zijn van de antieke geschiedenis van Alexandrië van voor de komst van Alexander van Macedonië.

Zijn onschatbare bijdrage aan de historiografie van de Zwarte mens ten spijt wordt James zowel door de autoriteiten van zijn geboorteland Guyana als de University of Arkansas straal geneerd. Guyana kan James wellicht over het hoofd hebben gezien omdat hij in het buitenland carrière maakte. Dat kan echter moeilijk gezegd worden van Arkansas. Toen James Stolen Legacy schreef was hij nl. professor aan de historisch Zwarte University of Arkansas. Echter, als men vandaag de dag betreffende historisch Zwarte universiteit bezoekt dan wordt gedaan alsof professor James nimmer heeft bestaan. Geen enkele vorm van eerbetoon aan James is er te vinden. Triester nog, in de bibliotheek van de Zwarte universiteit in kwestie is zelfs geen copie van Stolen Legacy te bekennen. Anderzijds geeft één en ander aan hoe moedig James was. De meeste Zwarte intellectuelen lopen nl. braaf aan de leiband van het eurocentrische establishment uit vrees voor hun carrière. Zo zeer zelfs dat ze zo nodig de prijsloze erfenis van James laten stelen door de vergetelheid.

DJEHUTI-ANKH-KHERU

Share and Enjoy

  • Facebook
  • Twitter
  • Delicious
  • LinkedIn
  • StumbleUpon
  • Add to favorites
  • Email
  • RSS
This entry was posted in The Grapevine Publications. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *